We staan te wachten op het optreden van Donnie en het valt op dat het hele veld vrijwel volloopt!
Het zonnetje breekt door!!(Mara)Donnie, koning “T” begint sterk met z’n smiechtenhok, ondanks de podiumvrees staat hij als een beest op het podium.

Het gros van ’t publiek voelt de vibe die bij ‘het raam naar beneden rollen’ het Frederiks park wordt in geblazen.

De zon schijnt nog steeds en we ‘chillen met chickies’. De pit, die groot moet, verschijnt op verschillende plekken op het veld! Donnie vervolgt z’n set met veel branie hij staat lekker op het voorste puntje van het podium te spitten!

We vervolgen met een hart onder de riem voor Raymond van Barneveld met ‘180 op de autobahn’ . De zon schijnt nog steeds dus de snelle planga’s blijven op! ‘René Froger in de rode range rover’ scheurt ook nog even door het park.

Het podiumvrees verandert in ‘pleinvrees’ iedereen moet gaan zitten maar schiet weer omhoog om vervolgens door de ‘tuinslang’ geblust te worden.

Donnie houdt het publiek vast,a ‘Barry Haye’ knalt uit de speakers.

Die hij in dit geval rookt!

Donnie bedankt.

Door: Reinoud en Jean Philippe

Vrijheid betekent voor iedereen wat anders. Voor de ene is het niet opgesloten zitten, terwijl het voor de ander weer een hele andere betekenis heeft, bijvoorbeeld mogen gaan en staan waar je zou willen. Vrijheid is ook zeker niet van zelf sprekend. Helaas zijn er zelf in deze tijd nog te veel landen waarbij er veel corruptie is, vrije pers niet toegestaan is en veel mensen in gevangenschap genomen worden als ze zichzelf willen uitdrukken of tegen de ideeën van de overheid ingaan. Dit zijn allemaal voorbeelden van onvrijheid. Wij in Nederland hebben het zeker erg goed als je naar de rest van de wereld kijkt, ook al zou je daar misschien niet bij stilstaan. Zo hebben wij vrijheid van meningsuiting, weinig corruptie en ga maar zo door.

Na ons interview met Heleen zagen wij weer in hoeveel  vrijheid wij eigenlijk hebben in Nederland en dat wij ook in een hele fijne omgeving mogen opgroeien en leven. Dit kan niet gezegd worden over de hele wereld en daarom mogen wij hier zeker blij mee zijn.

Heleen

Heleen Smit is een gelukkige vrouw die nu sinds 1946 in Nederland woont. Heleen woont nu op zichzelf nadat haar man is overleden. Ze geeft als gast les op verschillende scholen waarbij ze vertelt hoe het is om als kind de oorlog mee te hebben gemaakt. Ook zit ze in clubs zoals de leesclub.

Maar Heleen woonde niet altijd in Nederland. Ze is geboren in Nederlands-Indië en is daar ook opgegroeid. In dit verslag wordt Heleens verhaal verteld.

Voorgeschiedenis

Mijn vader was leraar in Nederland, was getrouwd, maar had een rommelig huwelijk. Hij werd uitgezonden naar Nederlands-Indië om daar les te geven door de Nederlandse regering. Ze kenden daar niemand en op een gegeven moment besloten ze te scheiden.

Mijn moeder kwam ook uit Nederland en werkte als secretaresse in een firmabedrijf op Nederlands-Indië. Hier hebben ze elkaar ontmoet.

Heleen is geboren in Batavia (Jakarta) in 1933.

De bezetting

Omdat Heleen tien was merkte ze niet heel veel van de aankomende oorlog en stond ze er ook niet echt bij stil. Maar op een dag zag ze dat haar ouders de hele tijd intensief naar de radio aan het luisteren waren. Haar moeder kreeg les in vrachtwagens besturen zodat zij het leger eventueel zou kunnen vervoeren. Haar vader werd stadswachter. Dit hield in dat hij de stad zou helpen te verdedigen.

“Je kon echt merken dat Indië zich aan het voorbereiden was op de oorlog…”

“Een stoet van kleine Japanse mannetjes op fietsjes met niks anders aan dan een schaamlapje die binnenkwamen.”

Dat vond ik toch wel raar en iets wonderbaarlijks, vertelde Heleen. Hierbij was Nederlands-Indië bezet.

Voordat ze het wisten kreeg haar vader het bericht zich te moeten melden. Alle mannen verdwenen uit het dorp.

De reis

Heleen heeft in 3 kampen gezeten, waarvan de eerste een afgesloten woonwijk was, de tweede een school en de derde waren rieten huisjes.

In de afgesloten woonwijk woonde Heleen samen met haar moeder en een andere moeder met haar 2 kinderen in een garage. Na een aantal maanden werden ze gedeporteerd naar een ander kamp. Dit werd gedaan door middel van een geblindeerde trein.

“Nu moet je je voorstellen dat deze trein een stoomtrein was en er was vuur nodig en hierom moest er om de zoveel tijd gestopt worden zodat er hout kon worden gehakt. Hierdoor duurde de reis ontzettend lang. Het was verschrikkelijk om te zien hoe vies het hier was en hoeveel mensen zich moesten begeven in zo’n kleine ruimte.”  

In het tweede kamp kreeg iedereen heel weinig ruimte en werden ziektes snel verspreid. Haar moeder werd ook heel ziek en Heleen had het hier erg moeilijk mee. Ze was eenmaal nog maar 10 en vond het bedrukkend dat er zo veel verantwoordelijkheid op haar lag.

“Ik wilde graag spelen en ik wilde dat mijn moeder beter was, want anders zou ik helemaal alleen zijn. Ik was heel bang dat ze dood ging.”

Er was heel veel honger. ’s Ochtends kregen ze een papje dat leek op behanglijm, het was een beetje glazig, van tapiocameel gemaakt, er zat weinig voeding in en het was smakeloos. In de middag kregen we rijst een klein kopje met een beetje groente en soms tempé en s ‘avonds een sneetje brood of maïskorrels die niet te verteren waren.

Na ongeveer een jaar in dit kamp te hebben gezeten gingen Heleen en haar moeder lopend naar een kamp met rieten huisjes. Dit was in Semarang en hier kreeg Heleen dysenterie.

Jappenhaat

Iedereen moest s’ ochtends op appel. Dit was een riedeltje van buigen en rechtop staan. Maar als dit niet goed genoeg gedaan werd, werd er geslagen.

“Ik heb 1 keer gezien dat een vrouw helemaal gek geslagen werd, want je moest kijken naar de vrouwen die geslagen werden. Ik wist dat ik de Jappen haatte.”

Bevrijding?

In augustus 1945 in een kamp in Semarang, lag Heleen op een matje met de ziekte dysenterie. Er vlogen vliegtuigen over en er werden pamfletten in de kleuren rood, wit, blauw naar beneden gestrooid. Nederlands-Indië was bevrijd.

Heleen en haar moeder hoorde dat Heleens vader nog leefde en waren buiten zichzelf van geluk. Maar ze mochten het kamp niet verlaten omdat het op straat nog te gevaarlijk was. Er waren allerlei groepen ontstaan die vochten voor de onafhankelijkheid van Nederlands-Indië. Niemand was veilig.

Hereniging

Het Rode Kruis kwam en Heleen en haar moeder vlogen naar Bandung, waar haar vader zat. Hier kreeg ze kort les van haar vader omdat Heleen een enorme leerachterstand had. Dit zou later in haar leven nog veel dingen moeilijk maken.

In 1946 vertrok het hele gezin naar Nederland. Ze kregen goedkope, maar iets warmere kleding in Egypte.

Nederland

Heleen kwam in groep 7 terecht, terwijl zij 13 was. Ze werd gepest omdat ze anders was en omdat ze een enorme leerachterstand had. Heleen vond het lastig hiermee om te gaan en dat is ook iets wat ze wil doorgeven aan leerlingen als zij gastlessen geeft.

“Ik vind dat het nodig is dat kinderen weten hoe het is voor een kind om in een kamp te leven. Maar ik leg vooral het accent op het aankomen in Nederland. Ik vind het namelijk ontzettend belangrijk dat een kind zich geaccepteerd voelt en dat het niet uitmaakt waar je vandaan komt. Ik wil niet dat kinderen hoeven zeggen dat de Nederlandse kinderen rotkinderen zijn. Net zoals ik dat zei. Er zijn namelijk veel kinderen die nu in dezelfde situatie zitten net zoals ik toen.”

Terugblik

Wij vroegen Heleen wat zij van deze ervaring heeft geleerd en of ze daar nog moeite mee heeft. Ze antwoordde dat ze geleerd heeft om te overleven en dat je jezelf niet zo snel moet laten terneerslaan. Sterk blijven en oplossingen zoeken.

Problemen of trauma’s had ze niet, maar ze zei wel dat ze toen ze terug was gegaan dat ze het deel van haar leven in Indië eindelijk toeliet en het omarmde.

Vrijheid

Vrijheid is iets wat voor iedereen anders is. Het kan letterlijk zijn, zoals vast zitten of gevangen zitten, maar ook mentaal. De vrijheid van meningsuiting, de vrijheid om te denken wat je wil, de vrijheid om niet altijd bang te hoeven zijn of de vrijheid om te zijn wie je wil zijn.

Er zijn zo veel manieren om vrijheid te definiëren. Heleen had een mooie manier van hoe zij vrijheid zag:

“Het gaat om het gevoel wat je hebt, je kan je zelf ook vrij denken. Ik heb in het ziekenhuis gelegen en ik kon niks, maar ik dacht: ‘ ik ben toch vrij’. Want ik kan zeggen wat ik wil en denken wat ik wil dus ik ben toch vrij. Je kan zelf beslissen over wat je doet en wil.”

Afsluiting

Graag willen wij Heleen Smit ontzettend bedanken dat zij met ons wilde samenwerken aan dit ongelooflijke inspirerende project, waarvan wij dankbaar zijn dat we hier een deel van mochten uitmaken. De verhalen om van een ooggetuige mee te krijgen zijn fenomenaal en laten je soms dingen zien van een ander perspectief. Het is belangrijk om er soms bij stil te staan hoe het leven er voor elk individu anders uit kan zien. Na het interview met Heleen zagen wij weer in hoeveel vrijheid wij eigenlijk hebben in Nederland en dat wij ook in een hele fijne omgeving mogen opgroeien en leven.

Verder bedanken we Bevrijdingspop om ons, leerlingen, een inzicht te geven in het leven van iemand die niet alle privileges heeft zoals wij die hebben in Nederland.

Interview: Femke & Luna
Foto’s: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

Vrijheid is er voor iederéén. Om die reden worden er op 5 mei diverse maatregelen getroffen om de toegankelijkheid van Bevrijdingspop te vergroten. Zojuist is bekend geworden dat een aantal optredens op 4 en 5 mei ook wordt getolkt in Nederlandse Gebarentaal, door Mirjam Stolk en Ruth Krooshof.
Het betreft deze optredens:

4 mei Herdenkingsconcert

  • Openingsspeech voorzitter Stichting Bevrijdingspop
  • Gedicht Demi Baltus
  • Optreden Van Dik Hout

5 mei Bevrijdingspop

Houtpodium

15.45 Optreden Jett Rebel
17.30 Optreden Van Dik Hout
20.00 Optreden Miss Montreal
21.25 Optreden Fun Lovin’ Criminals
Jupilerpodium powered by Sena
18.00 Optreden Thijs Boontjes

In dit verslag zult u lezen over vrijheid. Allereerst proberen we zelf uit te leggen wat vrijheid is, daarna, als u verder leest, hebben we ons interview met Daniel uitgeschreven. Daniel is een vluchteling. Hij komt uit Eritrea en is gevlucht voor het geweld in zijn thuisland. Iemand die weet hoe het is om geen vrijheid te hebben kan ons dus beter uitleggen wat vrijheid is en wat het betekent.

Vrijheid

Vrijheid is een waanzinnig breed begrip. Om vrijheid uit te leggen, moet je het dus eerst opdelen in de verschillende “vrijheden”. In de verlichting was de filosoof Kant een van de eerste die diep in ging op het begrip vrijheid. Hij onderscheidde het begrip vrijheid in twee begrippen. Handelsvrijheid en natuurlijke vrijheid. Het eerste begrip spreekt voor zich. Het vrij mogen handelen tussen verschillende partijen; landen of personen bijvoorbeeld. Het tweede begrip gaat over de vrijheid in keuzes die mensen krijgen in hun eigen leven. Het is de vrijheid om het leven zoveel als het kan zelf vorm te geven. In vele mensenrechtenorganisaties staat het begrip vrijheid centraal.

De essentie van vrijheid is dat je niet gehinderd wordt om te zeggen en doen wat je wilt. Vrijheid kan dus worden belemmerd door een vorm van autoriteit.

Universele Verklaring van de Rechten van de Mens

In de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens staat in artikel 1: ‘Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren.’ En in artikel 2: ‘Een ieder heeft aanspraak op alle rechten en vrijheden die in deze Verklaring zijn opgesomd, zonder onderscheid naar ras, kleur, geslacht, taal, godsdienst, politieke of andere overtuiging, nationale of maatschappelijke afkomst, eigendom, geboorte of andere status.’ Vrijheid is dus het uitgangspunt, inperking ervan is de uitzondering. (aldus Amnesty international-🡪 bron: de site van Amnesty)

Beperkingen aan vrijheid

Er zijn ook beperkingen aan vrijheid. Zo zijn wij samen met andere ervan overtuigd dat ondanks de vrijheid die je hebt je die niet altijd maar moet “gebruiken”. Als jouw vrijheid andermans vrijheid hindert, telt het niet meer als je eigen vrijheid. Ook bij bijvoorbeeld vrijheid van meningsuiting zijn er beperkingen. Als jouw vrijheid weer oproept tot haat en geweld telt het ook niet meer als een vrijheidsrecht van jou.

Wij, mensen in Nederland en andere westerse landen, staan niet altijd meer stil bij hoeveel vrijheid wij eigenlijk hebben. Daarom is het goed om te praten met mensen die weten hoe het is om een tijdje of voor langere tijd niet het privilege vrijheid te hebben.

Ons interview:

Hier volgt ons interview, we hebben niet alle vragen en antwoorden in ons verslag verwerkt, maar we proberen het belangrijkste/interessantste eruit te halen.

De vraag is steeds vetgedrukt en het antwoord van Daniel staat cursief.

Zou je jezelf even kort kunnen voorstellen?

Ja, natuurlijk. Ik ben Daniel. Ik kom uit Eritrea en ben gevlucht voor het geweld daar. Ik ben nu een enkele jaren in Nederland. Ik werk vijf dagen per week in een vleesfabriek daarnaast volg ik een opleiding voor loodgieter. Ik heb sinds kort mijn eigen huisje, een studio. De huur kan ik zelf betalen, dus zonder uitkering of subsidie van de overheid.

Wat was voor jou de druppel; het moment dat je besloot je thuis achter je te laten?

Ik had niet per se één moment. Je ervaart in zo’n land als Eritrea al lang gevaar en iedereen daar heeft wel eens nagedacht om weg te gaan. Wel wist ik dat als ik 18 ben en ik ben klaar met school dat ik zou worden opgeroepen voor het leger. Waarschijnlijk kom je daar nooit meer weg, dat is geen toekomst.

Hoe moeten wij dat voorstellen: je eigen geboortestad verlaten. Sprak je er met vrienden over of zelfs met familie?

Het is heel lastig voor te stellen maar als je als enige toekomst je leven lang soldaat zijn is ga je er wel over nadenken. Het was moeilijk. Mijn broer was al gevlucht. Ik was dus niet de eerste. Mijn beide ouders wilden sowieso blijven maar ik kon er wel over praten met mijn ouders, met mijn vrienden niet. Tijdens het vluchten heb ik ook veel contact gehouden met mijn familie, vooral met mijn vader.

Wat was het moeilijkste punt van je reis naar Europa?

Het was heel moeilijk in Ethiopië. Ik zat helemaal in me eentje in het zuiden, zonder bekenden. Ik belde met mijn familie. Ik wachtte alleen maar. Ik vroeg mijn vader via de telefoon om hulp. Elke dag belde ik met mijn vader. Ik ben er doorheen gekomen door mezelf weer te laten weten waarom ik dit deed. Ik wil zelfstandig zijn, niet afhankelijk. Ik ben 25 jaar, ik moet gewoon door naar Europa.

Daniel is aangekomen in Italië. Met de boot kwam hij aan in Italië. Hij vertelt dat hij er nog niet was. Europa betekende niet iets speciaals. Hij was nog steeds onderweg; naar Nederland.

Toen hij Nederland bereikte heeft hij ander half jaar lang op 8 verschillende plekken gezeten, in AZC’s. Na zes maanden kreeg hij al een verblijfsvergunning. Zo kon hij al snel beginnen aan zijn inburgeringscursus.

Wat heeft de reis bij elkaar  gekost (financieel gezien)?

Finn gokte veel te laag, nadat Daniel vertelde dat hij in het leger 10$ per maand zou verdienen, gokte Finn dat de hele reis dan 200$ zou kosten.

Tienduizend euro, bijna dan. Het is heel duur om naar Europa te komen, zelfs al loop je veel en ga je met de boot en vlieg je niet. Smokkelaars vragen heel veel geld voor vervoer.
Ik vroeg geld tijdens de reis aan mijn vader, nu kan ik met mijn eigen baan geld terug sturen.

De laatste zin kwam niet makkelijk uit Daniel. Het leek alsof hij zich schaamde dat hij nu geld terug stuurde naar zijn familie.

Wat deed je toen je eindelijk aankwam in Nederland?

Heel blij, heel erg blij. Ik kocht gelijk een treinkaartje naar Ter Apel; om een verblijfsvergunning aan te vragen.

Ik belde met mijn familie om het goede nieuws te vertellen. Ze waren erg blij voor mij.

Wat is nou typisch Nederlands? (los van klompen etc.)

Mensen zijn heel erg direct.

Je vertelt over dat je nu je eigen huis hebt, een baan en een opleiding. Wat is de sleutel naar succes als vluchteling?

Je instelling. Dat is het allerbelangrijkst. Het is wel raar geregeld hier, als je de hele dag slaapt krijg je evenveel geld als ik nu verdien met vijf dagen in de week werken. Dat snap ik niet. Gelukkig heb ik een mooie toekomst met mijn loodgietersopleiding.

De maatschappelijk begeleider van Daniel vertelt dat de mannen het vaak beter doen dan de vrouwelijke vluchtelingen. Waar dat aan ligt zijn we proberen achter te komen. Zeker weten doen we het allemaal niet. Het kan zijn dat de vrouwen in de cultuur van de landen waar ze vandaan komen niet hoeven te werken en vooral moeten letten om de zaken binnenshuis. De man regelt het en zijn dus ook niet anders opgevoed. De man daarentegen heeft van af jongs af aan geleerd dat hij moet leren zorgen voor zijn toekomstige vrouw en kinderen.

Nawoord

We hebben echt heel erg veel geleerd van dit project. We zijn ook echt verrast; onze verwachting was velen malen minder leerzaam dan het bleek te zijn. De afgelopen weken hebben we zoveel geleerd, ook zonder het interview hebben we veel geleerd maar het interview met Daniel was wel heel speciaal en waanzinnig leerzaam. We leren wel dat oorlog en vluchten vandaag de dag voor sommige mensen nog heel normaal is en hoe heftig het kan zijn maar dat drong bij ons pas echt tot ons door toen we het persoonlijke verhaal van Daniel mochten horen. Daarvoor zijn wij Daniel heel erg dankbaar. Wat in dit verslag staat is pas een klein deel van ons hele gesprek. We hebben selectief dingen uit ons interview gehaald voor het verslag maar zelf hebben we nog veel meer antwoorden gekregen. We hoop dat het lezen van het verslag u ook heel veel leert. Als het ook maar een deel, groot of klein, is wat ons betreft het verslag een succes.

Interview: Finn en Sem
Foto: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

 

Yuki en Noa zijn in gesprek gegaan met Thea, een lieve dame van bijna 80 die de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië heeft meegemaakt. Thea groeide op in een Japans concentratiekamp op Sumatra. Yuki is een Japans meisje van zestien, ze is opgegroeid in Haarlem maar heeft de Japanse school in Amsterdam gevolgd en heeft familie in Tokyo. De één groeide op met Japan als vijand, de ander met Japan als familie.

Thea:

“De huidige generatie Japanners is niet schuldig aan wat er in de geschiedenis is gebeurt. Culturen veranderen.”

In het begin was het een avontuur…

Een zorgeloos leven leidde de jonge Thea, totdat in 1942 de Tweede Wereldoorlog uitbrak. Ze woonde de eerste twee jaar van haar leven samen met haar ouders en zusje op Java. Tijdens de Japanse invasie werd ze samen met haar moeder en pasgeboren zusje geëvacueerd naar Sumatra. Haar vader bleef thuis achter. Slechts één leren koffer, dat namen ze mee. De kostschool waar ze naartoe werden gebracht veranderde na een tijdje in een Japans concentratiekamp, waar ze tot aan het einde van de oorlog in opgesloten zouden zitten.

Elke ochtend moesten ze buigen voor de Japanse vlag en werden ze geteld. Voor elke bewaker die langsliep moest ook gebogen worden. Ongehoorzaamheid werd niet getolereerd.

“Als een kind niet goed boog werd de moeder afgeranseld, en als een volwassene niet goed boog kreeg zij ook straf. Dat konden hele zware straffen zijn. Mensen werden bijvoorbeeld vastgebonden aan palen in de hete zon en moesten daar de hele dag staan zonder drinken. Als iemand er naartoe ging om even wat schaduw of wat lucht te wapperen kreeg die ook zijn stokslagen. Soms werden mensen in een varkensmand gepropt en aan een boom gehangen.”

De leefomstandigheden in het kamp waren extreem. Er was weinig voedsel en water ter beschikking, de hitte was onverdraaglijk en de leefruimtes waren klein en onhygiënisch. Dit leidde tot veel ziektes, zoals diarree. Iedereen was extreem dun en verzwakt. Onderwijs was er niet. Thea heeft geleerd door met een stokje in het zand te schrijven.

“We kregen eens in de veertien dagen veertig uitgetelde korrel maïs. Het was varkensvoer hoor, de slechtste kwaliteit wat je je kan indenken. Helemaal niet die lekkere maïs die je nu hebt. Die veertig korrels werden uitgeteld, zo niet, ja, dan werd er gevochten. Gekrijs, geschreeuw, getrap… Verschrikkelijk…”

“Een liter water per dag. Per dag! En dat in die hitte. Die liter water was voor alles. Wassen, drinken, tandenpoetsen en kleren wassen… Voor zover we kleren hadden.”

Thea zelf heeft weinig geweld meegemaakt in het kamp vanwege haar moeder. Ze was heel beschermend tegenover haar kinderen, maar was erg timide en nam weinig initiatief. Haar zusje was slechts drie maanden oud toen ze het kamp binnentrad, waardoor haar basis erg zwak was.

Thea’s vader was een beroepsmilitair en vocht met hart en ziel om de Japanse opmars tegen te houden. Hij werd gevangengenomen maar kreeg de eredood voor zijn dapperheid. Het zwaard.

Thea’s laatste herinnering van haar vader is hun afscheid in januari 1942.

“Wij zaten in de auto, mijn moeder met mijn zusje achterin, ik zat naast de chauffeur. Vaders gezicht voor het raampje. Lieve bruine ogen, onder die vuurrode bos haar. Hij zei dat ik goed op ze moest passen.”

Voor haar zesde verjaardag kreeg Thea Pop Edith, die haar moeder had gekregen in ruil voor een paar dansschoentjes.

“De dansschoentjes had mijn moeder bewaard als een soort talisman, hopend op de terugkeer van mijn vader. Pop Edith was dus indirect het overlijdensbericht van mijn vader en daarmee het belangrijkste in mijn leven.”

Hierop reageerde ik met een paar traantjes. Yuki wierp de tissuebox wéér bij me op schoot. “Wat is er kind? Ach, daar krijg je schone oogjes van.”

Gevoel van vrijheid

Na 3 jaar in het Japanse concentratiekamp te hebben geleefd, kwam het einde van de oorlog in zicht. De capitulatie van Japan werd in 1945 aangekondigd. Thea was toen zes.

“We zaten toen nog niet in een periode waar we konden gaan en staan waar we wilden, maar we hadden betere leefomstandigheden. We mochten bijvoorbeeld niet onze wijk uit. We zijn een aantal keren bijna overvallen, door de vrijheidsstrijders die er toen waren. Er was hongersnood, omdat de Japanners alles hadden weggehaald. Heel veel jonge jongens werden gelokt met eten, onderdak en een training. De jongetjes van 17 jaar vonden het prachtig om soldaatje te spelen. Na afloop kregen ze échte geweren, en de jongens wilden de mensen waardoor ze al die jaren gevangen hadden gezeten verjagen. Daardoor werd alles onveilig. Wij moesten dus nog een hele tijd in het kamp blijven. Deze keer werd er niet bewaakt of wij ons wel gedroegen, maar werd onze wijk beschermd tegen overvallers. Eerst stonden de bewakers op óns gericht, daarna naar buiten toe. Dat was heel bizar. Heel eng.”

Na de bevrijding werd Thea met haar familie meegenomen op een vrachtschip naar Nederland. Het was een lange reis, op weg naar vrijheid en ruimte.

“De reis naar Nederland was spannend, héérlijk. We gingen op een vrachtboot, vol met stapelbedden en hangmatten. Drie of vier boven elkaar. Mijn zusje en ik sliepen samen op de bovenste. Wij sliepen in het vrouwenruim, mijn stiefvader in het mannenruim en mijn moeder was in verwachting dus die sliep op het dek.”

Het geeft een gevoel van vrijheid, zo’n eindeloze zee. Onaantastbaar, onveranderlijk, gedreven door de wind.

‘Windkracht negen, enorme golven. Het kan me nooit genoeg zijn. Gevoel van vrijheid.’

Er waren twee mensen die niet zeeziek waren, een oude zeekapitein en ik. Ik vond de zee geweldig. Ik houd nog steeds zo van de zee.”

Na de reis kwamen ze aan in Den Haag, waar Thea’s grootmoeder woonde. Thea’s moeder wilde haar moeder vertellen wat zij en haar kinderen hadden meegemaakt. Veel medeleven had Thea’s grootmoeder echter niet voor haar dochter. Haar moeder zei alleen maar:

“Ach kind, waar praat je over. Wij hebben vijf jaar bezetting gehad, jullie hebben maar 3,5 jaar in een kamp gezeten. Wij hebben de hongerwinter meegemaakt, jullie zaten in een lekker warm land.”

Hierdoor klapte Thea’s moeder dicht en veranderde ze. Zichzelf samenhouden werd belangrijker dan de bescherming van haar kinderen. Later hertrouwde ze zonder haar moeders toestemming met Thea’s stiefvader. Ze heeft daarna nooit meer echt over de oorlog gesproken en heeft zich nooit over het verlies van Thea’s echte vader heen kunnen zetten.

“Ze trouwde met een man die ook heel erg beschadigd uit de oorlog kwam, hij had aan de Pakanbaroe-spoorlijn gewerkt. Hij heeft de rol van mijn moeder overgenomen, hij was degene die alles regelde en als er iets niet ging zoals hij wilde, vielen er zware klappen. Vanaf dat moment heeft ze eigenijk alleen maar voor onze kleding gezorgd en zichzelf staande gehouden. Na de oorlog heeft ze ons nooit beschermd.”

Over Thea’s echte vader mocht geen woord gesproken worden, Thea’s stiefvader wilde niets van hem weten.

“Ik ben het vrouwelijke evenbeeld van mijn vader, maar als iemand zei dat ik op mijn vader leek, dan zag ik elke hoek van de kamer tenminste twee keer.”

“Mijn stiefvader was een rokkenjager en kon dus ook niet van zijn stiefdochters afblijven.

Hij was de eerste man die ik na de oorlog kon vertrouwen, die met snoepjes, met dansen en met spelletjes kwam. Dat was een feest! Dus dat rokkenjagen, dat hoorde er gewoon bij.

Op een bepaald moment kwam mijn moeder erachter en werd het duidelijk dat dat helemaal niet erbij hoorde en helemaal niet goed was. Mijn moeder is toen door mijn stiefvader in elkaar gebeukt. Ik was toen hooguit dertien jaar oud, en op een gegeven ogenblik stond mijn moeder tegenover mij met een prikvingertje en steekoogjes en zei: “Denk erom, het is niet waar, ik heb het niet gehoord, en ik wil er nooit meer iets over horen!”

Vanaf dat moment heeft ze mij aan hem meegegeven op ‘gezellige weekendjes’. Dat heeft vrij lang geduurd.

Ik heb in die tijd meer schade opgelopen en meer ellende gehad, dan in de tijd van de oorlog.”

Toen na dertien jaar de scheiding volgde, moest Thea alles regelen. Haar moeder rende ervoor weg, stak haar kop in het zand. Thea zat er niet mee, haar moeder had haar hulp nodig.

“Afspraken met de notaris, afspraken met de advocaat, ik regelde alles. Ik was toen achttien jaar. Ik moest zelfs naar het Oranjehotel om een getuigenverklaring in te dienen tegen mijn stiefvader omdat hij zedendelict had gepleegd met minderjarige kinderen. Door mijn getuigenverklaring heeft hij ook een straf gekregen. Dat zijn allemaal hele heftige tijden geweest, daar liep mijn moeder voor weg. Toen vond ik dat nog geen probleem, pas later toen ze tegen me zei dat ze mij had opgeofferd voor haar tweede huwelijk knapte er iets bij mij.”

‘Eindelijk gelukkig’

In het concentratiekamp leerde Thea schrijven door met een stokje in het zand te tekenen. Toen ze in Nederland aankwam ging ze eindelijk naar een echte school.

“Ik mocht niet studeren van mijn stiefvader, dan zou ik misschien meer worden dan hij. Bij de gratie mocht ik HBS doen. Op school ontmoette ik mijn eerste liefde, we trouwden en kregen twee kinderen. Ik was eindelijk gelukkig, ik kwam weer tot leven en kon weer lachen.

Toch volgde er een scheiding. Een ander liefje. Hij heeft ons in de steek gelaten, ik ben toen zo godvergeten kwaad geworden op die man. Hij haalde de bankrekening leeg en vertrok. Ik had een schuld van bijna 100.000 gulden, geen inkomen en twee jonge kinderen. Ik heb hele zware periodes gehad. Het was een ramp, laat ik het héél netjes zeggen.

Maar ik heb het toch volgehouden.”

‘Nu voel ik me vrij’

Thea’s moeder heeft zich nooit over het verlies van Thea’s echte vader heen kunnen zetten. Haar woede naar Japan verdween niet en ze heeft zich na de oorlog volledig afgesloten van de wereld om haar heen. De oorlog is nooit uit haar verdwenen.

Thea’s stiefvader werkte in de oorlog aan de Pakanbaroe-spoorlijn. Net zoals Thea’s moeder was hij erg beschadigd, zowel fysiek als mentaal. Na de oorlog kwam hij met eten en kleding en bracht hij vrolijkheid in het gezin. Hij bleef echter niet deze persoon.

“Hij heeft de rol van de veroveraar overgenomen.”

Iedereen staat anders in het leven. Iedereen verwerkt de oorlog en zijn trauma’s op zijn eigen manier. Thea is een mens die problemen makkelijker verwerken kan dan de meesten. Volgens haar heeft alles een goede en een slechte kant.

“Toch ben ik blij dat een stuk van mijn opvoeding door mijn stiefvader is gegeven, de mannelijke invloed in mijn jeugd is goed geweest en dat kan ik ook op waarde schatten. Mijn stiefvader was heel charmant, hij bracht leuke dingen mee, feest en dergelijke. Dat was een leuke kant van hem.

Vroeger liet ik de dingen op me af komen, ik zocht mijn eigen weg en ben zo veel mogelijk onopvallend geweest. Nu niet meer, ik voel me nu meer kind dan ik ooit geweest ben. Ik ben vroeger nooit echt kind geweest, altijd een oud wijf 🙂

Nu doe ik allerlei gekke dingen, nu ben ik echt gelukkig. Ik heb een lijf dat al oud is, maar ik rijd nog auto en kan nog een heleboel dingen doen, dat vind ik heel plezierig.

Nu voel ik me vrij.”

Optimistisch, dat is Thea zeker. Ze kan genieten van de kleine dingen en is dankbaar voor het leven dat ze leeft.

“Ik kan genieten van een spat die in een plas water valt of van een bloem die eenzaam aan de kant van de weg staat, maar ook van een bollenveld vol narcissen.”

In plaats van zich te isoleren van de wereld heeft ze zich opengesteld. Met bewustzijn als doel geeft ze al sinds 2003 gastlessen.

“Ik zie mijn verhaal als een slecht reisverhaal, een mislukte reis. Dat hebben we allemaal wel eens, toch? Het is een manier van overleven, het ‘kleineren’ van problemen.”

Respect

“Vrijheid. Eigen keuzes maken, met respect voor de anderen.”

Dat is de betekenis van vrijheid volgens Thea.

“Mijn recht is de plicht van een ander, en daar heb ik ook respect voor.

Zo moet je met elkaar omgaan. Respectvol.”

Volgens mij en Yuki betekent vrijheid dat je jezelf kan zijn, zonder veroordeeld te worden om je meningen en gedachten. Vrijheid is eigen keuzes kunnen maken, kunnen kiezen voor geluk. Een vrij mens kan omgaan met degenen om wie hij geeft en wordt niet afgekeurd door zijn afkomst of geloof. Een vrij mens is een vrije denker, heeft de mogelijkheid om zijn eigen ideeën en opvattingen de wereld in te kunnen brengen.

Op het moment dat een mens beïnvloed wordt door corruptie, of wanneer de vrijheid van meningsuiting wordt afgenomen, is een mens onvrij. Onvrijheid ontstaat niet alleen in een staat van oorlog, wanneer een mens zich gevangen voelt door angst of door haat en niet zijn eigen ideaal kan leven is er zeker sprake van onvrijheid.

Een kind moet kunnen gillen van plezier, niet van angst.

Een meisje moet kunnen trouwen door liefde, niet door dwang.

Een man moet kunnen vluchten voor de deadlines op kantoor, niet voor de dreigende dood.

Vrijheid is een recht.

Vrijheid is een noodzaak.

Wij hebben altijd geleefd in vrijheid.

Daar zijn wij dankbaar voor.

Vrijheid is kostbaar

Het gesprek met Thea was erg fijn, er waren geen gevoelens van wrok of haat. Ik moet eerlijk toegeven dat ik meerdere keren naar de tissues heb moeten reiken. We hingen aan Thea’s lip.

Thea heeft ons laten zien hoe belangrijk ons recht op vrijheid is, en hoe dankbaar we daarvoor mogen zijn.

Oorlog verdwijnt niet uit een mens, maar de getroffene kan zijn ervaringen wel omarmen en met de wereld delen. Dat doet Thea elke dag.

Thea:

“Ik doe er al 30 jaar alles aan om de Tweede Wereldoorlog hier in Nederland beter in het onderwijs te krijgen. Alle beetjes helpen.”

Wij helpen u graag een beetje verder met het in leven houden van uw herinneringen. Het is belangrijk dat steeds meer mensen beseffen hoe kostbaar vrijheid is.

Bedankt lieve Thea, voor deze mooie ervaring en een nóg mooiere levensles!

Interview: Yuki en Noa
Foto: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

Vijf jaar geleden arriveerde Moustafa vanuit Aleppo, Syrië in Nederland. In een video-interview leren we de nieuwkomer wat beter kennen. Via de Welkom-app helpt hij nu zelf vluchtelingen, aan werk, met taal of een sociaal netwerk.

Interview: Lize en Senna
Foto: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

In samenwerking met gemeente Haarlem en het Rode Kruis Haarlem biedt Bevrijdingspop dit jaar opnieuw een GAST-vrijheidsprogramma aan. We hebben dit jaar extra voorzieningen getroffen om de toegankelijkheid nog beter te maken. Graag ontvangen we je op 4 mei (Herdenkingsconcert) of 5 mei (Bevrijdingspop) met je maatje of begeleider.

4 mei 2019

19.00 uur:       Ontvangst in de informatiestand, koffie en iets lekkers

19.45 uur:       Bijwonen herdenkingsmoment bij het monument op de Dreef, “Man voor het vuurpeloton”, met burgemeester Jos Wienen

20.15 uur:       Gereserveerde plaatsen tijdens het herdenkingsconcert

21.30 uur:       Einde concert, afsluitend drankje samen

22.00 uur:       Einde programma

5 mei 2019

14.00 uur:       Ontvangst met koffie/iets lekkers en rondleiding terrein

15.00 uur:       Toegang tot gastengebied en genieten van het Bevrijdingsconcert; backstage rondleiding

Bezoek aan het vernieuwde MIVA podium met mooi uitzicht op het hoofdpodium

17.00 uur:       Einde programma; eventueel op eigen gelegenheid nog langer verblijven

Informatie & aanmelden

Zowel op 4 als op 5 mei kunnen we in totaal 50 gasten inclusief begeleiding ontvangen.

Meer info: marjan.gielen@bevrijdingspop.nl

Aanmelden kan via een e-mail naar: info@rodekruishaarlem.nl

 

 

Wij zijn Dane en Matthias uit 4A en 4C van het Stedelijk Gymnasium Haarlem. Wij hebben beiden het pakket Economie & Maatschappij, waarin geschiedenis een verplicht vak is. We vinden beiden geschiedenis een van de leukste vakken die de school biedt.

Gelijk enthousiast

Toen deze opdracht, georganiseerd door een samenwerking van de organisatoren van Bevrijdingspop en de geschiedenissectie van onze school, werd geïntroduceerd om vrijwillig aan mee te doen, waren wij eigenlijk gelijk al enthousiast. Dus toen hebben we ons opgegeven, in de hoop om een persoon te
mogen interviewen die de Tweede Wereldoorlog heeft meegemaakt, en die kregen wij.

Jack Eljon, een meneer die tijdens de Tweede Wereldoorlog als Joodse jongen op verschillende plaatsen in Nederland ondergedoken heeft gezeten. Wij hebben hem als het ware geïnterviewd en zijn veel over zijn indrukwekkende verhaal te weten gekomen. Dit hebben wij hierin geprobeerd in een werkstuk te
verwerken.

Verstopt in een smalle sleuf op zolder

Op 25 maart moesten wij om 19.00 uur in de aula van onze school bijeenkomen, voor alle gesprekken. Wij hadden geen idee wat voor een man we moesten interviewen. Toen we Jack voor het eerst hadden ontmoet waren we best wel onder de indruk. Eerst werd het ‘evenement’ geïntroduceerd en toen konden we beginnen. Wij hadden wat voorwerk gedaan, dat was voornamelijk vragen bedenken om aan Jack te stellen. Jack begon zijn verhaal te vertellen en wij vroegen tussendoor onze vragen aan hem, en zo gingen wij te werk. Voorbeelden van vragen die wij hadden voorbereid zijn: Hoe kwam u erachter dat uw vader nog leefde? Wat deed u vooral op zo’n dag dat u ondergedoken zat, op welke locatie was dat? Wat heeft u na de oorlog gelijk gedaan wat u in de oorlog niet kon? Jack’s verhaal is best wel heftig, zo heeft hij zijn ouders de hele oorlog niet gezien, en werd hij tijdens de oorlog meerdere keren verplaatst en is hij zelfs meerdere keren ontsnapt aan de dood. Hij moest van kleins af aan overleven. Als hij namelijk gepakt zou worden door de Duitsers, zou hij worden omgelegd omdat hij Joods is. Er was zelfs een keer dat hij zich in een smalle gleuf op zolder moest verstoppen, in het huis waar hij ondergedoken zat, omdat er twee Duitse soldaten langskwamen. Door die gleuf zag hij ze lopen, hij moest muisstil zijn want anders werd hij gedood. Jack vertelde ons dat hij over deze
ervaring veel nachtmerries van gehad heeft. Dat is ook wel te begrijpen, wij kunnen ons persoonlijk niet eens een beetje voorstellen hoe dat gevoeld moet hebben. Hoe erg je op dat moment als klein jongetje vreesde voor je leven. Ongelofelijk.

Elke dag op je hoede zijn

Jack was gedurende de oorlog gescheiden van zijn ouders. Dat was erg zwaar voor hem want zijn familie had namelijk de afspraak gemaakt niet uit elkaar gegaan, maar dat is wel gebeurd, ook al konden ze er niks aan doen. De ouders van Jack dachten namelijk dat de kans op overleven groter zou zijn als hij alleen was. Er zijn twee redenen waarom dat extra erg was voor Jack. Reden één was dat zijn ouders ook niets aan hem lieten horen, waardoor hij geen idee had, want toen de oorlog begon was hij drie, en dat is dan best wel heftig. Reden twee is dat Jack tijdens de oorlog op meerdere plekken heeft ondergedoken, en dat was niet altijd zo fijn. Zo kwam hij in Zeist in een pleeggezin terecht die hem heel slecht behandelden, en dat koppelde Jack dan weer terug aan zijn ouders die hem, volgens hem, in de steek hadden gelaten. Toen de oorlog ten einde kwam heeft jack zijn ouders na twee maanden weer teruggevonden. Jack vertelde ons dat hij twee vaders en twee moeders heeft gehad, tenminste in zijn ogen althans. Hij zei dat zijn ouders niet meer dezelfde personen waren als van voor de oorlog. De
oorlog heeft zo’n grote impact gehad op het leven van Jack. Hij heeft zijn jeugd niet geleefd op de manier hoe dat eigenlijk zou moeten. Hij moest altijd oppassen dat hij niet gepakt zou worden. Elke dag op zijn hoede zijn. Niet in alle vrijheid even naar een vriend toe kunnen fietsen om samen te
spelen. Nee, dat kon toen niet.

Opgroeien zonder vrijheid

Het verhaal van Jack heeft ons echt doen denken over hoe het is om niet in vrijheid op te groeien. Het is erg bijzonder om van iemand in het echt te horen praten over hoe zijn leven eruit zag tijdens de Tweede Wereldoorlog, waarin je niet een vrij mens bent. Dit is daarom dus ook echt voor ons een bijzondere ervaring. Wij zijn erg onder de indruk van het verhaal van Jack. Wij hebben enorm veel respect voor hem.

Interview door: Dane en Matthias 
Foto: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

Voor ons betekent vrijheid het mogen doen en laten wat wij zelf willen. Misschien voelt het zo, maar het is zeker niet vanzelfsprekend dat wij in vrijheid leven. Daarom vinden wij het ook erg belangrijk dat men wat meer stil gaat staan bij de vrijheid die zij hebben. In Nederland hoor je mensen vaak klagen en zeuren, terwijl ze het hier super goed hebben. Wellicht geeft dat juist aan hoeveel vrijheid wij hebben. Vaak is het namelijk zo dat hoe meer vrijheid men heeft, hoe sneller zij kritiek ergens op leveren.

Na het indrukwekkende interview met Zafer Sadaka, werden wij er weer aan herinnerd hoe goed we het eigenlijk hebben en hoe blij we moeten zijn dat we in Nederland in vrijheid kunnen leven.

Zafer Sadaka

Zafer Sadaka is een zeer gelukkige man die nu al bijna 5 jaar samen met zijn familie in Nederland woont, nadat hij in 2014 voor de oorlog in Syrië is gevlucht. Naast het feit dat Syrische burgers al 19 jaar lang onderdrukt worden door dictator Bashar al-Assad heeft Zafer openlijk zijn kritiek tegen hem geuit door als dichter teksten en een muziekvideo van ruim 10 minuten over de misdaden van Assad te publiceren. Daar staat in Syrië de doodstraf op. Ook was Zafer één van de negen personen uit zijn stad die waren uitgekozen om de stad te besturen. Hij kreeg controle over de politie, water, elektriciteit en andere voorzieningen. Omdat van hem werd gedacht dat hij dit voor de overheid deed en omdat hij sowieso al onder vuur lag vanwege de kritische teksten die hij had geschreven, was het niet meer veilig om in Syrië te blijven.

“De dictator is banger voor mij dan voor alle legers, omdat verhalen mensen kunnen bereiken.’’

De reis

Zafer woonde in An-Nabk, een stad tussen de hoofdstad Damascus en Homs. Tijdens de Burgeroorlog raakte An-Nabk onder vuur en werden de inwoners van het dorpje omsingeld door rebellen, ingesloten en bedreigd met bombardementen. Er zat voor Zafer niets anders op dan te vluchten. Zijn vrouw woonde in een andere stad, waar haar ouders woonden, en moest helaas met de kinderen achterblijven.

Een echt plan had Zafer niet, hij besloot het dag per dag aan te pakken. In Libanon hoopte hij veilig te zijn, maar had hier helaas geen geldig visum voor en moest dus op zoek gaan naar een andere plek. Dit zou een zware reis worden. Een tocht van drie dagen lang met auto’s zonder verlichting leidde hem naar Turkije. Eerst had hij het plan om hier te blijven, maar daar zaten veel nadelen aan. Als manager van een klein hotel was zijn salaris niet heel hoog. Ook had hij niet de mogelijkheid om zijn familie daarnaartoe te kunnen halen. Europa was voor hem een veel betere optie. Daarom maakte Zafer de oversteek richting Athene.

Hij werd samen met vele andere vluchtelingen opgevangen in een tentenkamp, dichtbij Athene, waar het lang duurde voordat hij verder kon. Daarom probeerde hij het kamp te ontvluchten, waarbij de politie hem arresteerde. Na drie maanden in de gevangenis te hebben doorgebracht zette hij zijn reis weer voort richting West-Europa.

Vrouw en kinderen achtergelaten

Vanwege de korte proceduretijd was Nederland voor Zafer het beste land om naartoe te gaan. Hij hoopte eerst op Zweden, maar zag in dat dit te lang zou duren. Hij hoopte immers zo snel mogelijk zijn vrouw en kinderen naar Nederland te kunnen halen, die hij tijdens zijn vlucht achter moest laten.

‘’Ik had maar twee minuten om gedag te zeggen tegen mijn moeder. Het was echt een gevaarlijke situatie en ik mocht niks meenemen. Het was gewoon doei, en klaar. Misschien was het wel het laatste moment dat ik haar zou zien – het was echt moeilijk.’’

Aankomst in Nederland

Constant voelde Zafer zich onveilig. Continu dacht hij aan zijn familie. Deze moesten en zouden zo snel mogelijk naar hem toe komen. Zij waren immers nog steeds in gevaar. Toen hij na al die tijd zijn familie weer kon omarmen, voelde hij zich pas echt gelukkig.

In het begin was het natuurlijk erg wennen: een nieuw leven opbouwen in een ander land met een andere taal. Het was moeilijk voor hem en zijn gezin, vertelde Zafer. Hij had hard gewerkt aan het leren van de taal, dat was voor hem erg belangrijk. Zonder het beheersen van de taal, kon je namelijk geen werk vinden en dat was noodzakelijk voor hem. Ook vond hij het leren van de taal belangrijk om respect te tonen naar het land en te bedanken voor de hulp die zij hem geboden hebben.

‘Welkom’ in de ogen gezien

Zafer werd namelijk met open armen ontvangen in Nederland. “Als de situatie in een land niet goed is, voel je dat en kun je in de ogen geen “welkom” zien”, zei Zafer. Hij had “welkom” gezien in de ogen van de Nederlanders. Eindelijk had hij een veilige plek gevonden voor zijn kinderen. Echter vond hij het wel heel moeilijk om een nieuw leven op te bouwen. Zafer had veel verloren, vertelde hij. In Syrië had hij het heel goed. Hij woonde in een groot huis, zijn vader was rijk en hij had een mooie baan.

Gelukkig hebben Zafer en zijn gezin het nu erg goed in Nederland en zijn zij de Nederlanders erg dankbaar voor hun steun. Graag wilde hij iets terug doen voor de Nederlanders.

“Bedankt is niet genoeg, ik heb de taal geleerd om het land dat mij heeft geholpen te bedanken.’’

Voorlichter

Zafer vindt het belangrijk om zijn idee van vrijheid te delen en is daarom sinds kort actief als voorlichter. Hij gaat vaak langs bij basisscholen om kinderen zijn verhaal te vertellen en na te laten denken over de vrijheid waarin zij leven. Daarnaast beheerst Zafer veel talen en geeft hij ook Arabische les in Nederland, wat hij met veel plezier doet.

Terug naar Syrië?

Af en toe ontvangt Zafer nog e-mails van kennissen in Syrië, die inmiddels in Libanon zitten en een visum willen. Hij probeert niet te veel contact met vrienden te zoeken, uit gevaar voor hun veiligheid.

Op de vraag of Zafer ooit nog terug wil keren naar Syrië antwoordde hij: “Ik wil graag teruggaan om mensen te helpen. Het hele land is kapot, niet alleen qua gebouwen, maar ook qua mensen. Maar ik kan pas gaan als het veilig is, want Assad zou mij nu doodmaken.”

Afsluiting

Graag willen wij Zafer ontzettend erg bedanken voor dit zeer indrukwekkende interview. Zoals wij al vertelden zijn wij er door dit interview weer aan herinnerd in wat voor een vrijheid wij leven en hoe dankbaar wij hiervoor moeten zijn. Dit kwam vooral door de pakkende woorden van Zafer toen hij vertelde over zijn aankomst in Nederland en hoe hij zich op dat moment voelde: “Het was helemaal niet veilig, ik voelde mij helemaal niet veilig. De hele tijd zat ik met spanning; ik was nerveus. Ik dacht bij mezelf: wat betekent vrijheid? Ik ben nu hier en mijn familie is daar, waar het niet veilig is. Andersom: het is makkelijker om daar te blijven met hen, dan wanneer jij als enige vlucht en veilig bent en zij niet. Ik voelde mij veilig toen ik voor het eerst hen hier had ontmoet.”

Tot slot willen wij de organisatie van Bevrijdingspop heel erg bedanken voor deze geweldige ervaring!

Interview: Jochem en Boris
Foto’s: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

Wim Meijer is een 83-jarige man geboren in Djember, Oost-Java. Tijdens de tweede wereldoorlog woonde hij op Java en heeft hij de bezetting van Java door de Japanners meegemaakt. Nederlands-Indië werd op 8 maart 1942 door de Japanners bezet. De Japanners hadden 3 jaar lang de leiding over Indonesië. Indonesië is in 1945 onafhankelijk geworden onder leiding van Soekarno. Aan het begin van de Japanse bezetting is Wim een jongen van 7 jaar, oud genoeg om alles bewust mee te maken.

De situatie van Wim tijdens de Japanse bezetting

Wim was zes jaar toen de Japanners Java in handen kregen. Zijn vader was samen met zijn moeder, na een verlofperiode in Nederland, naar Java teruggekeerd om te werken in de tabaksindustrie. Na de bezetting door de Japanners werd Wim zijn vader direct van het gezin gescheiden. Zijn vader werd na enige tijd via Malang naar Sumatra verplaatst en werd daar te werk gesteld. Hij moest met mede gevangenen dwangarbeid verrichten aan de spoorlijn in Sumatra. Omdat zijn vader aan een maagzweer leed, en er weinig en onregelmatig voedsel was, overleefde Wim zijn vader de oorlog niet.

Wim, zijn 2 zusjes en moeder werden van Djember naar Malang verhuisd. In Malang verbleven ze onder goede omstandigheden. Na een jaar in Malang te hebben gewoond werd het gezin naar Semarang geëvacueerd. Over een tocht van normaal 4 uur deden ze 30 uur. ‘We reden in geblindeerde wagons waarin te veel mensen zaten. Niemand kon er nog in of uit. Als je moest plassen deed je dat maar in een hoekje.’

In Semarang kwam Wim samen met zijn moeder en twee zusjes terecht in een kamp gezet door Japanners. De Japanse woorden die hij daar, als zeven jarige, heeft geleerd weet hij nog steeds. Bijvoorbeeld de Japanse getallen of de woorden die je als begroeting tegen de Japanners moest zeggen.

Het leven in het Kamp in Semarang

In het kamp in Semarang was het naar Wim’s woorden eigenlijk een ‘saaie boel’. Om zich te vermaken maakte hij, met andere jongens van zijn leeftijd, katapulten om vruchten en beesten mee uit de lucht te schieten. In het kamp kregen ze één keer per dag een pannetje soep, eten was er dus zeer gering. De levensomstandigheden waren naar eigen zeggen ‘beroerd’ ook omdat er zo vreselijk veel gezinnen in één huis moesten verblijven. Er was zo weinig eten dat sommige vrouwen probeerden door de afrastering (prikkeldraad en houten schermen, kedek genaamd) contact te maken met bewoners buiten het kamp. Als deze vrouwen werden gesnapt, werden ze flink gestraft. Eén van de straffen was dat ze met een stok tussen hun knieën urenlang in de brandende zon moesten zitten, terwijl anderen inwoners van het kamp moesten toekijken.

Wat Wim er ook nog voor ellende bij kreeg was dat zijn moeder ernstig ziek werd. Hierdoor kreeg Wim er meer zorgen en taken bij. Pas later, na de bevrijding, hoorde het gezin dat hun vader was overleden op Sumatra. Omdat dit zeker te willen weten liep Wim moeder met Wim heel Batavia door. Toen dit eenmaal bevestigd was besloot het gezin naar Nederland te vertrekken.

Invloed op latere leven

Wim reisde met zin moeder en zusjes van Batavia naar zijn grootouders in Winschoten. Hier hadden ze geluk mee, want veel gezinnen die terugkwamen uit Nederlands-Indië hadden geen familie of onderkomen in Nederland. Wim moest wennen aan zijn nieuwe omgeving en aan het nieuwe klimaat. Over de eerste keer dat hij sneeuw zag en voelde vertelt hij;

‘Ik vond het vreselijk, ik had voor het eerst tintelende handen. Ik weet nog dat ik stond te huilen op straat. Dit vond ik zo gênant dat ik het nu nog weet.’

Wim had drie jaar geen school gehad dus liep hij in het begin heel erg achter op zijn klasgenoten. ‘Er stond een vlaggetje bovenaan mijn proefwerk als ik minder dan tien fouten had.’

Op de vraag wat de meeste invloed heeft gehad op zijn verdere leven antwoordde Wim;

‘’Ik heb er natuurlijk wel veel last van gehad dat ik geen vader had. Ik liep jarenlang te zoeken naar een voorbeeld, een vorm van houvast.  Er zijn veel dingen die je opneemt van je vader en moeder. Dit heb ik gemist.’’

Trotse opa

De achterstand die Wim opliep op school tijdens zijn tijd in Nederlands-Indië haalde hij na verloop van tijd in. Wim werd gymleraar en fysiotherapeut. Later werd hij vader van 3 kinderen en is momenteel de trotse opa van 6 kleinkinderen.

Interview: Hannah
Foto: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

Weer geschreeuw. Ik druk mijn kinderen dichter tegen me aan. Angst voor de dood grijpt me om mijn keel. Ik heb het benauwd, heb het gevoel alsof mijn laatste uur elk moment kan slaan. Nog een knal. Weer geschreeuw. Mijn dochter kijkt me aan. Ik zie angst in haar ogen, en haar mond beweegt langzaam. Ik versta niet welke woorden uit haar droge mond vloeien.

‘Hun jeugd zal er misschien wel nooit zijn.’

Bij elke blik die ik op mijn kinderen werp, denk ik aan hun jeugd. Hun jeugd die er niet is en misschien wel nooit zal zijn. Wat heeft de toekomst nu nog te bieden? Midden in de oorlog, op de grens van de twee vechtende partijen? Zal ik mijn werkelijke Allepo ooit nog kunnen waarnemen? Zullen mijn kinderen het überhaupt ooit mogen zien? Mijn blik laat mijn dochter los en glijdt naar het raam. De zon is inmiddels door de maan vervangen. Ik heb geen kracht meer, maar moet mijn kinderen in bed leggen. Langzaam kom ik overeind, duizelend door het gebrek aan voedsel. Mijn kin beweegt naar m’n borst, mijn polsen hebben amper nog een omtrek. Kracht is ver te zoeken. Mijn handen glijden in die van mijn kinderen, en mijn benen, al slepend, proberen de slaapkamer te bereiken.

‘Ik luister naar het geschreeuw dat mijn oor binnendringt’

Ik schrik wakker. Zweet druipt van m’n voorhoofd en ik kijk m’n kinderen aan. Beide slapen, maar ik zie dat het onrustig is. Het irritante geluid waardoor ik wakker werd duurt voort. Ik besef dat het mijn telefoon is. Hijgend en gestrest pak ik hem, en neem op. Onwetend met wie ik aan de lijn ben, luister ik naar het geschreeuw dat in mijn oor binnendringt: de stem trilt, net als mijn hand. Het is mijn chauffeuse. Ik luister nog even en hang dan op. Ik moet nu weg. Dit is mijn laatste kans en die moet ik grijpen. Ik wek mijn kinderen en vertel ze dat ze alvast naar de achterdeur moeten gaan. Stress gijzelt me. Ik weet niet meer wat ik moet doen en ik zie zwart voor mijn ogen. Ik moet weg. Ik gris nog snel een tas mee en raas naar de achterdeur, pak de handen van mijn kinderen en zodra ik de achterdeur heb geopend, zie ik mijn chauffeuse staan. Zij lijkt een verwezenlijking van de stress die ik voel. We glijden de auto in en horen de motor starten. Als we weg rijden, zie ik dat de wegen niet langer gesloten zijn. We kunnen echt weg. We zijn echt bijna vrij. Van Allepo rijden we naar Damascus, een 350 km lange rit. Ik kijk naar buiten, mijn kinderen alweer slapend tegen mij aan. Overal liggen lijken. Ligt bloed. Ligt pijn. De geur van stollend bloed glijdt mijn neus binnen. Ik ben blij dat dit waarschijnlijk de laatste keer is dat ik die ruik. De vlucht verder is aan mij voorbij gegleden. Mijn aankomst in Nederland is me wel altijd bijgebleven. Dat moment, dat ik uit het vliegtuig stapte, leek het alsof ik in een schilderij was gestapt. De bloemen en bomen wilde met mij spreken, en alles zong. Het was een mooi schilderij. Een ander schilderij dat ik al jaren in Allepo had gezien.

In Hoofddorp staat mijn huis, Aleppo is mijn thuis

Lopend door Hoofddorp zie ik ‘mijn’ huis. Mijn huis zal het nooit echt zijn. Het is mijn bezit, maar thuis zal ik me er nooit voelen. Mijn thuis is Allepo. Inmiddels sta ik voor ‘mijn’ deur. Ik kijk naar beneden en zie de boodschappen die ik zojuist heb ingeslagen, mijn polsen met een normale omtrek. Kracht. Mijn handen openen de deur en mijn benen bewegen zich richting de keuken. Eenmaal aan het kokkerellen, stijgen de herkenbare geuren op. De geuren waarmee ik ben opgegroeid. De geuren uit Allepo. Borden worden gevuld en mijn gezin omringd de tafel. Mijn ogen nemen de trots die ik voel voor mijn kinderen waar. Ze zijn zo sterk en gezond. Mijn dochter en zoon ontwikkelen hun passies goed en zijn er nooit mee gestopt. Mijn man en dochter gaan regelmatig naar het zwembad om te trainen. Mijn zoon was een befaamd violist, maar is nu tijdelijk gestopt. Hij is druk met studeren. Ik zie vrijheid. Vrijheid binnen mijn familie, want dat is waar het begint. Goede banden tussen man en vrouw, zussen, dochter en zoon. Vrijheid buiten is er ook, maar anders dan ik me altijd had voorgesteld. Vrijheid betekent niet langer niet veilig zijn en bang zijn, het betekent nu religievrijheid. Vrijheid om te zijn wie ik wil zijn.

‘Weten jullie het misschien?’

De zon is weer door de maan vervangen en mijn blik rust weer op het glas van het raam. Mijn dochter is samen met mijn man haar passie aan het uitoefenen en mijn zoon zit met zijn neus in de boeken. Ik zit alleen aan de keukentafel. Alleen in ‘mijn’ huis. De blik uit het raam doet me denken aan de tijd van de oorlog. Mijn hand glijdt naar mijn broekzak. De dichtbundel. Ik pak hem eruit, open hem, en blader door de gedichten die al door mij op papier gezet zijn. Het voelt niet compleet. Mijn pen bevindt zich dicht bij mij en de woorden vloeien eruit:

In mijn hart zitten biljoenen tranen van onze kinderen. Wat doe ik, als de tranen een zee in mijn hart hebben gemaakt? Wat zou ik eraan kunnen doen, als ik de geur van jasmijn uit mijn land vergeet? Hoe kunnen we een normaal leven blijven leiden? Wat kunnen we samen doen om onze aarde te verbeteren? Ik vraag het elke dag aan de vogels. Ik vraag het elke keer aan de hemel. Maar vandaag wil ik het jullie vragen; “Weten jullie het misschien?” Weten jullie dat?

Interview: Susanne & Zara 
Foto: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

Wij, Alexia en Nola, zijn via school in contact gekomen met het project levende getuigenissen en zijn gekoppeld aan Said, uit Syrië, om hem te interviewen. We hadden met hem afgesproken in een cafeetje in Haarlem en zijn zo beetje bij beetje meer te weten gekomen over zijn leven en de Syrische burgeroorlog te weten te komen.

Uit welk deel van Syrië kom je?

Ik kom uit de hoofdstad Damascus, mijn familie komt voor zover ik het weet allemaal uit Damascus. Ik kom uit het zuidelijke deel van Damascus: “Midan”.

Was er oorlog in Damascus toen jij daar nog woonde?

Ja de oorlog begon in 2011, in 2012 kwamen de rebellen naar ons gebied (Midan, Zuid-Damascus), zij bleven daar een week, tien dagen. Toen kwam het leger en werd een groot deel van mijn wijk kapotgemaakt, ook mijn huis. Ik en mijn familie moesten toen ergens anders gaan wonen.

Woon je ook met je familie tot je ouder bent?

Ja.

 Want wanneer komt de leeftijd tot je uit huis gaat?

Tot je gaat trouwen, dan ga je met iemand anders wonen. Maar als je een groot huis hebt blijf je met je ook met jouw ouders. In Syrië is er geen sociale zekerheid dus iedereen zorgt voor zijn eigen familie.

Dat was dus in 2012. Dat eindigde in de zomer 2012. Daarna na drie maanden, in het begin van 2013 konden wij ons huis herbouwen.

De situatie was dus weer rustig?

Ja, in dat deel wel, maar toen was 80 procent van Syrië in handen van de rebellen.

Waarom moest je vluchten?

Ik moest naar het leger, naar het Syrisch leger en dat wilde ik niet. Ik had geen zin om het leger in te gaan en ik was het niet eens met de regering. Kijk, als je kijkt naar een actiefilm dan klinkt dat altijd een beetje spannend, heldhaftig. Dat is bullshit. Als je een dode man of  een dood kind ziet dan is dat alles weg. En dat heb ik meegemaakt. Ik heb gewoon dode mensen gezien. En ja, ik heb daar slechte ervaringen mee. Ik dacht: Daar doe ik niet aan mee.

Hoe ben je hier in Nederland terechtgekomen?

Het was niet het plan om naar Nederland te komen. Ik wilde gewoon niet in het leger. Ik ben met de boot in Griekenland terecht gekomen. Wij kregen daar een papier dat wij vluchtelingen waren en daarna ging ik naar Macedonië, vervolgens

Servië, daarna van Hongarije naar Wenen, München, naar Brussel en toen naar hier. Het heeft bijna 1 maand geduurd. Ik was eerst met een paar vrienden en ben daarna alleen doorgereisd. Ik heb bij een Nederlands gezin voor 6 maanden gewoond en toen heb ik een huis in Nederland toebedeeld gekregen.

Mis je Syrië?

Ik heb mijn hele in Damascus gewoond dus Syrië ken ik niet heel goed, Syrië is erg groot. Maar Damascus mis ik wel heel erg.

Wat mis je dan het meeste uit Syrië?

Eten! Heb je hier geen goede Syrische restaurants dan? Jawel maar wat jouw moeder kookt is altijd het lekkerste. Wat vind je van het Nederlands eten? Nou

het is niet heel divers.

Heb je nog contact  met je familie in Syrië?

Ja dat is heel makkelijk, via Whatsapp.

Heb je ook broers die in het leger moesten?

Ja ik heb 1 broer, hij is gevlucht naar Libanon, hij wilde geen nieuwe taal leren. Hij is eerder gevlucht.

Uit wat voor gezin kwam je?

Ik heb een broer en een zus. Wij waren niet heel arm, we hadden altijd eten maar hadden bijvoorbeeld geen auto, dat had de middenklasse wel. We zijn ook nooit op vakantie geweest als familie. Ik ben zelf maar 2/3 keer voordat ik vluchtte uit Damascus geweest in mijn leven.

Wat vind je grootste verschil tussen Nederland en Syrië?

Ik merk dat mensen hier elkaar goede dingen gunnen en mensen overleggen veel dus er is geen ‘baas en rest’. Het is wel heel liberaal. Dat kost soms meer tijd als je aan het werk bent, het is makkelijker als iemand met een wil iemand vertelt wat te doen.

In Syrië zijn wij een monoculturele samenleving maar we zijn niet de enige! Er zijn ook de Koerden en dat is erg gescheiden. Hier in Nederland is dat niet het geval. Voor de oorlog had ik wel Koerdische vrienden maar toen de oorlog uitbrak trok iedereen zich terug en ging iedereen alleen met hun eigen mensen om.

Voel je je hier thuis?

Thuis voelen is een groot woord maar vorig jaar ben ik 3 weken in Frankrijk geweest en de laatste week dacht ik wel: ‘Oh shit, ik mis Amsterdam’. Maar ik zie mezelf hier niet voor de rest van mijn leven wonen, nee.

Wat vind je van het Nederlandse vluchtelingenbeleid?

Het kan beter, het proces duurt lang. Ik kwam eerst in aanmerking als vluchteling in Eindhoven. Daarna ging ik naar ter Apel, toen naar Utrecht, daarna terug naar ter Apel en naar Zaandam, toen naar een andere plek in Zaandam en daarna naar Arnhem, Doetinchem, Den Helder en uiteindelijk naar Amsterdam waar ik nu woon. Op die manier kan je geen netwerk opbouwen en geen cursussen volgen. Waarom? Ik woonde soms in de kamer 8 of 12 mensen.

Hoe heb jij dan zo goed Nederlands geleerd?

Ik vind een taal oppakken niet zo moeilijk. Ik heb dus bij een Nederlands gezin gewoond. Daarnaast studeerde ik Nederlands aan de UvA. Toen kwam op een dag mijn lerares naar mij toe om te vertellen dat de gemeente Amsterdam een baan te bieden had. Uiteindelijk ben ik naar de informatiemiddag geweest en heb ik twee sollicitaties gedaan.

Is het voor jou dan ook belangrijk om contact met andere Syriërs te hebben?

Ja dat hangt af van wie. Haha.  Nee ik zoek ze niet op. In mijn werk nu zit ik nu met zeven andere statushouders in een statushouders trainee poule. De meeste daarvan komen uit Syrië en daar heb ik twee goede vrienden. Maar ik heb me ingeschreven voor een scholarship bij de Haagse hogeschool, voor een master MBA. Daarna wil ik als dat gaat lukken in de publieke sector blijven werken. Want daar kun je wel een impact hebben, wanneer je je bewust bent van de verschillende culturen.

Wat voor werk deed je in Syrië, wat voor opleiding?

Nou ten eerste hebben wij in Syrië een ander educatiesysteem. Eerst de basisschool, dan de middelbare school en dan doe je een Bachelor en dan ga je naar  de universiteit of naar de hbo/wo/mbo. In Syrië leerden wij meer qua hoeveelheid maar we leerden niet om te analyseren en zelf te denken. Als je vrij gaat denken ga je ook nadenken over waarom we deze president of staatsvorm hebben. Onze examens bestonden uit een enorme hoeveelheid stof die je moest leren. Woord voor woord.

Zelf heb ik Franse cultuur en literatuur gestudeerd. Dat was vier jaar, ik heb er vijf jaar over gedaan. Aan het eind van mijn studie aan de universiteit brak de oorlog uit. Ik bleef studeren want als je studeert hoef je niet in het leger. Ik heb me ingeschreven voor een master vertalen: Frans -> Arabisch. Na het tweede jaar dacht ik, ik blijf in de master, ik ga mijn studie niet afronden. Toen kwam er een nieuwe beslissing van de regering. Dat er meer soldaten nodig waren. Wie al meer dan vier jaar in hun studie bezig was, moest uiteindelijk naar het leger. Ik kreeg dus een brief dat ik in 2016 naar het leger moest. Toen ben ik gevlucht. Door mijn studie had ik natuurlijk wel een beetje een beeld over Europa.

Voel je je wel eens bevooroordeeld?

Ik ga jullie wat vertellen over positieve discriminatie, bijvoorbeeld ik ben 3.5 jaar in Nederland en jullie zeiden net dat ik zo goed Nederlands spreek en dat vind raar.. De verwachtingen van Nederlanders zijn minder voor vluchtelingen.

Voelde je je in Syrië nog vrij om dingen te doen of kon je niets meer?

Ja, was is vrijheid eigenlijk? Het was eigenlijk hetzelfde, er was niet echt iets veranderd. Wij zijn ook gewend dat er vanaf het jaar 1950 altijd een dictator was.

Voel je je in Nederland dan wel vrij?

Ja natuurlijk wel. Kijk ik kan hier iemand whatsappen en zeggen wat ik wil. Daar werd je opgepakt als je iets beledigends zei over de president. De zoon van de neef van mijn vader werd opgepakt voor een facebookpost en we weten nog steeds niet waar hij is. Met je familie kon dat wel voorzichtig maar niet met een te hoge stem. Er is altijd iemand die het kan doorvertellen. Ik vertrouwde alleen goede vrienden en familie.

Waarom heb je meegedaan aan dit project?

Ik vind het leuk om aan jullie generatie dit te vertellen. Veel Nederlanders hebben nooit contact met buitenlanders van een andere cultuur en zo hebben jullie de kans om dit wel te doen. En waarom hebben jullie meegedaan?

Tot slot

Wij willen Said ten eerste heel erg bedanken dat hij mee wilde doen aan dit project, we zijn erg dankbaar dat hij zijn verhaal met ons wilde delen en om nog even terug te komen op zijn laatste vraag… wij vinden het interessant om ook eens de andere kant van het verhaal te horen. Je leest in de krant wel over wat er allemaal gebeurt maar hoort nooit verhalen van mensen die dat mee hebben gemaakt. We vinden het belangrijk dat het ook eens gehoord wordt over hoe het nou is om zoiets mee te maken. Daarnaast, hoe vaak krijg je eigenlijk de kans om iemand te ontmoeten die van zo dichtbij zo iets heeft meegemaakt? Wij waren ontzettend nieuwsgierig om zo’n mooi en interessant verhaal van een ooggetuige te horen.

Interview: Alexia en Nola

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

Vrijheid is een bijzonder begrip. Het is niet vanzelfsprekend en het heeft voor iedereen een andere betekenis. In dit project staat vrijheid centraal. Om een andere kant van dit begrip in te zien, mochten wij naar het bijzondere verhaal van John Redeke luisteren.

Verhuisd naar Nederlands-Indië

John is geboren te Bloemendaal in Nederland in 1937 In zijn eerste levensjaar verhuisde hij met zijn ouders naar Nederlands-Indië. Daar werkte zijn vader voor de KPM (Koninklijke Paketvaart-Maatschappij, bijnaam: Komt Pas Morgen). Het gezin woonde in een compound in Surabaya. Destijds zag hij zijn vader niet veel, deze was vooral aan het varen. Wanneer zijn vader wel thuis was, was dat erg bijzonder. Vlak voor de Japanse bezetting kreeg John een zusje. Dat moment herinnert hij zich nog erg goed. Zo vertelde hij dat dit bijzondere moment nog altijd in zijn geheugen is gebrand.

Wonen in een bewaakte wijk

Toen de Japanse bezetting van Nederlands-Indië in 1942 begon, is John samen met zijn moeder en zusje uit huis gezet. Zijn vader was op het moment van de inval niet thuis. Na eerst drie maanden ergens in de bergen te hebben gewoond met een familie uit de straat, kwam John samen met zijn moeder en zusje in Malang terecht. Daar woonden zij met vele andere Nederlandse families in een bewaakt gebied. Het werd ‘de wijk’ genoemd. Heel erg zelden mochten zij even de wijk verlaten. Ondertussen had John zijn moeder geen enkel idee waar zijn vader was.

Overgeplaatst naar het Jappenkamp

Begin 1943 moesten John, zijn moeder en zijn zusje ‘de wijk’ verlaten en werden zij overgeplaatst naar Semarang. Daar kwamen zij in het Jappenkamp Lampersari terecht. Lampersari was een kamp waar alleen vrouwen met hun kinderen terecht kwamen. De oudere jongens en mannen werden in een nabijgelegen kamp opgesloten. John kon zich geen beeld vormen over de oppervlakte van het kamp. Dat was lastig in te schatten aangezien er overal omheiningen waren gemaakt van kedek en prikkeldraad. In het kamp sliepen zij in een soort huisje, in een afgekeurde kampong, in de 9e manga (aanduiding met fruitnamen van de straat) die zij met meerdere mensen deelden, waar ieder gezin een eigen stukje had. Een paar leden van die gezinnen heeft hij later weer in Nederland gesproken.

Overleden zusje

John was pas vijf jaar oud toen hij in Lampersari terecht kwam, daarom weet hij zich niet veel meer te herinneren. Wij vroegen hem daarom welke gebeurtenissen hem het meeste zijn bij gebleven. Zo vertelde John over het overlijden van zijn zusje, die op dat moment pas drie jaar oud was. ‘Mijn zusje is ziek geworden door de slechte hygiëne en de ondervoeding in het kamp. Door deze ziekte en ondervoeding hebben zij en vele anderen het niet overleeft’, zei hij. ‘Wij kregen alleen een soort stijfselpap en een half broodje per dag; heel soms een beetje rijst of kra, de aangebakken rijst’. Kra was een lekkernij voor hem.

Ook vertelde hij over de marteling van zijn moeder, nadat zij stiekem had gekookt. Zo zei hij: ‘Ze werd in elkaar getrapt en geslagen en meegenomen. Vervolgens kwam zijn met striemen op haar rug terug en werd zij naar een kamertje boven gebracht. Als ik eten kwam halen in de gaarkeuken, bleef ik even in de deuropening staan. Op dat moment zwaaiden we even naar elkaar.’ Dit was voor hem heel heftig.

Capitulatie

Na de capitulatie van de Japanners sloegen John en zijn moeder op de vlucht voor de vrijheidsstrijders van Soekarno. Uiteindelijk zijn zij in 1946 door de Engelsen naar Singapore gebracht. Daar waren zij voor het eerst weer echt vrij en veilig en zo probeerde zij hun leven weer een beetje op de rit te krijgen. Hier kregen John en zijn moeder ook het verschrikkelijke bericht over de dood van zijn vader te horen. Dit was in 1942 gebeurd, nadat de Japanners het schip van zijn vader hadden overmand en de bemanningsleden hadden vermoord. Tot dat moment was de situatie van zijn vader onzeker gebleven.

Niet welkom in Nederland

Na een kleine twee jaar in Singapore te hebben gewoond keerden John en zijn moeder in 1948 terug naar Nederland. Eenmaal in Nederland aangekomen voelde John zich niet helemaal welkom. Hij vond geen aansluiting bij zijn leeftijdsgenootjes, omdat de kinderen in Nederland hele andere dingen hadden meegemaakt.

Zo had hij geen enkel besef van de gebeurtenissen die hadden plaatsgevonden in Nederland. Zijn klasgenootjes hadden het bijvoorbeeld over de SS’ers, terwijl hij alleen wist wat de Kempeitai (Militaire politie in het Japanse Keizerlijke Leger) was.

Kortom John ging na zijn terugkomst door een zware tijd. Niemand wist wat er gebeurd was in de oorlogsperiode van Nederlands-Indië. Met gevolg dat bijna niemand sympathie voor hem had. Vaak hoorde hij: ‘Je had het tenminste niet koud.’ Of ‘Je kon toch gewoon bananen uit de bomen halen’.

De betekenis van vrijheid

Als afsluiting van ons gesprek vroegen wij hem wat vrijheid voor hem betekent. Meteen antwoordde hij: ‘Dat we in ieder geval niet voor de Japanners moeten buigen en dat je niet meer opgesloten achter een Kedek (rieten schutting) zit!’ Zijn herinneringen zullen hem altijd bij blijven.

Wij willen John Redeke hartelijk danken voor het delen van zijn bijzondere en indrukwekkende verhaal. Het was erg bijzonder en leerzaam om naar zijn ervaringen te luisteren. Ook bedanken wij Johns buurvrouw Marjan Gielen die hem kon helpen als het nodig was om alles nog duidelijker uit te leggen. Tot slot willen wij de Stichting van Bevrijdingspop bedanken en onze geschiedenis docent meneer Hummelink voor het organiseren van dit mooie project en deze bijzondere ervaring.

Interview: Catheline en Chiara
Foto: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

Wij zijn Tom en Idse en de afgelopen weken hebben wij gewerkt aan dit werkstuk. Dat houdt in dat we vragen hebben bedacht over onder andere vrijheid en geweld. Deze vragen hebben wij gesteld in een interview met de Syrische vluchteling genaamd Hyan. Dit werkstuk gaat over hem; zijn situatie in Syrië, zijn reis hiernaartoe en zijn situatie nu in Nederland.

Situatie Syrië

Hyan is geboren in Salamiyah, een stad in het midden van Syrië. Hij groeide op in een succesvolle familie, zijn oom is dokter in Canada, zijn vader is chauffeur en zijn moeder lerares. Hyan zelf studeerde rechten, maar doordat IS de weg had gebarricadeerd kon hij een jaar lang niet naar de universiteit waardoor hij veel thuis was. Daar las hij veel boeken, ging hij vaak naar zijn vriendin en hielp hij af en toe zijn moeder met koken. Zelf noemde hij het, met een brede grijns, een jaar lang vakantie.

Maar ondertussen werd in Syrië enorm veel gevochten. Volgens Hyan is dit allemaal begonnen door Assad; onder Assad was er geen democratie meer, was er veel corruptie en werden veel mensen onderdrukt. Er werd wel gestemd, maar ondanks dat wist je al dat Assad zou hebben gewonnen. Dat kwam niet omdat er zoveel mensen op hem stemden, maar doordat hij de telling van de stemmen leidde. Hyan snapte dus wel waarom er mensen waren die het niet met Assad eens waren en dus tegen hem ingingen. Alleen vindt hij het niet goed dat daarbij geweld werd gebruikt. Er ontstond dus een burgeroorlog tussen Assad en de opstandelingen. Assad dwong het mannelijke deel van de bevolking met hem mee te vechten. Hyan was pas twee maanden aan het werk als advocaat, toen hij  werd gedwongen om mee te vechten. Hij  besloot te vluchten, want hij wilde niet tegen het Syrische volk vechten omdat hij het met hun eens was. Dit kostte enorm veel geld, ongeveer 8000 euro per persoon. Omdat dit zo duur was konden vrienden van hem niet vluchten en zijn die gestorven in de oorlog. Dat is heel treurig en Hyan mist ze ook heel erg.

Hyan had dus geluk met zijn familie, hij kon vluchten door het geld wat hij van zijn ouders en zijn oom had kunnen krijgen. Zijn ouders besloten dit geld namelijk aan Hyan te geven en bleven zelf in Syrië.

Vluchten naar Nederland

Zijn vlucht begon toen hij het vliegtuig nam naar Iran. Vanaf daar is hij met een grote groep, waarvan hij niemand kende, naar Turkije gelopen. Deze tocht was erg vermoeiend omdat hij nauwelijks tijd had om te slapen en hij wel twee dagen heeft moeten lopen. De grens van Turkije oversteken duurde lang, het was heel lastig en gevaarlijk. Er was veel politie die waren heel streng. Daardoor moest Hyan in Turkije een dag in de gevangenis doorbrengen. Nadat hij twintig dagen in Turkije had doorgebracht, liep hij door naar Griekenland. Ook daar werd hij opgevangen door de politie en moest hij de gevangenis in. Hier heeft hij vies werk moeten verrichten dat hij niet leuk vond, zoals wc’s schoonmaken.

Vanaf Griekenland probeerde hij weer met het vliegtuig naar Nederland te gaan. Pas de vierde keer lukte het hem om Nederland echt binnen te komen. In Nederland werd hij, nadat hij uit het AZC kwam, opgehaald door Katy, zij is een maatschappelijk begeleidster van vluchtelingenwerk. Dit doet zij vrijwillig en Hyan is heel blij met haar.

Situatie Nederland

Hyan woont nu al anderhalf jaar in Nederland. Sinds hij hier is verblijft hij in een opvangcentrum in Bloemendaal, genaamd Landgoed Dennenheuvel. De overheid betaalt zijn vervoerskosten, waardoor hij elke week naar de UVA in Amsterdam kan, waar hij Nederlands studeert. Door de hulp van Katy komt hij steeds verder.

Omdat Hyan heel sociaal is en veel contact zoekt bij andere mensen, krijgt hij steeds meer contacten erbij. Opvallend is wel dat hij eigenlijk geen contact zoekt met andere Syriërs, maar vooral met Nederlanders. Dit doet hij omdat hij de Nederlandse cultuur en taal zo snel en goed mogelijk wil leren kennen. Zo voetbalt hij bijvoorbeeld in twee teams bij de voetbalclub BVC uit Bloemendaal, en hij doet ook nog mee met dit project. Ook luistert hij heel veel naar de Nederlandse radio en kijkt hij Nederlandse programma’s.

Zijn familie is hij niet vergeten. Hij heeft contact met hen via whatsapp of door ze te bellen. Dan hebben ze het over hoe het gaat en wat er gebeurt in Syrië. Op dit moment is het namelijk heel leeg en stil in Salamiyah (de stad waar hij vandaan komt). Hyan vindt het heel jammer allemaal. Hij vindt Syrië wel een heel mooi land, maar omdat er geen democratie is kan je daar toch niet fijn  leven. Volgens hem is vrijheid namelijk de sleutel tot een goed leven, want veel meningen en ideeën zijn beter voor een land dan de mening van één persoon.

Toekomst

Van de overheid krijgt Hyan een eigen appartement in Hoofddorp en dan wil hij zijn leven definitief weer oppakken: zelfstandig worden en een baantje vinden. Hij weet nog niet zeker wat voor een baantje, maar nu focust hij zich nog op het goed leren van de taal. Helaas kan Katy niet mee naar Hoofddorp, wat ze allebei heel jammer vinden. Uiteraard blijven ze wel contact houden. Hyan kon namelijk goed koken en ze hadden heel veel lol samen, want zoals Katy zei: ‘één ding heeft Hyan niet verleerd en dat is lachen’ en daar zijn we het helemaal mee eens.

Interview: Tom en Idse

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

 

Voor ons project over vrijheid hebben wij Ellaha uit Afghanistan geïnterviewd, over hoe zij gewoond heeft in een oorlogsgebied en hoe het was om als vluchteling in Nederland te komen wonen. Dit is haar verhaal.

Opgegroeid in Kabul

Ik woonde in de hoofdstad van Afghanistan, Kabul. Hier ben ik opgegroeid met mijn ouders, broertje en mijn zusje. Ik ging kort naar school in Afghanistan. Ik kreeg voornamelijk thuis les, omdat er vanaf het moment dat ik geboren werd oorlog was. Ik heb dus nooit vrede gezien in Afghanistan. Als ik nu terugdenk aan mijn tijd in Afghanistan, denk ik terug aan een wrede tijd. Je kon niet veilig over straat lopen, er kon elk moment een bom of raket vallen. Vooral tijdens de burgeroorlog. Wij leefden in een gevaarlijk gebied. Kabul was omsingeld door 4 grote groeperingen. Ze hadden allemaal een deel van Kabul in beslag genomen en schoten raketten af op de andere delen. Het kon op allemaal huizen terecht komen. Wat ook regelmatig gebeurde. Ik kan me nog het geluid van de raketten herinneren. Als je op straat liep was er ook een etnische oorlog. Mensen die bijvoorbeeld Pashtun waren en iemand zagen die Hazara was, Hazara is meer een Mongools uiterlijk, die kan je vergelijken met de joden in de WOll, die werd door hen gehaat en afgemaakt. Vooral de Taliban was anti-Hazara’s, het was niet veilig. Maar op het moment dat je in zo’n situatie zit besef je dat veel minder. Je beseft niet hoe gevaarlijk het is.

Mijn vader doceerde literatuur aan de universiteit, maar ten tijde van de burgeroorlog werkte hij al niet meer. Mijn moeder heeft daardoor haar studie nooit kunnen afmaken. Tijdens de tijd dat de Russen in Afghanistan waren studeerde ze nog, maar toen de Russen weg waren kon ze niet meer naar school.

Gevlucht in 1997

Ik was weg toen de Amerikanen in Afghanistan kwamen. Ik ben in 1997 gevlucht uit Afghanistan we zijn via Pakistan uiteindelijk naar Nederland gekomen. Dat was in de tijd dat het Amerikaanse leger nog geen plannen had om Afghanistan binnen te vallen. De burgeroorlog was toen gaande. De Taliban had zijn intrede gemaakt, de Russen die in Afghanistan waren zijn in 1989 verdreven, vervolgens kwam er een burgeroorlog waar nooit duidelijk was wie de macht had. Er was een soort overheid die gesteund werd door de Sovjet-Unie. Daarna was het totale chaos. In 1994 tot 1996 kwam de Taliban aan de macht en in 1997 hadden ze grote delen van het land in hun macht. Het werd ons te gevaarlijk. We konden al jaren eerder vluchten, maar Afghanistan is je moederland. Je wilt niet weg en hoopt dat alles weer goed komt. Toen de Taliban zoveel land had veroverd besloten we te vluchten.

Gevaarlijk in de bergen

Het was gevaarlijk om te vluchten, we moesten achterin een vrachtwagen de grens over. Maar het gevaarlijkste was over de bergen gaan, als je gepakt werd en het was duidelijk dat je wilde vluchten zou het niet goed met je aflopen. Het scheelde dat er toen een hele grote groep vluchtelingen was. We reisden met heel veel mensen, mijn hele familie, mijn oma’s en opa’s waren er, ooms, tantes en al hun kinderen. We gingen via Pakistan omdat het aan die kant het veiligst was. Hedendaags zie je vluchtelingen op boten en over hekken klimmen. Eenmaal uit Afghanistan was het niet zo gevaarlijk. Geen boten, geen hekken. Toen het volgende probleem, naar welk land gaan we? Het is een hele zoektocht. Je kijkt naar de plekken waar je goed opgevangen wordt en niet wordt teruggestuurd. Ik had als kind heel weinig invloed op mijn ouders. Dus zij hebben gekeken waar wij naar school konden gaan, waar zijn we veilig, waar heb je een redelijk asielbeleid en waar heb je de mogelijkheid goed te integreren. Daarom hebben we voor Nederland gekozen. Mijn ouders kwamen niet makkelijk aan een baan, vooral omdat ze de taal niet spraken. Het is een lastige taal om te leren, zeker als je ouder bent. Als kind leer je het makkelijker want je gaat gelijk naar school en krijgt vriendjes waar je Nederlands mee spreekt. Dus binnen zes maanden tot een jaar konden wij vloeiend Nederlands spreken. Mijn ouders spreken ook Nederlands maar natuurlijk gebrekkig. Als je slecht Nederlands spreekt kom je moeilijk aan werk. Je kan niet werken op je eigen niveau. Mijn moeder wilde heel graag de taal leren, maar ze was destijds hoogzwanger van mijn broertje, die in Nederland geboren is. Zijn opvang werd echter niet betaald, daarom had ze geen tijd om de taal niet leren. Ze koos ervoor om mijn broertje op te voeden. Later werd het moeilijker. Ze heeft eigenlijk nooit de taal kunnen leren. Ze heeft het zelf aangeleerd. Mijn vader heeft vervolgens een administratieve opleiding gevolgd ver onder zijn niveau. Maar toen de crisis begon in 2008 was hij een van de eerste die ontslagen werd. Aan werk komen was heel lastig en het hielp niet dat we vluchtelingen waren. Nu gaat het prima ze hebben hun eigen dingetjes die ze doen, maar ze hebben veel meer potentie dan dat eruit is gehaald. Ze hadden veel meer kunnen betekenen, ook voor Nederland als er even in hun was geïnvesteerd.

Iemand gooide een baksteen door de ruit

Ik weet de eerste dag toen we in Nederland aankwamen nog, we gingen naar een grote opvanglocatie waar alle vluchtelingen komen. Daar word je voor het eerst opgevangen. Mannen en vrouwen worden gescheiden. Het was in Zevenaar in een grote sporthal. Je sliep in stapelbedden. Daar had je de eerste intake. Mijn ouders werden geïnterviewd: waar kom je vandaan, wat kom je doen. Mijn eerste herinnering van Nederland is dat we een boterham met kaas kregen. Ik kan me voorstellen dat als je in Nederland geboren bent dat dat hartstikke normaal is maar wij dachten wat is dit? Hoe kan je dit eten? Vooral het zachte brood en dan nog die kaas ertussen. We kregen ook een pakje melk en een appel. Alles was anders dan ik gewend was. Je hebt natuurlijk veel culturele verschillen. Ik vond het wel een heel fijn land. Ik vond het heel leuk dat iedereen zo nieuwsgierig was, dat ik kansen kreeg. Ik kon ook al heel snel naar school. Dus het was fijn om als vluchteling naar Nederland te komen ondanks dat je ook mensen had die je hier liever niet wilde hebben. Toen we ons eerste huis kregen, in Noordwijk aan zee hadden we wel al een verblijfsvergunning gekregen, gooide iemand een baksteen door de ruit. Dat was een signaal van “we willen jullie helemaal niet”. Het is maar één keer gebeurd, maar je schrikt er wel van. Met dat soort dingen kregen we ook te maken.

Wat is het grootste verschil met Afghanistan en Nederland?

Ik heb daar nooit een duidelijk antwoord op, er zijn zoveel verschillen. Nederland is veilig en Afghanistan niet. Nederland heeft relatief weinig armoede en Afghanistan veel. Ook zijn er weinig daklozen in Nederland. Er zijn natuurlijk veel culturele verschillen. In Nederland word je opgevoed om heel mondig te zijn, dat komt door het alfabetisme hier. In Afghanistan is bijna 90% analfabeet. Dat soort dingen tekent het land en tekent de mensen. In Afghanistan zijn geen domme mensen maar ze hebben de kans nooit gekregen.

Ik wilde als student altijd terug naar Afghanistan, ik dacht” ik ben hierheen gekomen ik heb hier zoveel kansen gekregen en nu is het mijn beurt om Afghanistan te helpen”. Ik heb ook twee keer stage gelopen bij de Nederlandse ambassade. Ik herinner me dan weer iets, wat moet ik daar doen? Het is er heel onveilig, je hebt de ene aanslag na de andere, de ene ontvoering na de andere, enorme armoede en corruptie. Dat weerhoudt mij en nog zoveel andere Afghanen om terug te gaan. Dus hoe het er nu naar uitziet ben ik van plan hier te blijven.

Interview: Otto en Jeroen 

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

Ans was tijdens de Tweede Wereldoorlog nog maar een klein meisje. Ze woonde in Haarlem. Wij vinden het belangrijk dat haar verhaal wordt gehoord, dus hebben wij haar geïnterviewd. We hebben het voornamelijk gehad over vrijheid, want was is vrijheid? Wat hield vrijheid vroeger in en wat nu? Ons gesprek kwam meteen op gang, Ans had zo veel aan ons te vertellen. Omdat wij weinig wisten over Ans, begonnen we als eerst met de vraag of ze zich zou kunnen voorstellen.

Moeder was lief, maar streng

Ans werd geboren in Alphen aan de Rijn. Haar vader was een goede schoenmaker en omdat de boeren in Alphen aan de Rijn eigenlijk alleen maar klompen droegen, was de vraag kleiner dan het aanbod. Dus op haar achtste, in 1941, verhuisde ze met haar ouders, broertje en twee zussen naar de Leidsebuurt, in Haarlem. Haar moeder was een hele lieve vrouw, maar kon wel streng zijn. Ze hielp mensen graag en wist goed waar ze aan toe was. Haar vader was ontzettend lief. Hij kon ontzettend goed dichten en het gezin zong graag zijn liedjes. Tijdens de oorlog hadden ze geen elektriciteit, Ans vertelde ons dat hij dan languit op de grond ging liggen bij het vuur zodat hij liedjes kon schrijven.

Vrijheid verandert met de tijd

We hadden het voornamelijk over wat vrijheid nou betekent, wat is het verschil in betekenis naarmate de tijd is veranderd. Ans vertelde ons toen iets waar wij veel van hebben geleerd. Zij zei ons dat de tijd waarin je leeft, bepaalt welke mate van vrijheid mensen hebben, elke tijd heeft zo z’n vrijheden, maar dat je je vrijheid ook kan overschrijden. Vrijheid is niet alleen doen en laten wat je wil.

‘Vrijheid is kunnen worden wie je wilt worden. Jongeren kunnen in deze tijd worden wat ze willen, dat vind ik vrijheid.’

Ans vertelde ons hele leuke verhalen, ze had bij alles altijd een leuk en spannend verhaal.

We hadden veel vragen over hoe het vroeger was in haar gezin. Of zij met haar ouders over de oorlog praatte en wat er allemaal gebeurde. Hierop antwoordde zij: “Het ging vanzelf. Daar werd je niet bij betrokken. Door mijn ouders werd thuis niet echt gesproken over de oorlog, maar het was op een bepaald moment ‘gewoon’ geworden. Er was bezetting, geen oorlog; het leven ging gewoon door. Mensen wisten niet zoveel. Je was kind, alles was gewoon. Het was al lang aan de gang. Het was geen oorlog.”

Bombardement op Rotterdam

Ans vertelde ons toen over het moment waarop zij zich niet meer vrij voelde, het moment waarop zij het bangst was. Dat was op 10 mei 1940. Het moment dat de oorlog begon, het bombardement op Rotterdam.

“Ik herinner me nog dat wij van mijn moeder tegen de muur van de voorkamer moesten staan toen het bombardement begon in Rotterdam. Het was zo ver weg, maar het leek zo dichtbij. Dat was het enige moment dat ik echt bang was. Tegenover ons zagen wij uit ons raam twee Nederlandse soldaten die doelloos schoten op de Duitse vliegtuigen die voorbij vlogen.”

Op etenstocht naar de Achterhoek

Later vertelde zij ons een heel mooi verhaal over hoeveel respect zij voor haar moeder had gekregen tijdens de oorlog. Tijdens de Hongerwinter ging zij op ‘etenstocht’ naar de Gelderse Achterhoek op haar fiets zonder banden en haalde daar eten voor het gezin. Maar naast haar eigen gezin van zeven onderhouden, zorgde zij ook voor anderen. Wanneer zij thuis was gekomen waren er altijd mensen die bij hun thuis aanbelden om te bedelen voor eten. Haar moeder stond altijd klaar om te helpen en gaf deze mensen dan al het eten wat ze als gezin konden missen. Toen er bij haar thuis ook weinig meer te eten was, kwam haar vader op een avond thuis met tulpenbollen. Er werd immers gezegd dat het naar aardappelen zou smaken, dus vader dacht dat ze het wel een kans konden geven. “Ik herinner me nog dat we er allemaal naar zaten te kijken, mijn zusjes, mijn broertje, mijn moeder en ik. Het zag er een beetje blauw en glazig uit. Mijn vader schepte een tulpenbol op met zijn vork, probeerde het en zei dat het allemaal wel meeviel. Vervolgens waren wij aan de beurt. Ik kan dat wrange gevoel in je keel en dat samenknijpen van je tong nog zo terugroepen. Het was zo vies!”

Spannende verhalen over de Hongerwinter

Toen ze 11 was, in de Hongerwinter, ging ze op een dag met een vriendinnetje de duinen in, om hout te verzamelen. Beiden hadden ze een karretje mee, en een zaag, dat wist ze nog goed. Toen de boswachter aankwam, ging iedereen snel weg; die man was niet helemaal te vertrouwen. Maar toen die eenmaal weer weg was, kwam iedereen terug. Een enorme boom was omgezaagd. Een vrouw daar zei tegen Ans en haar vriendin: “Als jullie me helpen, krijgen jullie de top.” Zo gezegd, zo gedaan, en na veel zagen konden Ans en haar vriendin weer met een volle kar terug. Maar toen brak er een wiel van Ans haar wagentje af, en midden in de sneeuw konden ze niet meer verder. Haar vriendin moest naar huis, en ruilde met Ans van eten; Ans had tulpenkoek bij zich en zij zelf wittebrood, dat Ans wilde hebben. Ans heeft uren gewacht (en dat was een van de weinige keren dat ze echt bang was geweest), totdat haar vader het wiel er weer onder kon zetten en haar -na een hele dag buiten in de kou geweest te zijn- mee naar huis nam.

Tot onze verbazing had Ans die dag geen kou gevat: “Ja ik denk wel eens: mensen zijn tegenwoordig zo vaak ziek, hè? Je moet alles schoon houden, je moet je handen op tijd wassen, je moet dit, je moet dat; er is niets meer in je lijf dat dat werk doet. Dat was in die tijd nog niet, volgens mij.”

Worteltjeboven

Ze had nog een spannend verhaal dat met vrijheid te maken had.

Op de Westergracht was een keer een man doodgeschoten, niet vanwege de oorlog, maar vanwege criminaliteit. En zijn vrouw werd altijd ‘Worteltjeboven’ genoemd. Waarom, dat wist Ans ook niet precies.

Toen haar twee  tantes eens over het Houtplein liepen, liep de weduwe langs. De ene tante wist niet precies wie dat was, dus de ander stootte haar aan en zei: “Hé Cor, dat is nou Worteltjeboven.” Maar de weduwe hoorde het, blies op een fluitje, en meteen kwam de politie aangerend en Ans’ twee tantes werden in de boeien geslagen, naar het politiebureau gebracht en in twee aparte cellen gezet.

Niet alle politieagenten zijn slecht

Zoals Ans al eerder had gezegd; niet alle Duitsers en politiemensen zijn slecht. Dat is nu niet zo, en toen ook niet.

Dus na een tijdje kwam er een Nederlandse politieagent binnen bij een van de tantes en zei: “Vertel het verhaal eens hoe het gegaan is.” Dat deed tante. Toen ze uitgepraat was, zei de agent: “Verzin maar een ander verhaal, dat moet tante Nel dan ook doen. Dan zien we dan wel welke het beste is.”

Uiteindelijk was dat van tante Nel het beste: ze hadden een vrouw zien lopen met wortels in haar tas, maar eentje stak de tas uit. Toen had tante Nel gezegd: “Kijk, dat is nou met recht worteltjeboven.”

Toen de twee tantes later werden verhoord, klopte het verhaal van alle kanten, en konden ze niet verder vervolgd worden. Ze mochten weer naar huis. “Zoiets zou nu nooit meer gebeuren,” zegt Ans.

Duitse schoonmoeder wees voedselbonnen af

Ans vertelde ons als laatste nog een heel bijzonder verhaal over haar schoonmoeder. “Mijn schoonmoeder was Duits. Zij kreeg dus extra stambonnen voor voedsel en andere benodigdheden, maar zij wees deze af. Ze zei dat ze geen Duitser was maar Nederlander. Ook al had ze zo’n groot gezin om te voeden, ze vond dat andere mensen deze stambonnen meer nodig hadden en om deze reden wees ze deze af.” Toen Ans dit verhaal vertelde werd ze nogal emotioneel, dit vonden wij ook heel bijzonder. Het was bijzonder dat zelfs in tijden van nood mensen nog aan een ander konden denken en andere mensen ook de nodige dingen gunden terwijl ze het zelf misschien zo hard nodig hebben.

Interview: Silvia, Liesel
Foto: Edward Draijer | EGD Fotografie | www.egdfotografie.nl

Terug naar het overzicht van de Levende Getuigenissen

De backstagerondleiding en het omwonendendiner op vrijdag 3 mei 2019 over het terrein van Bevrijdingspop zijn volgeboekt.

Graag tot volgend jaar!

Heeft u zich aangemeld voor de backstagerondleiding of het omwonendendiner, maar bent u toch niet in de gelegenheid om mee te doen? Dan ontvangen we uw afmelding graag uiterlijk 30 april via dit formulier.

Wauw! Deze gast draait lekker!! En hij draait er niet omheen, het is meteen áán. Donker en meeslepend dendert het over ons heen. Niet iedereen is al in de stemming om zijn danspasjes te laten zien, maar niemand kan echt helemaal stil blijven.
Deze dj zou niet misstaan in menig club. En dat klopt ook wel, want dit elektronische talent staat nu en dan ook al naast big shots als Michel de Hey en Gregor Salto. Sebastian Crane draait een mix van techno-house met een jazz-sound.
Het zonnetje begint harder te schijnen en ons festivalgevoel komt naar boven.

Wat ons betreft mag hij vanavond de avond afsluiten!

Amanda, Stephan en Vanessa

Zojuist zijn de hekken van het Bevrijdingspop-terrein geopend! We starten met NEMSIS en The Irrational Library op het Houtpodium. Traudes opent het Jupilerpodium powered by SENA. Absolut het Plein van de Vrijheid. En Joes Boonen het Kinderfestival Rabobankpodium.

Later vandaag arriveert MY BABY per helikopter, als Ambassadeurs van de Vrijheid. Het Bevrijdingsvuur wordt door de Kennemer Runners vanuit Wageningen naar Haarlem gebracht. DI-RECT, Ralf Mackenbach, Jacqueline Govaert, 4Life, Triggerfinger en Alain Clark treden allemaal op. (Timetable.) Je kunt speeddaten met veteranen. Er is een rapshowcase. En om 5 voor 5 staan we allemaal even stil bij onze vrijheid.

Veel plezier!

Praktische info over Bevrijdingspop 2018

Foto  boven het artikel: Donald van Hasselt
Foto Kinderfestival: Nina Schelvis

De aanschaf van munten is op Bevrijdingspop als volgt geregeld:

Voor een plaspartout betaal je 1 munt vandaag.
Een enkel toiletbezoek kost 50 cent.

Je kunt munten aanschaffen met een pinpas bij de automaten op het terrein.
Bij de kassa’s kun je ook met cash betalen.

In beide Korea’s zetten ze vandaag de klok gelijk, zodat vrede & vrijheid een stap dichterbij komen. Wij vieren onze vrijheid gelukkig al sinds 1945, vandaag op een prachtige 5 mei boordevol muzikale hoogtepunten. 

Praktische zaken

Hieronder alle praktische info die je nodig hebt voor een topdag op Bevrijdingspop 2018. Denk ook aan zonnebrand. Het wordt een stralende Bevrijdingsdag waarin de temperatuur kan oplopen tot 20 graden.
Dus: bakkers klaar… Bakken maar!

Hier wat zaken op een rij om je dag nóg leuker te maken:

Timetable

Plattegrond

Bereikbaarheid festivalterrein

Themaprojecten

Laatste nieuws

App

Regels

FAQ

Lost & found

Munten & plaspartout

live beeld vanaf hoofdpodium

De jonge hiphop talenten van jongerenorganisatie Stichting Talent and Dreams (STAD) hebben dit jaar op Bevrijdingspop Haarlem een eigen podium: FIST OF FREEDOM! Hiermee krijgen zij de kans hun talent aan het grote publiek te tonen.

STAD heeft een veelzijdige club jongeren bij elkaar verzameld die hun kunsten op 5 mei tijdens Bevrijdingspop presenteren. Deze jongeren zetten eerder bij STAD hun eigen muziekprojecten op en krijgen nu dus daadwerkelijk een podium.

De jongerenorganisatie hield eerder audities om geschikte kandidaten voor het podium te verzamelen. Daaruit ontstond een bijzondere groep jonge rappers. De geselecteerde rappers die meedoen schreven teksten die bij het thema ‘Vrijheid en Verzet’ passen. Deze nummers zijn te beluisteren tijdens de eerste set ‘FIST OF FREEDOM’ op het Plein van de Vrijheid.

De helft van de Nederlanders heeft wel eens gehoorklachten na bezoek aan een festival of concert. Dit blijkt uit recent onderzoek dat marktonderzoeksbureau The Choice uitvoerde in opdracht van Alpine Hearing Protection. Volgens Jan van der Borden, KNO-arts bij het BovenIJ Ziekenhuis in Amsterdam, maakt de Nederlandse KNO-vereniging zich ernstig zorgen. Hij noemt het aantal jonge mensen met gehoorschade ‘schrikbarend’. Ook de Amsterdamse nachtburgemeester Shamiro van der Geld spreekt zich uit: “Gehoorschade zou ‘top of mind’ moeten zijn bij muziekliefhebbers”.

60% bezoekers festivals draagt geen gehoorbescherming

Alpine Hearing Protection is dit jaar op ruim 150 muziekfestivals vertegenwoordigd en heeft in kaart gebracht hoe goed de gemiddelde bezoeker op de hoogte is van de risico’s van harde muziek. Van de miljoenen festival- en concertbezoekers die Nederland telt heeft 57 procent wel eens last van zijn of haar gehoor, waarvan 22 procent zelfs regelmatig of altijd. De beste manier om gehoorschade te voorkomen is volgens 92 procent het dragen van gehoorbescherming, maar desondanks gebruikt 60 procent nooit oordoppen tijdens een concert of festival. Dat harde muziek gehoorschade kan veroorzaken is bij 95 procent van de ondervraagden wel bekend, maar toch is 1 op de 5 in de veronderstelling dat het muziekvolume op festivals en concerten doorgaans niet hoog genoeg is om schade te kunnen veroorzaken. Dat terwijl in Nederland is afgesproken dat het geluidsniveau bij muziekevenementen 103 decibel mag zijn. Hierin kun je al binnen enkele minuten gehoorschade oplopen.

Misvattingen gehoorbescherming

Uit het onderzoek blijkt dat er nog een aantal misvattingen bestaan over gehoorbescherming. Zo wordt gedacht dat het draagcomfort van muziekoordoppen onvoldoende is (35 procent) en geven respondenten aan bang te zijn met oordoppen geen gesprekken te kunnen voeren (20 procent) en niet meer te kunnen genieten van de muziek (19 procent). Shamiro van der Geld vindt deze reacties als vertegenwoordiger van het Amsterdamse nachtleven herkenbaar: “We moeten de bestaande taboes rondom gehoorbescherming doorbreken. Ik hoor mensen om me heen vaak zeggen dat ze geen oordoppen dragen, omdat je de muziek dan niet meer goed hoort. Dit klopt niet. Als muziekliefhebbers zouden weten wat filteroordoppen zijn, dan zouden veel meer mensen oordoppen dragen.” Sjoerd Groot, International Marketing Manager bij Alpine Hearing Protection, is niet verbaasd over de bestaande misvattingen rondom gehoorbescherming. “Met ouderwetse schuimoordoppen beleef je inderdaad weinig plezier aan een concert of festival, maar met oordoppen met een muziekfilter is dit een heel ander verhaal. Hiermee ben je goed beschermd, blijft de muziekkwaliteit gewaarborgd en zijn gesprekken prima hoorbaar. Dankzij het thermoplastische materiaal dat Alpine heeft ontwikkeld, is het comfort optimaal en kun je ze de hele dag dragen.”

Van der Borden merkt op dat het belangrijkste vooroordeel over oordoppen wel verdwenen is. “Een aantal jaren geleden was het niet hip om gehoorbescherming te dragen. Dat argument om geen oordoppen te dragen komt in dit onderzoek niet prominent naar voren. Er heeft in Nederland dus een grote bewustzijnsslag plaatsgevonden. Nu moet hier nog op worden geacteerd.”

Beschermen gehoor blijft eigen verantwoordelijkheid

Zo’n 20 procent van de festival- en concertbezoekers denkt dat het geluidsniveau bij muziekevenementen veilig is en dat het dragen van gehoorbescherming daardoor onnodig is. Het geluidsniveau van een gemiddeld festival ligt echter rond de 100 decibel. Daarin kun je maar vijf minuten verblijven zonder risico te lopen op gehoorbeschadiging. “Er zijn natuurlijk afspraken gemaakt met concert- en festivalorganisatoren die het risico op gehoorschade moeten verminderen, maar het is naïef om als bezoeker maar blindelings te vertrouwen op bepaalde richtlijnen die zijn opgesteld. Neem je eigen verantwoordelijkheid en bescherm jezelf”, aldus van der Geld. Volgens van der Borden is het ook te kort door de bocht om de verantwoordelijkheid bij de organisatoren van muziekevenementen neer te leggen. “Het omlaag brengen van het aantal decibels tijdens muziekevenementen is in mijn optiek niet de manier om het aantal gevallen met gehoorschade terug te dringen. Vergelijk het maar met de discussies rondom de gezondheidsrisico’s van roken. Het verbieden hiervan blijkt vaak ook geen oplossing te zijn. Men moet gewoon heel goed op de hoogte zijn van de schade die hard geluid kan aanrichten. En wat je kunt doen om dit te voorkomen.”

Vrijheid is eigenlijk helemaal niet zo vanzelfsprekend. Voor ons (kinderen) is dat lastig te bevatten omdat we niet anders gewend zijn. We zijn namelijk nog nooit geconfronteerd met oorlog of onderdrukking. Zonder trauma’s en weinig nadenkend over hoe goed wij het hier hebben, gaan wij blindelings door het leven. Vrijheid is de laatste jaren voor ons vanzelfsprekend geworden. Zelf keuzes maken, doen en gaan waar we willen, we weten niet beter. En dat terwijl deze vrijheid helemaal niet zo normaal is.

Stel je voor…

Wij kunnen ons slecht bedenken hoe het is als onze vrijheid wordt afgenomen. Het zijn van die ‘stel je voor’-situaties waar wij veel te weinig over na denken, eigenlijk. We beseffen simpelweg niet/nauwelijks hoe bevoorrecht wij zijn met onze vrijheid. We onderschatten daarom waarom vrijheid zo essentieel is. Onze vrijheid wordt door iedereen geaccepteerd, maar tegenwoordig steeds minder gewaardeerd. Natuurlijk zijn mensen ontzettend blij met de vrijheid die ze hebben, maar dat bevoorrechtte gevoel verdwijnt en het wordt normaal bevonden. Sterker nog, mensen worden er tegenwoordig aan herinnerd met reclames om op vier mei een minuut stilte te houden, om na te denken over de oorlogsslachtoffers en vrijheid. Het is erg jammer dat we er continu aan herinnerd moeten worden dat die vrijheid zo speciaal is, omdat we het anders langzaam gaan vergeten. Echter denken we wel dat Bevrijdingspop een goede en moderne manier is om ons aan deze vrijheid te herinneren. Voor ons betekent vrijheid dat we ons voor zover we dat kunnen inschatten, dat we ons zelf kunnen zijn, kunnen gaan en staan waar we willen en een mening hebben waar tot op zekere hoogte naar wordt geluisterd.

Burgeroorlog

Bosnië was voor 1992 een provincie in Joegoslavië. De regering van Bosnië was een referendum begonnen om te kijken of ze een onafhankelijk land moesten worden (vergelijkbaar met Catalonië in Spanje). Toen een meerderheid onafhankelijk wilde worden, verklaarde Bosnië-Herzegovina zich in 1992 onafhankelijk. De staat Joegoslavië accepteerde dit niet en er ontstond een grote burgeroorlog. Deze Bosnische burgeroorlog duurde van 1992 tot 1995.

Miriam Hoorenman

Mevrouw Hoorenman was tijdens de burgeroorlog vier maanden uitgezonden als magazijnwerker bij de herstelcompagnie. Een herstelcompagnie is te vergelijken met een garage zoals de KwikFit. Miriam was in de herstelcompagnie verantwoordelijk voor de reserveonderdelen, zodat de monteurs kapotte voertuigen konden repareren. De eerste twee maanden zat ze in Duvno, een kleine stad met circa 5.000 inwoners. Twee maanden later ging ze naar Lucavac, een stad in Bosnië met circa 50.000 inwoners.

Een samenvatting van het verhaal van Miriam:

Op 2 maart 1994 werd ik uitgezonden naar Joegoslavië. Wij kwamen daarheen als ondersteuning van Dutchbat, een Nederlands infanteriebataljon, onder commando van de Verenigde Naties. Ik werkte bij een herstelcompagnie en het was mijn taak de voorraden in het magazijn aan te vullen. Een herstelcompagnie is een garage. We repareerden allerlei voertuigen van Dutchbat in een loods in Duvno.  In deze loods hadden we geen stromend water en geen toiletten. We hadden alleen een loods waarin drie tenten stonden en in de hoek hadden we een bunker gebouwd voor eventuele aanvallen. We hadden wel pakken water in een pallet. Als je naar de wc moest, moest je dat even achter de loods doen en douchen kon hier al helemaal niet. Op vijf minuten rijden zaten de Engelsen in een school en hier konden wij wel douchen en de resterende dingen doen.

Onder de loods bleek een geheime kamer te zitten waar wij niks van wisten. Regelmatig stond er geschut voor de deur. We wisten totaal niet wat er daar gebeurde, best creepy. Waarschijnlijk zaten de Joego’s daar.

Nadat ik op verlof naar Nederland was gegaan, ging ik naar een bruinkoolfabriek in Lukavac. Het was daar erg smerig. Er was één gebouwtje met allerlei giftige stoffen, waar we niet mochten komen. Ik weet van een paar mensen dat ze naar binnen zijn gegaan en een aantal van hen hebben nu ook gezondheidsproblemen.We mochten niet douchen met dat giftige water of tanden poetsen, we moesten alles eerst zuiveren. Het eten dat we iedere avond over hadden, brachten we naar een weeshuis. Dag en nacht hoorden we schoten in de omgeving. Ik ben geraakt door wat ik daar heb gezien. Kinderen hebben hun vaders verloren. Die mensen daar hadden niks. Echt niks. Soms zagen we vrouwen door ons vuilnis gaan om te kijken of er nog wat bruikbaars in zat. Dat was voor mij een van de lastigste dingen toen ik terug was in Nederland. Hier wordt veel gezeurd. Daar zijn ze al blij als ze te eten hebben in de avond…

We zijn erg onder de indruk van dit interview en we denken dat we nu beter begrijpen hoe belangrijk vrijheid is en wat het precies inhoud. We vonden het erg leuk om dit werkstuk te maken en we willen heel graag Miriam Hoorenman bedanken dat ze dit interview met ons wilde doen.

Gijs van der Klink en Jorrit Pathuis

 

Het is donker buiten, heel donker.
Er heerst een adembenemende spanning in ons huis.
Mijn moeder huilt terwijl mijn vader overlegt met de buurman.
Ik? Ik speel met mijn tol en tel hoe vaak die draait totdat hij valt, maar ik hoor alles wat mijn vader zegt.
“We moeten het kwijt, in de grachten?” ,vraagt mijn vader.
“Nee dan blijft die drijven, hij moet ergens waar niemand hem ooit zal vinden.
Begraven dacht ik zelf aan.”
“Waar dan, in onze tuin wordt die misschien gevonden door die verdomde NSB’ers.”
“Kan het niet achterin bij de apotheek?”
“Dat kan, maar we moeten stil zijn, vanavond.”
Mijn tol is gevallen en heeft 25 keer gedraaid.
Het is inmiddels negen uur geworden en mijn moeder roept me om te gaan slapen.
Ik merk dat ze gespannen is, maar kan niet goed achterhalen waarom.

Onderweg naar de trap zie ik dat mijn vader tegelijkertijd met de buurman naar buiten loopt.
Als ik in bed lig, begin ik na te denken.
Waarom was mama zo gespannen en waar gingen papa en de buurman naartoe?
Weten ze soms niet dat het gevaarlijk kan zijn zo laat op de straat?
Piekerend val ik in slaap en om 8 uur word ik wakker.
Ik ga naar beneden en dan zie ik papa bij de deuropening staan.
Hij zit onder de modder en ziet eruit alsof hij niet heeft geslapen.
Als mijn moeder ook aanwezig is zegt hij:
“Het is gelukt.”

Mevrouw Versteegh-Boersma

Dit is een van de gebeurtenissen uit het leven van mevrouw Versteegh-Boersma, ze heeft de Tweede Wereldoorlog vanaf haar zevende tot haar elfde meegemaakt.
Wij (Hidde Lieshout en Mees Lammers) hebben deze vrouw mogen interviewen als opdracht voor school.
In dit interview proberen wij erachter te komen hoe de Tweede Wereldoorlog het leven van de mensen heeft beïnvloed.
En dus vooral het leven van mevrouw Versteegh-Boersma.

Urenlang door het raam naar Schiphol kijken

15 mei 1940, de capitulatie van Nederland, maar toch veranderden er in het begin niet veel dingen in het leven van de Nederlanders.
Mevrouw Versteegh-Boersma was op dit moment zeven jaar en woonde in Amsterdam samen met haar twee broers, moeder en vader.
Ze woonden in een hoog huis met vier verdiepingen. Op de benedenverdieping woonden NSB’ers. Op de eerste verdieping woonde de familie van mevrouw Versteegh-Boersma. Boven hen woonde nog een familie, waarvan de vrouw afkomstig was uit Tsjecho-Slowakije, die nog een zolder boven hen hadden. Op die zolder komen we later nog terug.
De vader van mevrouw Versteegh-Boersma keek urenlang uit het raam naar Schiphol in de hoop iets meer te weten te komen over wat er speelde in het land.
Overal heerste onzekerheid en de kinderen voelden de spanning van de ouders en werden daar zelf ook gespannen door.
Mevrouw Versteegh-Boersma vertelde ons dat tijdens school het luchtalarm weleens afging.
Dan moest de hele school naar de kelder om te schuilen en te wachten tot het gevaar over was.
Gezien het feit dat het kinderen waren, begrepen ze er weinig van wat er precies gebeurde. Wel konden ze de spanning van de leraren merken en daar werden ze zelf onzeker van.

Mensen begonnen te veranderen

Hoe langer de oorlog, duurde hoe meer de levens veranderden en hoe meer de spanning steeg.
Duitsers namen ramen in, zodat de mensen niet meer konden luisteren naar de mededelingen van de geallieerden.
De vader van mevrouw Versteegh-Boersma hield een radio achter en kon zo wel op te hoogte blijven van wat er precies speelde in Nederland en de rest van Europa.
Ook de mensen begonnen te veranderen, velen werden opgepakt om redenen die nauwelijks bekend waren en NSB’ers begonnen hun eigen landgenoten te verraden.
Het gat tussen de NSB’ers en de normale Nederlanders begon te groeien.
Mevrouw Versteegh-Boersma moest beleefd zijn tegen de NSB’ers die onder haar woonden, maar moest contact zoveel mogelijk vermijden.
Met de invoer van de Arbeidseinsatz moesten jongens vanaf 18 jaar voor de Duitsers werken.
Beide broers van mevrouw waren boven de achttien en kwamen dus in aanmerking om opgepakt te worden en naar Duitsland te worden gebracht, om te gaan werken.
Hierdoor moesten haar broers samen met haar verstopt worden tijdens de razzia’s.
Zijzelf liep geen risico om opgepakt te worden, maar door de onzekerheid en angst die er heerste werd ook zij verstopt.

Begraven achter de apotheek

Later in de oorlog kwam er een ander aandachtspunt in de familie.
De familie die boven hen woonde had hun neef, die uit Tsjecho-Slowakije was gevlucht om niet met tegen de Duitsers te hoeven vechten, met een vriend laten onderduiken op de zolder.
Dit was vooral spannend omdat er op de benedenverdieping natuurlijk NSB’ers woonden.
De neef mocht niet naar buiten om elk risico uit te sluiten.
Mevrouw mocht ook niet met deze neef omgaan, omdat het te risicovol was. En na een tijdje mocht ze zelfs niet meer met de kinderen van de familie boven hen spelen.
De neef werd zo ongelukkig van het niet naar buiten kunnen gaan voor zo’n lange tijd en geen mogelijkheid tot echt leven hebben, dat hij op een avond besloot om zelfmoord te plegen.
Om van het lijk af te komen, besloten haar vader en de bovenbuurman het lijk achter de apotheek te begraven.
Om ervoor te zorgen dat het lijk niet ging stinken, en dus niet zou worden ontdekt, riepen ze er een arts bij die kalk bij het lichaam deed.
Die avond gingen de vader en de buurman met het lijk naar de apotheek, in de hoop niet ontdekt te worden.
De hele nacht waren ze aan het graven.
De andere jongen die onderdook, ging verkleed als vrouw naar buiten, om niet gek te worden zoals zijn vriend.
De vader van mevrouw Versteegh-Boersma vond dit helemaal niks omdat hij iedereen in gevaar bracht.

Voedsel en brandstof waren schaars

Het laatste jaar van de oorlog was voor mevrouw het ergst.
Het zuidelijke deel van Nederland was al bevrijd en doordat Duitsland zo onder druk stond, werden de Duitsers strenger in de rest van Nederland.
Ze sloten de voedselwegen en brandstoftoevoer af naar de rest van Nederland.
Het voedsel was dus erg schaars en de brandstof ook.
Relatief had mevrouw Versteegh-Boersma het nog goed, omdat haar moeder regelmatig wat te eten kreeg van de buurman die een bakkerij had in het centrum.
Ook zei ze dat het wel gezellig was op bepaalde momenten, omdat ze met zijn allen op dezelfde kamer sliepen.
Helaas had ook zij hele lastige tijden waar ze bloembollen moest eten en spullen moest verbranden om zich warm te houden.
Het erge was ook dat het einde van de oorlog nog steeds niet in zicht was,. Voor hetzelfde geld ging dit nog 20 jaar door en de mensen probeerden zich op dit moment in leven te houden.
De onderduiker die op zolder woonde, ving bijvoorbeeld duiven door en stuk brood op de venster bank te leggen. En als de duif het stukje kwam opeten, deed hij het raam dicht en probeerde de duif te vangen.
Doordat iedereen zichzelf probeerde te redden, raakte het sociaal contact op een redelijk laag niveau.
Rond deze tijd was school ook geen optie meer dus iedereen bleef thuis.

Kauwgum en chocolade strooien

Als er één ding is dat mevrouw zich nog heel goed herinnert, is het de bevrijding.
Hier leefde iedereen al een tijd lang naartoe, door de geruchten die de ronde deden.
Er kwam een opleving in de samenleving en een week voor de bevrijding waren alle NSB’ers opeens weg.
Toen op de dag van bevrijding heerste er vreugde door het hele land.
Mevrouw herinnert nog hoe de geallieerden met kauwgum en chocola strooiden en hoe ze werden toegejuicht door het volk, het was feest.
Het leven moest wel gewoon doorgaan en veel verhalen kwamen nu pas naar boven.
Ook het lijk dat ze hadden begraven kwam nu aan het licht en de vader van mevrouw werd opgepakt.
Gelukkig waren er veel getuigen die konden beamen dat de vader hem niet had vermoord, maar een heldendaad had verricht.
Het hele land kon zich eindelijk weer vrij voelen.

Bedankt!

We vonden deze opdracht erg leuk en interessant om te doen. We zouden graag mevrouw Versteegh-Boersma erg willen bedanken voor dit interview.
Ook willen we graag de organisatie van Bevrijdingspop bedanken voor deze mogelijkheid.
We hopen dat de lezers van dit verslag dit interessant vonden en wat meer begrijpen over dat vrijheid niet vanzelfsprekend is en dat er mensen zijn die zich constant voor onze vrijheid inzetten.

Hidde Lieshout & Mees Lammers

Wij spraken met Mieke Mulder. Ze is geboren in 1947, de tijd van opbouw na een periode van ellende, armoede, honger en angst, maar de oorlog was voorbij. Zij kwam uit een gezin dat bestond uit een Joodse moeder en een niet-Joodse vader. Miekes gezin was geen normaal gezin, zo merkte ze. Ze had geen opa en oma. Haar moeder wilde hier eigenlijk niks over loslaten, maar later werd voor Mieke een hoop duidelijk. Ze wilde weten wat er gebeurd was, dus ging ze vragen stellen en zelf op onderzoek uit. Het hele verhaal van de moeder van Mieke is op tafel gekomen, op het moment dat haar moeder de zogeheten WUF-uitkering, een uitkering voor slachtoffers van de 2e wereldoorlog, ging aanvragen. Bij het aanvragen van deze uitkering moest de moeder van Mieke dan toch echt haar verhaal vertellen, wat ze al die jaren niet kon doen, omdat ze simpelweg, zo vertelde Mieke aan ons, blokkeerde op het moment dat Mieke iets over de oorlog vroeg.

‘Vuile Jodin’

In ons gesprek vertelde Deborah, de dochter van Mieke Mulder, ook over de wijze waarop haar moeder erachter is gekomen dat ze Joods was. Ze vertelde dat toen haar moeder op school zat, ze werd uitgekafferd voor ‘vuile Jodin’. Zo kwam Mieke erachter dat ze Joods was. Mieke is zich toen gaan verdiepen in wat er allemaal in de Tweede Wereldoorlog is gebeurd met haar familie die waren overgeleverd aan de Duitsers.

Periode van pure ellende

Het jaar 1940 brak aan, Polen werd binnengevallen en Duitsland verklaarde ons land de oorlog. Nederland werd onderworpen aan de onderdrukking van het Duitse regime. Voor alle Joodse mensen in West-Europa zou een periode van pure ellende volgen. Adolf Hitler had een genocide van het gehele Joodse volk in gedachten. Maar het bleef niet bij gedachten alleen.

In Haarlem woonden veel Joden

Mevrouw Mulders vader en moeder woonden in deze tijd in Haarlem, net als haar opa en oma, een Joods stel. In Haarlem woonden in deze tijd veel Joden. In het begin veranderde er niet veel, maar dit zou snel veranderen. Het begon ermee dat Joden niet meer als ambtenaar te mochten werken. Dit werd verder uitgebreid. Iedereen met een openbare functie moest de zogenaamde ariërverklaring afleggen. Hierin stond dat geen Joodse voorouders hadden. Het ging van kwaad tot erger. Joden mochten niet langer openbare plekken bezoeken en moesten zichtbaar een ‘Jodenster’ gaan dragen. Deed je dit niet, liep je het gevaar opgepakt te worden en te worden gedeporteerd. Zo vond een vriendin van de moeder van Mieke de ster niet mooi en droeg hem daarom onopvallend. Hiervoor werd zij opgepakt.

Het bevel om uit Haarlem te vertrekken in opdracht van burgemeester Plekker

Op een gegeven moment begin 1943 werden Joden in Haarlem bevolen om van de ene op de andere dag hun spullen te pakken en naar een aangewezen huis in een Jodenbuurt in Amsterdam te verhuizen. Zo ook de ouders van Mieke. In deze wijken waren inmiddels alweer huizen vrijgekomen, omdat de vorige bewoners op transport waren gesteld.

Niet vrij, maar vogelvrij

De moeder van Mieke was net snel getrouwd met de niet-Joodse vader van Mieke, wat uiteindelijk haar redding is geweest, zo vertelde mevrouw Mulder. Ook moest haar moeder kinderen krijgen, voordat ze door de Duitsers gesteriliseerd zou worden. Zo werden de broers van Mieke geboren. ‘’Joden waren niet vrij, maar vogelvrij’’, zo vertelde mevrouw Mulder aan ons.

De oorlog ging voort en het moment kwam dat ook Miekes opa en oma gedeporteerd zouden worden. Ze werden opgeroepen zich te melden om naar Duitsland te gaan en daar te gaan werken. ‘’Je gaat je toch niet laten wegvoeren’’, zeiden de mensen, waarop de opa van Mieke antwoorde: ‘’Van werken is nog nooit iemand doodgegaan’’, totaal niet wetende wat hem te wachten stond. In ons gesprek vroegen we aan mevrouw Mulder, waarom haar grootouders niet waren ondergedoken. Ze antwoordde hierop dat haar vader wel een plek had voor haar opa, maar dat hij zijn gezin niet in de steek wilde laten.

Uit de trein gegooide brieven

Op 25 augustus werden haar opa en oma naar kamp Westerbork gevoerd, waarvandaan ze werden doorgevoerd naar Auschwitz. Tijdens ons gesprek liet mevrouw Mulder brieven zien die haar opa uit de trein had gegooid. Onze mond viel hier letterlijk en figuurlijk van open. Wat er daarna gebeurde met de opa en oma van Mieke hoeft niet genoteerd te worden.

‘Er bestaat geen God’

Na de oorlog mochten de vader en moeder van Mieke wel weer terugverhuizen naar Haarlem, waar hen opnieuw een huis werd toegewezen. De vrijheid werd gevierd, maar op 4 mei was de moeder van Mieke niet aanspreekbaar. In de oorlog was ze niet alleen van haar vrijheid, maar ook van haar ouders en de rest van haar familie beroofd. Mevrouw Mulder vertelde ons ook, dat haar moeder na de oorlog niet meer geloofde. ‘’Er bestaat geen God, want er is geen God die zoveel mensen doet omkomen’’, zo had haar moeder aan Mieke verteld. Ook vertelde ze dat haar moeder haar bijna geen liefde meer kon geven, door alle verliezen die ze had geleden. In de laatste jaren ging Miekes moeder naar een Joods bejaardenhuis, waar bijna alleen maar mensen rondliepen met soortgelijke verhalen.

Joods monument

Naar aanleiding van dit gruwelijke verhaal heeft  Mieke Mulder met een – tal mensen Joods Haarlem opgericht – om samen een monument te realiseren in Haarlem. De gemeente Haarlem is hiermee akkoord gegaan en in 2012 is het Joods monument onthuld op de plaats waar vroeger de synagoge stond in Haarlem. Hierop zijn alle Haarlemse Joden vermeld die in de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen. Elk jaar op 4 mei vindt daar de herdenking plaats van Mieke en haar familie.

Wij willen Mieke en haar dochter ontzettend bedanken voor dit prachtige verhaal en alle brieven en foto’s die wij hebben mogen bekijken.

Mats Jager en Sjoerd Bootsma

Vrijheid betekent voor ons dat we kunnen gaan en staan waar we willen. Dat we elke ochtend op onze fiets kunnen stappen en rustig naar school kunnen fietsen, maar ook dat we elke dag met onze vrienden kunnen afspreken om leuke dingen met elkaar te doen. We kunnen sporten beoefenen samen met onze vrienden en onze eigen hobby’s hebben. Daarnaast kunnen we altijd zeggen wat we willen, zonder dat iemand er wat van kan zeggen. We zouden kunnen demonstreren voor het regeringsgebouw en een politieke partij kunnen oprichten.

Veilig thuiskomen

Voor ons is het belangrijkste dat we niet in oorlog zijn. Dat we niet bang hoeven te zijn als we naar school fietsen of als we thuis zitten. En we hoeven ons geen zorgen te maken of onze vaders en moeders veilig thuiskomen van werk. Dat we niet elke dag gaan slapen met de angst dat er misschien een bom zou vallen en dat we niet bang hoeven te zijn dat er morgen iemand doodgaat waarvan je houdt. We willen namelijk niet opgroeien in angst.

Albert Jansen

Albert Jansen was een militair die het grootste gedeelte van zijn diensttijd heeft doorgebracht in het zuiden van Libanon, wat grenst aan Israël. Hij maakte deel uit van de Unifiltroepen die in Zuid-Libanon zorgden dat de Israëliërs en de Palestijnen vreedzaam naast elkaar konden leven. In 1988 heeft de VN voor de vredesmissies een Nobelprijs gekregen en Albert heeft in februari 2015 van de Minister van Defensie een draaginsigne gekregen voor zijn optreden bij de vredesmissies.

Waar was jij gelegerd in die tijd en wat deed je daar eigenlijk?

“Mijn legerkamp was dicht bij het strand, bij een van de onrustigste plekken. Wij waren naar Libanon gestuurd om de vrede te behouden, dus wij mochten onze wapens niet gebruiken. We mochten dat alleen doen als op ons geschoten werd. Wat we vooral aan het doen waren, was rapporteren. We rapporteerden alles wat er om ons heen gebeurde. Zodra er een auto langsreed met gewapende mensen erin, rapporteerden we dat. Dat zorgde ervoor dat de Israëliërs niet zomaar hun gang konden gaan, terwijl dat daarvoor wel gebeurde. In de tijd dat ik daar was, heb ik zelf nooit een kogel te hoeven afschieten. Dat geeft me het gevoel dat wat ik daar gedaan heb, ook goed is.”

Wat merkte je van de reactie op jouw aanwezigheid van de bewoners en de milities van het gebied waar je zat?

“Natuurlijk merkte ik al snel toen we er zaten, dat de bewoners zich een stuk veiliger voelden en makkelijker de alledaagse dingen deden zoals buiten de was ophangen. Een meer directe reactie van de bewoners op onze aanwezigheid was de klusjes die ze aanboden, en zelfs aandrongen te doen, zoals ons eten te koken en onze kleding wassen. En alle dankgebaren die we door het gebrekkige Engels van de lokale bevolking met handen en voeten ontvingen. Deze gebaren raakten me echt en zijn me ook altijd bijgebleven.

De minder aangename reacties kwamen van de milities. Zij konden ons werk minder waarderen dan de bewoners. Dit werd ons duidelijk door de norse blikken die naar ons werden gericht vanaf een langsrijdende tank. Dit was natuurlijk heel intimiderend, aangezien zij in principe de overmacht hadden met hun wat meer uitgebreide wapenuitrusting en hun strakke uniformen en zwarte zonnebrillen.”

Hoe kijk je terug op je diensttijd in Libanon?

“Ik kijk vaak terug op mijn diensttijd in Libanon en als ik erover nadenk zijn het eigenlijk alleen maar vrolijke herinneringen. Wat we daar gedaan hebben voor die mensen, is geweldig. Ze konden eindelijk weer dingen buiten doen zonder bang te hoeven zijn. We hebben er echt voor gezorgd dat daar iets meer vrijheid kwam. Ook al was er niet heel veel vrijheid, ik had toch het gevoel dat we het verschil maakten. Wij hadden er ook last van dat er weinig vrijheid was. We konden eigenlijk nooit van het legerkamp af, tenzij we op patrouille gingen. Ik voelde ook dat er veel spanning was, al ben ik eigenlijk nooit in een gevecht verzeild geraakt.  Ik voelde onderhuids de spanning en elke dag hoorde je wel een ontploffing. Ik vind het jammer dat we daar niet iedereen konden helpen, maar achteraf kijk ik altijd blij terug op mijn diensttijd.”

Faas & Gilles

Bij dit bijzondere project staat ‘vrijheid’ centraal, iets wat voor iedereen een andere betekenis heeft. Wij kregen het verhaal van Gijsbert van der Lee te horen. Gijsbert is geboren en getogen in Nederlands-Indië, tegenwoordig bekend als Indonesië. Hij zat met zijn moeder en twee broers in een Jappenkamp in Oost-Java. In Nederland begon de oorlog op 10 mei 1940, terwijl de oorlog in Nederlands-Indië pas later begon, namelijk op 8 december 1942. Tijdens de oorlog verbleef hij in Indonesië en na de bevrijding is hij samen met zijn familie en duizenden anderen teruggekomen naar Nederland.

Meneer van der Lee was – toen de oorlog in Indië begon – 2,5 jaar oud, waardoor hij gelukkig geen duidelijke en nare herinneringen aan de oorlog heeft overgehouden. Er zijn echter wel sommige beelden op zijn netvlies gebrand en deze heeft hij met ons gedeeld.

Vrijheid in gebondenheid

Hij vertelde ons dat vrijheid een erg wijd begrip is. Je kunt het opdelen in allerlei verschillende categorieën. Gijsbert benadrukte dat men deze vrijheid pas mist, zodra het er niet meer is.

Zo stelde hij vrijheid parallel aan de gezondheid. Gezondheid is voor velen vanzelfsprekend, tot je een keer ziek bent. Dan realiseer je je pas dat
gezond-zijn niet gegarandeerd is. Dat is net zo met vrijheid. Pas als je vrijheid je ontnomen wordt, realiseer je echt wat vrijheid is.

Het tweede punt is dat wij ons moeten realiseren dat echte vrijheid onmogelijk is zonder echte gebondenheid. Neem bijvoorbeeld ‘de vrijheid van meningsuiting’: je kunt niet zomaar alles zeggen. Zo vindt hij dat je niet iedereen voor gek kan verklaren. Er zijn tenslotte grenzen. Dit noemen we ook wel ‘vrijheid in gebondenheid.’

Ongeschreven grenzen

In onze samenleving zijn er ongeschreven grenzen: ongebonden vrijheid leidt tot chaos, onrust en onvrede. Met een zekere gebondenheid creëer je orde, structuur en kunnen we elkaar respecteren.

Toen we hem vroegen wat voor hem de belangrijkste vrijheid was, zei hij het volgende:

“De vrijheid om te gaan en staan waar je wilt; dat je je veilig voelt, relatief veilig. Naarmate je meer in je leven in het buitenland hebt gewoond en gereisd, realiseer je je steeds meer als je terugkomt, wat vrijheid betekent. We kunnen kritiek hebben op onze regering. Daar ga je niet het gevang voor in. In die gebondenheid kun je allerlei dingen zeggen en er zijn een heleboel landen in de wereld waar daar geen sprake van is. Vrouwen die vrij zijn in een land als Nederland. Dat moet je echt koesteren. Dat is echt ongelofelijk.”

Lotsverbondenheid

We vroegen aan Meneer van der Lee wat voor hem zo opvallend was aan de oorlog. Hij antwoordde dat de saamhorigheid zo belangrijk was. Hij vertelde ons dat hij met zijn moeder en broers opgesloten zat in een compound met huizen, met vele andere families, zonder enige uitweg. 24 uur per dag, 7 dagen per week.

Dit zorgde ervoor dat iedereen voor elkaar opkwam en elkaar verzorgde, wat een ongelofelijk positief aspect was van het gevangenschap. De gedeelde angst zorgde ook voor een sterk gevoel van verbondenheid.

Die angst beleefde meneer van der Lee vooral na de oorlog. Toen de Japanners waren verslagen. Hij werd samen met de anderen in kampen geplaatst onder leiding van Japanners, ter bescherming tegen de opstandige Indonesiërs, die onafhankelijkheid wilden. Hierbij probeerden zij Chinezen en blanken te vermoorden. Zij sloegen dan met hun bamboestokken op de lantaarnpalen en het lawaai was angstaanjagend. Hij was toen 6 jaar oud. De beelden en geluiden daarvan staan nog steeds in zijn geheugen gegrift.

De euforie

De bevrijding herinnert Meneer Van der Lee zich nog erg duidelijk. Hij vertelde dat er al enige tijd het gerucht rondging dat de oorlog ten einde was; men twijfelde of dat echt zo was. Dit bleek te kloppen, er vlogen vliegtuigen over die pakketten met eten dropten. Dit is hij nooit vergeten: die euforie die er toen heerst. Want dat markeerde het einde van de oorlog. Het duurde tot juni 1946 tot ze daadwerkelijk vrijgelaten werden. Daarna volgde de reis naar Nederland.

Volgende generatie

Meneer van der Lee heeft een eigen levensverhaal geschreven, wat wij voorafgaand aan het interview bekeken hadden. Onze vraag was wat de aanleiding tot het schrijven was. Hij antwoordde dat zijn kinderen en kleinkinderen altijd grote interesse hadden in de verhalen. Daarnaast vindt hij het erg belangrijk voor de volgende generatie om te weten wat er in zijn jeugd en dus in die oorlogsgeneratie is gebeurd. Bovendien vindt hij het ook een belangrijk stuk familiegeschiedenis.

Het heeft voor hem ook zeker geholpen met het verwerken van de oorlog en de naweeën daarvan. Dat wil zeggen dat door het schrijven hij een stuk van zijn verleden, dus ook een stuk frustratie, van zich af heeft geschreven. Het was dus niet alleen om te delen, maar ook in verband met de emotionele en mentale consequenties van de oorlog.

Afsluiting

Tot slot wilde Meneer Van der Lee nog met ons delen dat je je heel bewust moet zijn hoe waardevol het is dat je in een omgeving leeft waar je in vrijheid kunt worden opgevoed. Waar wij het volledig mee eens zijn.

We willen nog graag de Stichting Bevrijdingspop bedanken voor deze kans op deze speciale ervaring en uiteraard Gijsbert van der Lee voor het delen van zijn indrukwekkende verhalen.

Aurelia Wurpel en Philine Mol

Vrijheid is voor ons iets waar we tamelijk gewend aan zijn geraakt. Hierdoor kijken we er waarschijnlijk naar met volledig andere ogen dan mensen die nooit vrijheid hebben gehad, of in ieder geval minder. Het is voor ons een gewoonte, iets wat we altijd hebben gehad en waar we geen aandacht aan besteden. Voor ons betekent het vooral de mogelijkheid om de dingen te doen die je zelf wilt doen, en met de mensen om te gaan die je zelf wilt. Voor ons is vrijheid dat we ook onszelf kunnen zijn bij elkaar.

We zouden niet zonder vrijheid kunnen leven. Het is dus ook niet altijd een heel algemeen ding, maar iets wat veel invloed heeft op het dagelijks leven.

‘Leerzaam om te horen over de oorlog’

Zaterdag 24 maart zijn wij op bezoek geweest bij mevrouw Borger in het bejaardentehuis. We zouden haar wat vragen stellen over haar ervaringen in de Tweede Wereldoorlog en over wat vrijheid voor haar is. Dat bleek uiteindelijk niet nodig. Toen we binnenkwamen en vertelden waar we voor kwamen, begon het verhaal eigenlijk meteen. Het was een treurig verhaal. Zij werd er zelf, zelfs na al die jaren, nog verdrietig van. Wij vonden het beiden een interessant gesprek. Het was leerzaam om het verhaal te horen van iemand die het echt heeft meegemaakt. Opeens leek de oorlog eigenlijk niet zo lang geleden.

Op het platteland

Mevrouw Borger woonde tijdens de oorlog op het platteland. Ze woonde daar met haar broers, zussen en ouders. Voor zichzelf hadden ze genoeg eten. Maar wat haar het meest bij is gebleven, is dat er elke avond hongerige mensen op de deur klopten voor eten. Ze stonden in groepen voor de deur, vaak zonder schoenen. Haar vader zei altijd ‘ja’, omdat die mensen het anders niet zouden overleven. Niet alleen door de honger, maar ook omdat je werd neergeschoten als je later dan 8 uur buiten was. “Op sommige dagen lagen er acht op de vloer te slapen.” Ook moesten ze de helft van hun woonkamer weggeven aan de Duitse soldaten die hun huis gebruikten als verblijfplaats. Deze soldaten waren geen slechte mensen volgens haar. Integendeel, ze zijn altijd beleefd geweest en ze waren eerder behulpzaam dan een last. Ze moesten altijd wel van hun ouders uitkijken wat ze tegen hen zeiden. Want als je iets verkeerd zei, konden ze je zo neerschieten.

Overleven door beleefd te zijn

Haar broer zat in het leger en werd oorlogsgevangene nadat Nederland capituleerde. Hij is meegenomen naar Duitsland, waar hij 3 maanden is gebleven. Ze hebben al die tijd niks van gehoord, maar opeens na 3 maanden stond hij voor de deur. Hij heeft er de rest van de oorlog niks over verteld, alleen maar dat hij het had overleefd door beleefd te zijn en dat zij hetzelfde moesten doen. “Geen slecht woord over de Duitsers”, want je weet nooit wat ze zouden doen.

‘De laatste die dit verdiende’

Verreweg het meest schokkende verhaal vonden we het verhaal van haar vader. Dit was vrijwel het eerste waar ze over vertelde. Haar vader is doodgeschoten door een Duitser. Er kwamen drie Duitsers over de sloot heen springen, een ervan begon te schieten. Hij raakte haar vader. Het was niet helemaal duidelijk waarom dit gebeurde. Maar van wat we gehoord hebben van deze mevrouw, was haar vader een goede man en de laatste die zoiets verdiende.

‘Vrijheid is iets moois’

Toen we mevrouw Borger vroegen over vrijheid, was haar eerste reactie: “Dat is iets moois”. Ze vertelde dat we ervan moeten genieten dat we in zo’n vrij land als het onze wonen. Dat we niet zonder schoenen bij mensen hoeven aan te bellen voor eten. De Tweede Wereldoorlog was een verschrikkelijke tijd, waar ze liever niet aan terugdacht. We moeten eerder blij zijn dat we nu leven, en niet toen, en dat we vrij zijn om te doen wat we willen.

Overal was het feest. Je kon de muziek al van verre horen. Ook mevrouw De Ruite vierde feest. Ze was toen nog maar elf, maar had voor haar leeftijd al veel meegemaakt. In de vijf voorgaande jaren had ze een periode zonder vrijheid ervaren en de oorlog was, zoals ze vaak zegt, een rare, rare tijd. Mevrouw Steenkist was in die periode twintig jaar. De jongeren van nu hebben nooit een periode van onvrijheid gekend. Tegenwoordig wordt vrijheid in Nederland als vanzelfsprekend gezien, dit geldt echter niet voor alle landen. De wereld is er de afgelopen tien jaar namelijk niet vrijer op geworden. 2,6 miljard mensen leven momenteel in een ‘onvrij’ land.

Wij hebben met mevrouw De Ruite en mevrouw Steenkist gesproken over hoe zij zoiets hebben ervaren tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Heftige gebeurtenissen

In het begin van de oorlog was mevrouw De Ruite zes jaar en mevrouw Steenkist was vijftien jaar. Beiden hebben een aantal heftige gebeurtenissen meegemaakt. Zo heeft mevrouw De Ruite ons het volgende verteld over hoe haar dagelijks leven werd beïnvloed door onder andere onderduikers, die bij haar thuis verbleven.

Het dagelijks leven ging gewoon door. Ik ging overal op de fiets heen en speelde vaak buiten met vriendinnen, omdat ik enig kind ben en mijn ouders vaak geen tijd voor mij hadden. Als ik even alleen wilde zijn, kon ik altijd op mijn kamer terecht. Onze thuissituatie was niet zoals die van de andere kinderen, wij hadden namelijk onderduikers in huis. Hoewel mijn ouders mij niets vertelden over wat er precies aan de hand was, heb ik altijd meegekregen dat ik er niets over mocht zeggen. Tegen niemand. Overdag waren de onderduikers er meestal niet, maar ’s avonds aten ze wel mee en ze sliepen ook in ons huis. Bovendien hielpen ze mee met het huishouden. De onderduikers bleven een paar dagen/weken en dan vertrokken ze weer.

 ‘Bang voor de bommen’

Ik ging niet meer naar school en deed ook niet aan sport. Ongeveer één keer per week kwam er een vliegtuig overvliegen en dan was ik heel bang dat er bommen werden geworpen, dus zocht ik bescherming bij mijn ouders. Als er iets fout was gegaan in het dorp, werd de avondklok als straf eerder ingesteld. En als je nog te laat werd aangetroffen op straat, werd je meegenomen naar een kazerne. Die mensen werden niet meer teruggezien.

Ook de vader van mevrouw Steenkist werd naar een kazerne gebracht, nadat hij was opgepakt. Mevrouw Steenkist woonde met haar broers en zussen in Vogelenzang. Net als mevrouw de Ruite speelde zij vaak buiten met haar vriendinnen en moest zij rekening houden met de avondklok.

 Opgepakt

Op een avond was ik blaadjes aan het rondbrengen toen de avondklok ging. Die blaadjes waren van ‘De ondergrondse’, een verzetsgroep. De mensen bij ‘de ondergrondse’ zochten uit wie er te vertrouwen waren en daar ging ik dan langs.

Op die avond was ik heel bang en wilde snel naar huis gaan, maar ik werd opgepakt door een soldaat. Deze liet mij echter gaan, onder voorwaarde dat ik heel snel naar huis ging. Het was het engste moment dat ik ooit heb meegemaakt. Hij wist natuurlijk niet dat ik die blaadjes bij me had. Als hij dat wel wist was ik naar een kazerne gebracht en ik weet niet wat er daar gebeurd zou zijn.

 ‘Vader werd weggebracht naar de kazerne’

Je kon voor van alles naar de kazerne gebracht worden. Bijvoorbeeld voor te laat op straat zijn. Of als je werd verdacht van het plegen van verzetsdaden. Iedereen was bang om naar de kazerne gebracht te worden, maar veel mensen wisten niet precies wat er daarna met je gebeurde. Zo vertelde mevrouw Steenkist ons het volgende:

Ik heb nooit geweten waarom mijn vader op een dag werd weggebracht naar de kazerne. Van de kazerne werd hij naar een schip gebracht ergens in een meer, ver van Vogelenzang (ons dorp). Op dat schip werd hij dag en nacht bewaakt door een soldaat. Gelukkig voor hem en voor ons was het een vriendelijke soldaat, die het toeliet, wanneer mijn moeder, broers en zussen en ik op hongertocht naar mijn vader gingen, wij eten van de boot meenamen naar huis. Hiervoor moesten wij heel lang lopen en wij sliepen ’s nachts niet in bedden, maar in een laag stro dat in de hal van onze tijdelijke verblijfplaats was verspreid.

Rond die tijd moest ik ook vaak eten gaan halen. Er is mij bijgebleven dat ik een keer een doos koekjes moest halen. Toen ik thuis kwam, was de hele doos leeg. 

Belangrijke verhalen om te bewaren

Door deze heftige verhalen gehoord te hebben, zijn wij ons nu meer bewust van de betekenis van vrijheid en waarderen wij het nu meer. Tegenwoordig leven er niet meer heel veel mensen die de Tweede Wereldoorlog hebben meegemaakt. Die periode heeft een grote invloed gehad op de manier waarop wij nu leven. Dus het is belangrijk dat deze verhalen bewaard blijven voor volgende generaties. Wij leven in vrijheid, mede dankzij deze mensen. Daar mogen we af en toe best bij stilstaan, zoals op 4 mei.

Maria en Hannah

Toen de heer Elfrink in 1944 21 jaar oud was, werd hij, terwijl hij vanaf zijn zus naar huis fietste, bij een razzia opgepakt door de Duitsers. De Duitsers namen iedereen tussen de 18 en 48 mee, ongeacht wat ze gedaan hadden. Dit is een enorm ingrijpende gebeurtenis geweest in het leven van de heer Elfrink en daarom hebben wij besloten dit verhaal op te schrijven, opdat het nooit vergeten zal worden. We hebben geprobeerd het verhaal zo dicht mogelijk bij de waarheid op te schrijven.

De arrestatie van de heer Elfrink

De heer Elfrink werkte tijdens de oorlog in de binnenvaart. In de winter van 1944 lag hij met zijn schip in Hoorn, waar het schip vastvroor, maar hij moest nog distributiebonnen halen bij zijn drie jaar oudere zus, die in Hillegom woonde. Hij ging daar heen op de fiets en heeft daar overnacht. De volgende ochtend ging hij weer op de fiets terug. Maar toen hij bij Heemstede kwam, zag hij vier Duitsers die “halt halt halt!” riepen ”Ausweis!” (persoonsbewijs). Er werd daar een razzia gehouden door de Duitsers. “Nou ja, als het twee moffen waren geweest had ik ze nog wel aan gekund, maar vier ging niet.”

Op transport naar Duitsland

Elfrink werd daar met andere mensen die opgepakt en uit huizen gehaald waren in een garage gedreven. In de middag kwam er een grote auto waarin de fietsen en iedereen werd ingeladen om naar de Rijkstraatweg gebracht te worden, de kazerne. Daar werden ze in een garage gedreven en die avond werden de 2.600 man bij elkaar gedreven en naar het station gebracht. De Duitsers waren gewapend en je werd ter plaatse in je rug geschoten als je niet gehoorzaamde. ”Dat deden ze gewoon.”  Ze werden vanaf het station naar Amsterdam vervoerd, waar ze tijdelijk onder het Centraal Station hebben gezeten. De volgende ochtend werden ze naar een kade in Amsterdam vervoerd. Daar hebben ze vervolgens een dag of zes gezeten voordat ze in de avond op transport werden gezet naar Duitsland. Op de trein zat voor en achter een post. Als er iemand uit de trein sprong, hoorde je schoten van de voor- en achterpost vandaan komen. “Maar ja, ik zeg: ik ga niet mee naar Duitsland. Ik word nog liever doodgeschoten”.

Uit handen van de Duitsers

Bij Voorthuizen is Elfrink toen bij heldere, volle maan uit de trein gesprongen, terwijl de trein met 60 km/h over de rails reed. De voorste post had wel op hem geschoten, alleen de achterste post niet. Dat is ook de reden dat hij dit overleefd heeft. Hij was vanuit de trein in een greppel beland, waarna hij de nacht had doorgebracht in een schuurtje van een huis, waarvan de voorgevel weggeblazen was. In de ochtend kwam er een boer langs aan wie hij vertelde wat er gebeurd was. Waarop de boer zei: “Kom maar mee, ga maar naar die boerderij”. De heer Elfrink zei toen: “Ja, ik was toen op zoek naar een koeienstal, waar de warmte was.” Bij die boerderij mocht hij naar binnen van de boer en werd hij naast een groot fornuis gezet om op te warmen. Daarvandaan is hij gaan lopen naar Harderwijk en vanaf Harderwijk wilde hij gaan lopen over het ijs naar Hoorn toe. Maar twee schippers daar zeiden tegen hem: “hang jezelf dan maar op, dan ben je van een hoop ellende af, want op het ijs wordt ook op je geschoten.” Hij is toen in plaats van over het ijs, in drie dagen er omheen gelopen. De rest van de oorlog de de heer Elfrink uit handen van de Duitsers gebleven.

Voor ons project over vrijheid hebben wij op 26 maart de veteraan Bert Kruis geïnterviewd, over zijn uitzending naar Libanon op twintigjarige leeftijd. Op jonge leeftijd had hij de keuze al gemaakt: ‘ik wil uitgezonden worden’. Wat meespeelde in zijn keuze om het leger in te gaan, was het feit dat de vader van Bert zelf een marinier was, van zijn 16e tot zijn 55e, en vaak van huis was. Bert wilde dit avontuur ook, dus besloot hij om beroepsmilitair te worden. Zijn vader was echter nooit op uitzending gestuurd. Op het moment dat hij had besloten uitgezonden te willen worden, was er echter nog geen sprake van kans op uitzending. Toen er in Libanon even later oproer ontstond, werd het opeens toch wel veel ‘echter’.

Schieten rondom de blauwhelmen

Bert was de oorlog ingestuurd als blauwhelm. Dit hield in dat ze voornamelijk gestuurd waren om toezicht te houden, te bemiddelen of troepen te ontwapenen. Bert verbleef in Libanon met Ieren, Ghanezen, Noren en Zweden. Ook al hadden ze verschillende nationaliteiten, er was altijd een soort gevoel van verbroedering. Omdat de blauwhelmen door bijna niemand als vijand worden en werden gezien, maar meer als verhindering werd er minder op hen geschoten. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat dit nooit gebeurde of dat Bert niet vaak in de omgeving van geweld kwam. Op sommige momenten kwam het zelfs voor, zoals Bert het zei, dat de kogels hem om de oren vlogen. Een voorbeeld hiervan is toen zij een keer op patrouille gingen. De Israëliërs vernamen dat er ook Palestijnen in dat gebied zaten. Zij begonnen te schieten rondom de blauwhelmen. Dit zorgde voor het gewilde effect: de blauwhelmen gingen in dekking, de Israëliërs konden zonden moeite ‘hun ding doen’.

Spannende tijden

De bevolking van het dorp waar Bert verbleef, Al-Mantsouri, was erg blij met hun aanwezigheid. De blauwhelmen lieten voor een groot deel de rust terugkeren waardoor de Libanezen weer toekwamen aan het “normale” leven leiden wat ze gewend waren. Voor hem zelf waren het tamelijk spannende tijden wanneer hij patrouilleerde in de plantages, omdat hij vaak tussen de vechtende partijen zat en er vaak met grof geschut werd geschoten en dat erg gevaarlijk kon zijn. De Palestijnen hadden het echter wat minder goed op de blauwhelmen. Dit kwam door het feit dat hun wapens vaak werden ingenomen door bijvoorbeeld Bert met zijn kameraden wanneer ze door de bufferzone liepen. Hij vertelde ons ook dat er aan de kant van de Palestijnen jongens meevochten van onze leeftijd met een Kalasjnikov, dit vonden we erg schokkend om te horen.

Jongens van onze leeftijd

Bert Kruis heeft na zijn uitzending weinig tot geen last gehad van trauma’s, behalve een enkele keer bij verdachte geluiden in het bos, die hem deden denken aan zijn tijd op de plantage. Het feit dat in oorlogen jongens van onze leeftijd betrokken waren, wellicht gedwongen, vonden wij het meest schokkend van het hele interview.

Wij hadden erg veel moeite met ons voorstellen hoe het zou zijn als er nu in Nederland oorlog zou uitbreken en wij zouden moeten meevechten. Wij zijn daarom ook erg blij met het feit dat dit hier niet zo is en we kunnen genieten van onze vrijheid!

Al bij al hebben we enorm veel respect voor alle mensen die hun leven op het spel zetten door te vechten voor ieders vrijheid. Ook willen we Bert Kruis heel erg bedanken voor het interview.

Remmelt Scheringa & Zee Fischer

Sena regelt de rechten van muzikanten en producenten. Zij krijgen een vergoeding als hun muziek in het openbaar gedraaid wordt. Elke dag zet Sena zich in voor haar rechthebbenden. Dat zijn er nu ruim 28.000.
Muzikanten en producenten krijgen hun vergoeding dankzij muzieklicenties. Bedrijven en organisaties sluiten die licenties af bij Sena. Als organisatie zonder winstoogmerk betaalt Sena de geïncasseerde gelden tegen zo laag mogelijke kosten door. Op die manier krijgen de makers van muziek waar zij recht op hebben.
Sena werkt op basis van de Wet op de naburige rechten en is gevestigd in Hilversum. Voluit staat Sena voor Stichting ter Exploitatie van Naburige rechten.

Op 5 mei vindt in Haarlem ieder jaar Bevrijdingspop plaats. Het festival wordt bezocht door ongeveer 140.000 mensen die afkomen op de gezelligheid, hun favoriete artiest willen zien optreden of ‘iets’ met het thema vrijheid hebben.

Live Review Team

De website en social media spelen een (steeds) belangrijke rol op ons festival. Door middel van algemene berichten en verslagen van optredens laten we onze bezoekers en geïnteresseerden weten wat er te gebeuren staat of gebeurd is.

Het Live Review Team bestaat uit circa 20 razendsnelle reporters die op 5 mei in duo’s verschillende optredens bezoeken en daar vanuit de communicatiecabin backstage verslag van doen op bevrijdingspop.nl. Als lid van het Live Review Team schrijf je op 5 mei ongeveer 3 artikelen en maak je daar ook de foto’s bij (met je smartphone). Uiteraard weet je van tevoren je schema, zodat je je kunt voorbereiden en verdere plannen voor de dag kunt maken.

Als Bevrijdingspop-vrijwilliger word je verder uitgenodigd bij de Grote David & Jeroen Show op 2 mei en natuurlijk voor de afterparty voor vrijwilligers na het sluiten van de festivalhekken. Ook bij het Bedankfeest op zaterdag 20 mei ben je van de partij!

Aanmelden

Wil jij meedoen met Bevrijdingspop als lid van het Live Review Team 2019? Meld je dan aan via deze pagina.
Vermeld erbij dat je je wilt aanmelden voor het Live Review Team. Graag tot snel!

Foto boven het artikel: Archie Backx

 

De Blikopener is een tent waar bezoekers op een interactieve manier worden gewezen op hun eigen en andermans vooroordelen. We nodigen jou als bezoeker uit je oordelen mee naar binnen te nemen en je te laten verrassen. De bedoeling is om zo onbevangen mogelijk te ontdekken hoe jij over anderen denkt, maar ook hoe anderen over jóu denken.

Programma De Blikopener – een tent vol vooroordelen en stereotypering. Of toch niet?

In De Blikopener zijn tussen 12.00 en 18.00 uur verschillende activiteiten te beleven. Zo is er vier keer een theatervoorstelling ‘Fair Play’ van 30 minuten te zien door theatergroep DEGASTEN en Spoken Word en creatieve activiteiten te beleven door de Haarlemse leerlingen die meedoen met School of Freedom – dit in de tijd dat DEGASTEN niet speelt. Er is plek voor zo’n 24 bezoekers in De Blikopener.

© Cris Toala Olivares/ Anne Frank Stichting

DEGASTEN

DEGASTEN is hét jongerentheatergezelschap van Amsterdam. DEGASTEN maakt rauw, fysiek en interdisciplinair theater. Op Bevrijdingspop speelt DEGASTEN Fair Play , een  interactieve voorstelling over vooroordelen, discriminatie en groepsdruk in samenwerking met de Anne Frank Stichting. De Anne Frank Stichting ontwikkelt educatieve producten ter bezinning op de gevaren van antisemitisme, racisme en discriminatie en het belang van vrijheid, gelijke rechten en democratie.

Het theaterstuk van DEGASTEN is speciaal voor Bevrijdingspop aangepast aan de tent. Er spelen 8 acteurs tegelijkertijd. Het publiek wordt gevraagd plaats te nemen bij een acteur aan tafel. Iedere acteur neemt zijn of haar groepje publiek mee in zijn of haar verhaal over stereotypering, groepsdruk en vooroordelen.

Bekijk hier de promo:

Na de voorstelling loopt het publiek naar buiten en is er op hekdoeken ruimte om je mening te geven over het theaterstuk ofwel over ‘vrijheid’. Een aantal leerlingen van School of Freedom is hierbij aanwezig.

School of Freedom

17 jongeren, van verschillende middelbare scholen uit en rondom Haarlem, gaven zich in december 2016 op om deel te nemen aan School of Freedom, een kunst-educatief project van Marijke Westerveen en Maarten Bos onder de vleugels van Bevrijdingspop.
Tussen januari en april 2017 hebben de jongeren masterclasses gevolgd van gastdocenten met expertises in kunst, filosofie en maatschappelijke kwesties. Tijdens de masterclasses stond het thema ‘vrijheid’ centraal en kregen de jongeren de kans om middels o.a. spoken word, cartoons, muziektheater en performance te laten zien en horen hoe zij over vrijheid denken en wat zij graag zouden willen uitdagen als ‘Vrijheidsstrijders’.
De masterclasses leiden uiteindelijk naar een eigen performance op 5 mei, tijdens Bevrijdingspop.
De jongeren laten daar op artistieke wijze hun ideeën over vrijheid zien en deze verspreiden onder het publiek. Ze zijn zowel op het terrein als in de tent te vinden.

Wees er snel bij om bij De Blikopener aanwezig te zijn

Wil je een voorstelling zien in de tent? Wees er dan snel bij, want er is beperkt ruimte in de tent.
Illustratie boven het artikel: Emma Ringelding

Altijd maar hard zoekend naar sponsoren in geld en/of goederen. Eerlijk gezegd, niet heel makkelijk, maar toch gaat Team Relatiemanagement er iedere keer vol voor. En dat start gewoon alweer op 6 mei! Naar allerlei Haarlemse netwerkbijeenkomsten, eigen borrels organiseren, op bezoek bij potentials en meer. Een paar highlights van afgelopen jaar:

Op 2 februari 2017 heeft Relatiemanagement een eerste eigen sponsorborrel georganiseerd – gesponsord door het Carlton Hotel. Met een fantastische opkomst en diverse leuke sponsordeals een geslaagde avond!

Beemsterkaas is dit jaar een grote sponsor. Zij komen met een foodtruck, lenen ons kaasmeisjes met plateaus kaas voor op het vipdeck én sponsoren alle vrijwilligers met 5.000 plakken kaas. Super tof!

Ook op de maandelijkse Koninklijke HFC borrel is Bevrijdingspop Haarlem een graag geziene gast. Iedere maand is er een delegatie van Relatiemanagement aanwezig. Eind maart hadden wij ‘zendtijd’ en zijn er een paar leuke deals binnengesleept.

Relatiemanagement is ook buiten de stadsgrenzen bezig. Marjan is docente op de Hogeschool Utrecht en heeft haar klassen de opdracht gegeven een sponsorplan uit te werken voor Bevrijdingspop Haarlem. De Utrechtse studenten zijn mega enthousiast en hebben verfrissende ideeën!

Op 5 mei is team Relatiemanagement gastvrouw & -heer tijdens de borrel op het vipdeck, waar alle sponsoren bedankt worden met een hapje en een drankje. Ook deze borrel is weer gesponsord!

Team Relatiemanagement (RM) bestaat uit een mooie variatie bijzonder leuke mensen: Babs, Jasper, Marianne, Marion, Marjan en Timo onder aanvoering van Monica.

De Jeugd van Tegenwoordig werd in 2005 opgericht door Willie Wartaal, Vjèze Fur, Faberyayo en Bas Bron. Vijf platen verder is de hiphopgroep niet meer weg te denken uit de Nederlandse hitlijsten. De eerste helft van 2017 staat in het teken van hun poppenmusical Watskeburt?!

Ambassadeurs van de Vrijheid 2017

Op 5 mei speelt De Jeugd van Tegenwoordig samen met De Staat en Broederliefde op de veertien Bevrijdingsfestivals. Wat betekenen 4 en 5 mei voor De Jeugd?

Vjèze Fur: “Ik zie de herdenking als een moment voor mezelf. Om even na te denken en stil te staan bij wat er allemaal gebeurt in de wereld. Het is ook belangrijk om dat aan je kinderen mee te geven.”

Willie Wartaal: “Als ik heel eerlijk ben, dan weet ik nooit zo goed wat ik met die twee minuten aan moet. Ik denk elke week wel aan vrijheid en oorlog. Dat zit bij mij zo in mijn systeem.”

Faberyayo: “Voor mij is het echt een ding, een moment van bezinning. We moeten blijven leren van het verleden. Maar als ik naar de wereld van vandaag kijk, dan lijkt het wel alsof we alles zijn vergeten. Kijk wat er in Syrië gebeurt. Heeft het herdenken en herinneren dan wel zin? Ook al geloof ik echt dat niemand oorlog wil.”

Vjèze Fur: “Vrijheid is een moeilijk en groot thema. Daarom vind ik het heel belangrijk dat we ambassadeurs zijn. Om er – ook al is het maar een klein beetje – invulling aan te geven.”

Willie Wartaal: “Aan de andere kant bestaat echte vrijheid niet. We leven namelijk in een bepaald systeem dat van alles voor ons dicteert. Ik vind het gek dat er nog steeds wapens in fabrieken worden gemaakt. En dat het allemaal om geld draait. Als kinderen in Syrië worden vermoord vinden we dat vreselijk. Maar die kogels hebben maar één doel, en dat is geld maken.”

Faberyayo: “Afgelopen jaar heb ik Oorlog en vrede van Tolstoj gelezen. Daar komen allemaal jonge Russische knapen in voor die blind opgaan in het patriottisme. Het is voor hen een eer om te mogen sterven voor moeder Rusland. Dat sentiment bestaat nog steeds in onze wereld. Alleen hebben die knapen nu andere namen en speelt het zich af in andere landen. Daarom is het zo belangrijk dat je vrijheid herdenkt, maar vooral ook tolerantie omarmt.”

Na de Bevrijdingsduik op 1 januari is het tijd voor het tweede vrijheidsevenement van Bevrijdingspop 2017. In de Toneelschuur kijken scholieren op 2 februari samen naar de voorstelling Mirad, een jongen uit Bosnië. Daarna gaan zij in debat, met elkaar en onder leiding van de acteurs, over het onderwerp: Vrijheid is niet vanzelfsprekend.

School of Freedom

Het Bevrijdingsdebat is dit jaar niet alleen het tweede vrijheidsevenement op weg naar 5 mei. Het maakt tevens onderdeel uit van een reeks masterclasses. In deze School of Freedom worden de leerlingen op kustzinnige wijze uitgedaagd. Op 4 en 5 mei wordt de School of Freedom afgesloten met performances op het terrein van Bevrijdingspop.

De leerlingen worden via School of Freedom en door hun eigen docenten voorbereid op het Bevrijdingsdebat. Zo spreken zij een deel van de stellingen groepsgewijs voor en wordt een video-opdracht voorbereid. Deze video wordt op 2 februari vertoond ter inleiding van de stellingen in het debat.

Mirad, een jongen uit Bosnië

Dit verteltheaterstuk van Ad de Bont gaat over de veertienjarige jongen Mirad die, vanwege de oorlog, uit zijn land Joegoslavië moet vluchten.

‘Mirad, een jongen uit Bosnië’ is in de uitvoering van theatergroep SAS een zogenaamde reading. Dit betekent dat er wordt opgevoerd met het tekstboek bij de hand.

Van deze tekst gaf SAS in het midden van de Jaren negentig meer dan honderd voorstellingen. De media kopten destijds: ‘Toneelstuk Mirad indrukwekkend’ en vervolgden met de mededeling dat het publiek ‘ademloos luisterde naar het verhaal over de vluchteling Mirad.’

Recent zetten lezers van het van het Nederlandse theatertijdschrift dit stuk op plaats vier in de ranglijst van beste Nederlandse toneeltekst aller tijden, achter grote wereldschrijvers als Beckett, Albee en Shakespeare.

Naast de voortdurende actualiteitswaarde (oorlogen houden helaas nooit op) is die uitverkiezing een reden waarom SAS het stuk opnieuw heeft opgepakt.

Het Bevrijdingsdebat is helaas niet vrij toegankelijk, maar vindt plaats als een besloten voorstelling.

Vrijheidsevenementen

Het Bevrijdingsdebat op 2 februari (2/2) is de tweede in een reeks van vijf evenementen in de aanloop naar Bevrijdingspop 2017 met een link naar vrijheid. Op 1/1/ was de Bevrijdingsduik in Zandvoort, op 3/3 vindt de Bevrijdingswandeling plaats en op 4/4 de Bevrijdingsrun. De reeks eindigt in mei met het Herdenkingsconcert op 4 mei en natuurlijk Bevrijdingspop zelf op 5/5.
Met de organisatie van vrijheidsevenementen wil Bevrijdingspop Haarlem meer nadruk leggen op de achterliggende boodschap van het festival: Vrijheid is niet vanzelfsprekend.

Bevrijdingspop staat synoniem voor vrijheid. Iets waar we in Nederland al ruim 70 jaar in mogen leven en van mogen genieten. Velen van ons zien vrijheid als een vanzelfsprekendheid en vergeten dat destijds hard voor die vrijheid is gestreden. En we hoeven we niet zo ver terug in de tijd om ons te realiseren dat vrijheid niet voor iedereen vanzelfsprekend is.

Het feit dat wij in ons land wél in vrijheid mogen leven, verdient een bijzonder moment om bij stil te staan. Dat doet Bevrijdingspop Haarlem door op 4 mei (Herdenkingsconcert) en 5 mei (Bevrijdingsdag) in de Haarlemmerhout in Haarlem voor de 37ste keer Bevrijdingspop te organiseren: hét bevrijdingsfestival van Noord-Holland en omstreken.

Het festival is in de loop der jaren uitgegroeid tot een van de grootste van Nederland: jaarlijks genieten ruim 130.000 bezoekers van een gevarieerd programma, dat naast veel muziek uit vele culturele en maatschappelijke projecten bestaat.

“Ik heb gisteren nog een Facebook-event aangemaakt voor mijn optreden hier vandaag, er zouden 70 mensen komen… Ik zie dat jullie met iets meer gekomen zijn!” verhaalt Yorick van Norden vanaf het hoofdpodium op het Haarlemse Bevrijdingspop tegen een zonovergoten en vol vlooienveld. Het is 5 mei 2016 en Yorick staat, met band, zijn eigen bitterzoete liedjes te vertolken in zijn thuisstad.

Een kijkje achter de schermen bij Yorick van Norden op Bevrijdingspop 2016

Je zou Yorick kunnen kennen van zijn vroegere bandje The Hype, maar tegenwoordig is hij vooral bekend van zichzelf. De singer-songwriter grossiert in aanstekelijke deunen; op het eerste gehoor vrolijk en zorgeloos, maar in Yoricks geval altijd gelaagd.

Met visserspet en zonnebril backstage

Een uur eerder was de 30-jarige Haarlemmer met  visserspet en zonnebril backstage te vinden. Als een bezige bij heen en weer lopend; iedereen even gedagzeggen. Het oudste bevrijdingsfestival van Nederland is bekend terrein voor hem en hij lijkt zich dan ook helemaal op z’n gemak te voelen. Hij beweegt zich snel en makkelijk tussen kleedkamer, artiestenruimte en het podium. Er moet veel gebeuren in de korte tijd voor het optreden; naast handjes schudden en gedagzeggen nog een kort radio-interview voor de regionale zender Haarlem105. Hier staat Yorick heel relaxed, met een cola in z’n hand, over de schouder van de radio-dj mee te kijken naar de livebeelden vanaf het festivalterrein. Als er gevraagd wordt wat men kan verwachten van het aanstaande optreden, antwoord hij: “We zullen geen dansjes gaan doen, geen bijzondere pakjes aan hebben en ook niet te veel tussen de liedjes door praten. We moeten het vooral hebben van de muziek zelf.” Hij vervolgt lachend: “De meest spannende momenten van de set zullen de instrumentenwissels zijn.”

Yorick bij Haarlem105

Bedrijvigheid achter de schermen

Zodra de dj het interview afsluit door aan te kondigen de nieuwe singel Hard Road Up, Free Fall Down te draaien, snelt Yorick onder een vriendelijk dank-je-wel alweer de deur uit. De bandbus moet namelijk nog worden uitgeladen en de instrumenten moeten op het enorme podium naar boven worden gereden en gesjouwd. Daar, aan de achterkant van het podium, is het een komen en gaan van zowel mensen van de organisatie als artiesten die bezig zijn met het klaarzetten van instrumenten, versterkers, snoertjes en draden. Als een soort file staan er grote zwarte platen op wielen in volgorde van de optredens met daarop de instrumenten van de verschillende bands opgesteld. Hierdoor kan het allemaal, als het moment daar is, makkelijker op het podium worden gereden. Op het podium zelf is er niets te zien en te merken van wat er aan de zij- en achterkant gebeurt, de mensen op het veld hebben geen idee van de bedrijvigheid die zich achter de schermen afspeelt.

Yorick van Norden maakt zich klaar om te spelen

Geen rekening gehouden met de drukte

Zo is Yoricks band druk bezig met het stemmen van de gitaren terwijl, op nog geen 10 meter afstand, de jonge band MANTRA het festival opent. Als Yorick ondertussen met stagetape de setlists op de juiste plek plakt, blikt hij terug op 10 jaar geleden toen hij daar stond met zijn oude bandje The Hype. Het is traditie dat de winnaar van de Rob Acda Award, een muzikale competitie voor veelbelovende muzikanten uit Haarlem en omstreken, Bevrijdingspop opent. Zoals MANTRA die dit jaar won, won The Hype die in 2007. Het is mooi om te zien dat hij zich nu, precies 9 jaar later, op dezelfde plek klaarmaakt voor een groot solo-optreden. Destijds was het nog zo dat de band begon met spelen exact op het moment dat de poorten om 12.00 uur opengingen. Tijdens de start stond er dus nog helemaal niemand op het veld en naar mate de set vorderde, kwamen mensen vanuit de verschillende ingangen naar het podium lopen. Een vreemd begin van een optreden, zeker voor een jong bandje dat nog naam moet maken. Gelukkig is dit tegenwoordig anders en krijgt Mantra nu de kans om te openen voor publiek. Het is een prachtige dag en ondanks het relatief vroege tijdstip stroomt het veld flink vol. Tijdens het klaarzetten van de instrumenten aan de zijkant van het podium kijkt Yorick met een schuin oog naar het veld. Hij had er rekening mee gehouden dat er best wat mensen zouden zijn, maar was er niet vanuit gegaan dat het er heel druk uit zou zien. Hier en daar een plukje mensen op een kleedje die rustig aan het opstarten waren, dat is wat hij hoopte. Maar veel ruimte voor zitten is er niet meer, het veld stroomt gestaag vol en de mensen blijven verwachtingsvol staan.

Speciale bandbezetting

Zenuwachtig is Yorick niet, hij heeft er vooral veel zin in. Vandaag speelt hij met een iets andere bandsamenstelling dan normaal. Kees Schaper die meestal bij Yorick drumt, is vandaag met Jett Rebel mee, die ook op verschillende bevrijdingsfestivals staan. Het is gebruikelijk dat bandleden in verschillende bandjes spelen; zo speelt Yorick ook met Bent van Looy mee. Maar op dagen zoals deze, of zoals Koningsdag en Record Store Day, moet er altijd goed gekeken worden naar de bandbezettingen. Kees wordt vandaag vervangen door Jeroen Kleijn, wat meteen maakt dat Yorick met allemaal oud-leden van de band Johan op het podium staat, want ook gitarist Maarten Kooijman en bassist Diets Dijkstra speelden ooit in die band. Dat hij daarmee begeleid wordt door bandleden uit een band die door velen wordt gezien als een van de beste uit de Nederlandse popgeschiedenis, is iets waar Yorick naar eigen zeggen niet over nadenkt, het zou hem alleen maar zenuwachtig maken.

‘Hey Haarlem’

De mannen zijn er nu echter helemaal voor hem, en dat wordt nog duidelijker als de presentatoren van het hoofdpodium, Barend en Wijnand, de band aankondigen. Als er klinkt: “Veel plezier bij Yorick van Norden”, duwt de rest van de band hem vriendschappelijk als eerste het podium op onder de woorden: ‘Jij bent toch Yorick van Norden!’. En nadat Yorick het publiek met een vertrouwd ‘Hey Haarlem’ begroet, begint de band vol overtuiging aan de set.

Setlist Yorick van Norden

Optreden in je thuisstad is speciaal

Het optreden verloopt op rolletjes. Het diverse publiek vermaakt zich goed in het warme voorjaarszonnetje en er wordt door sommigen voorzichtig meegezongen en gedanst. Zo nu en dan wordt er een kind op de schouders gehesen dat dan, met felgekleurde oorkappen op, boven de mensenmassa uitstijgt en geniet van de muziek en het goede zicht. Er staan voor Yorick veel bekenden vooraan; dat krijg je bij een thuiswedstrijd. Eerder die dag vertelde hij dat het heel speciaal voor hem is om in zijn thuisstad op te treden, juist omdat hij er zoveel mensen kent. “Dat is altijd anders dan spelen voor onbekenden. Het is fijn om bekende gezichten te zien, dat voelt vertrouwd, maar legt de lat misschien zelfs ook nog wel wat hoger. Mensen kunnen al verwachtingen hebben op basis van eerdere shows of ervaringen.”

Happy Hunting Ground

Het merendeel van de set bestaat uit nummers van Yoricks solo debuutplaat Happy Hunting Ground, toch zijn er twee opvallende uitzonderingen. Zo is het derde nummer van het optreden is een oude en vertrouwde; Travelogue is oorspronkelijk van The Hype maar klinkt in deze setting minstens zo vrolijk en catchy als het origineel. Het is te merken dat een deel van het publiek dit bekend in de oren klinkt. Mogelijk opvallender is het zevende liedje dat de band tere gehore brengt; Had Enough. Dit is oorspronkelijk van White Nose; een zijproject dat Yorick in 2013 is aangegaan met The La La Lies-gitarist Louis Inghels met een rauwer geluid dan The Hype en melodieuzere liedjes dan The La La Lies. De tekst is meer politiek getint dan wat men tot dan toe van Yorick gewend was en de muziek zelf vele malen donkerder. Je zou voorzichtig kunnen concluderen dat Yorick voor zijn sologeluid de melodielijnen van The Hype heeft gekoesterd, maar meer diepte en bezieling in de teksten heeft gestoken en voor zichzelf het beste van twee werelden heeft gecombineerd.

Meedoen met de groten

Naast twee optredens met The Hype, stond Yorick vorig jaar ook al solo op Bevrijdingspop. Toen stond hij op het andere (kleinere) Jupilerpodium, maar het voornaamste verschil zat hem echter in het weer; een deel van het festival werd afgelast vanwege de harde wind. De sfeer en beleving tussen deze twee optreden zijn niet te vergelijken. Dat Bevrijdingspop voor Yorick bekend terrein is, is duidelijk. Daarbij is Bevrijdingspop natuurlijk hét festival van Haarlem. De locatie is geweldig; in de Haarlemmerhout, uitkijkend op het paleis van Lodewijk Napoleon. Het blijft bijzonder om er als artiest te spelen, iedere keer weer.

Daarnaast is het ook niet zomaar een festival. Bevrijdingspop wordt volledig georganiseerd en gedraaid door vrijwilligers. Mensen die zich belangeloos inzetten zodat 140.000 mensen de vrijheid kunnen vieren. En deze betrokkenheid merk je terug in de gehele sfeer. Achter de schermen heeft iedereen zijn eigen rol, taak en instructie, want de opzet van het geheel is alles behalve amateuristisch. De verschillende kleuren polsbandjes geven wel of geen toegang tot verschillende backstage-gedeeltes. Er zijn gasten, pers, artiesten, runners, cateringmedewerkers, beveiliging en op- en afbouwers en zo nog meer. Als artiest hier optreden is niet voor spek en bonen, het is echt meedoen met de groten.

Snel wat drinken, chips en een appel, dan weer door…

Voordat de band het laatste nummer inzet bedankt Yorick de menigte: “Ik had dit niet durven dromen, dit is nu al een van de mooiste optredens van de afgelopen jaren, en het is nog niet eens echt klaar!”  Na het sfeervolle en uitgesponnen nummer Tangier als afsluiter, komt de band met Yorick als stralend middelpunt het podium af. In de coulissen volgen direct menige schouderklopjes en een korte evaluatie. Aan de gezichten is duidelijk te zien dat ze genoten hebben en ze zijn, ondanks kleine verbeterpunten voor de volgende keer, tevreden over de performance. Veel tijd om na te genieten is er echter niet. De volgende band moet opbouwen dus de instrumenten moeten ingepakt en afgevoerd worden. Op het podium wordt inmiddels het vrijheidsvuur ontstoken, wat vanuit Wageningen door lopers naar Haarlem is gebracht. Daarnaast is Nielson, een van de ambassadeur van de vrijheid dit jaar, net met een helikopter overgevlogen en kan elk moment met zijn crew aankomen voor een bliksemoptreden, voordat hij weer doorvliegt naar de volgende stad.

Ook Yorick en zijn band hebben nog een volle agenda; ze moeten door naar Amsterdam om daar nog een optreden te verzorgen op een bevrijdingsfestival. Met dezelfde snelheid als het uitpakken en opbouwen wordt nu dan ook alles weer bij elkaar verzameld en in de bandbus gepakt. Snel nog even een flesje drinken, zakje chips en een appel. Voordat ze in de bus stappen neemt Yorick een slok van zijn water en zegt: “Ik had eigenlijk mijn stem nog iets meer willen sparen, maar als er zoveel mensen naar je staan te luisteren, wil je toch gewoon alles geven. Die menigte, dat is waanzinnig. Ik heb met The Hype ook wel een aantal zeer grote optredens gedaan, maar toch denk ik niet dat we eerder voor zoveel mensen hebben gestaan… Dit was ongeveer één of twee keer een uitverkocht Ziggo Dome, kunnen we die alvast van het lijstje strepen!” besluit hij lachend.

Tekst: Félice Hofhuizen

Foto boven het artikel: Archie Bax

Overige foto’s: Félice Hofhuizen

In Nederland herdenken we op 4 mei en vieren we vrijheid op 5 mei. Dit feest van vrijheid heeft zijn hoogtepunt op 5 minuten voor 5 wanneer alle Bevrijdingsfestival daar tegelijk bij stil staan. Nou ja…. stilstaan is er niet echt bij… staand voor het Jupilerpodium op het Frederikspark horen we op de achtergrond het Florapark ontploffen in een zee van geluid in een parade van de vrijheid en op het Hoofdpodium wordt live contact gemaakt met de 13 andere bevrijdingsfestivals en worden de vrijheidsballen in het publiek gegooid.

Op het Jupilerpodium geeft Mr.Weird Beard de vrijheid letterlijk door, namelijk aan zijn 2 dochters en vrouw terwijl een confettikanon afgaat. En het publiek? Dat viert het feestje mee in de stralende zon.

Vrijheid geef je door!

Het hoofdthema Van het 4 en 5 mei comité voor deze dag is: `Vrijheid geef je door`. Dit wordt muzikaal ondersteund door Typhoon die een cover speelt van Iedereen is van de wereld, van The Scene.

En met deze oproep wil het comité 4 en 5 mei benadrukken we dat vrijheid niet vanzelfsprekend is. Een ervaring die het best gedeeld kan worden met anderen. Het besef dat vrijheid kwetsbaar is en onderhevig aan angst, geweld en onderdrukking en uiteraard het besef dat velen in Nederland en daarbuiten in en na de Tweede Wereldoorlog deze vrijheid met hun leven hebben moeten beschermen.

Op 5 mei vieren dat we vrij zijn en betuigen we steun aan hen die dat niet zijn.

Het is natuurlijk een beetje een twijfelachtige eer, het Jupilerpodium openen. De mensen druppelen binnen en moeten hun plek op het terrein nog vinden. Maar gelukkig zijn er een hoop early birds die rechtstreeks koers zetten naar het Frederikspark. De eerste biertjes worden voorzichtig besteld en genipt, voetjes in het gras, zonnebrillen opgepoetst. Billen beginnen te bewegen en heupjes gaan kalm aan los.

En wat een heerlijke mannen om de dag mee te beginnen! Ze tillen ons op en nemen ons mee. Het is sferisch, symfonisch. Het zweeft en het zoeft. Zoet en verleidelijk, maar ook spannend aantrekkelijk. En het klonk nog goed ook!

Roel ‘GOSTO’ Vermeer blijkt een waar geluidsmeesterkok. Een snufje elektra met een saus van gitaren gegarneerd met een vette schep drums. Heerlijk. Hoe de kunsten van deze vier heren samensmelten is een lust voor het oor en oog.  Als dit de amuse is van deze dag, dan belooft het een goddelijk feestmaal te worden!

Tekst: Vanessa en Mare

[button link=”https://www.bevrijdingspop.nl/programma/blokkenschema/” color=”red”]Terug naar het blokkenschema[/button]

Eerst wil hij zanger worden. Daarna droomt hij van carrières als boekenschrijver, tekenaar en acteur – allemaal nog voor hij de middelbare school heeft afgerond. Het moge duidelijk zijn: al op jonge leeftijd weet Roy Michael Reymound (Eindhoven, 26 oktober 1986) dat hij niets voelt voor een gewone kantoorbaan. Hij wil zelf creëren. Maar nooit ziet hij een dergelijke loopbaan als een reële toekomstmogelijkheid. Als hij op zijn veertiende begint te rappen, is dat dan ook voornamelijk voor de grap. Maar stukje bij beetje wordt hij serieuzer, en op zijn twintigste vormt hij met Karimineel de groep Zwarte Schapen. Ondertussen maakt Fresku met enkele vrienden – onder meer regisseur Teemong – ook steeds vaker persiflerende filmpjes die hij op internet zet. En uiteindelijk volgt, eind 2008, op beide gebieden de doorbraak. Enerzijds wordt de meligheid van het typetje Gino Pietermaai door honderdduizenden mensen omarmd, anderzijds zetten de openhartige nummers ‘Brief Aan Kees’ en ‘Twijfel’ Fresku meteen op de kaart als een unieke, persoonlijke rapper.

Die combinatie van grappig en serieus, van knipoog en oprechtheid, kenmerkt Fresku’s werk. Als in 2009 debuutalbum ‘Fresku’ verschijnt, wordt dit onderstreept: de eerste single ‘Ik Ben Hier gaat bijvoorbeeld over Fresku’s moeilijke jeugd en al zijn onzekerheden, terwijl de video Kutkop juist een humoristische, grofgebekte Fresku toont. Die combinatie van uitersten slaat meteen aan – en in één klap behoort Fresku tot de top van de Nederlandse hiphop. Zelf omschrijft hij de tijd sinds zijn doorbraak als een ‘droomvlucht’. Er volgen lovende recensies, talloze optredens, meerdere State Awards, nominaties voor een 3voor12 Award en 3FM Awards.

Geleidelijk laat Fresku zich steeds meer zien via andere kunstvormen. Hij wil een verhaal vertellen, of dat nu is door middel van muziek, film, columns, seminars of workshops maakt hem niet uit. Zo maakt hij eind 2011 zijn officiële debuut als acteur in de bioscoopfilm New Kids Nitro, heeft hij met onder meer Gino Pietermaai een vaste rubriek op televisie, en verschijnen er nog talloze sketches en filmpjes online.

Muziek blijft voorlopig echter de hoofdmoot. In 2012 verschijnt ‘Maskerade’, Fresku’s tweede album, waarmee hij definitief laat zien niet zomaar een rapper te zijn, maar een verhalenverteller. De gastenlijst is in dat opzicht veelzeggend: Fresku laat zich niet assisteren door collega-rappers, maar door zangeressen als Izaline Calister en zelfs cabaretier Theo Maassen. Ook dit album wordt veelvuldig geprezen en slaat aan, waarna Fresku even lijkt uit te groeien tot een alomtegenwoordige media-persoonlijkheid. Hij kiest echter voor de Eindhovense luwte, en met vaste compagnon Teemong – die voor de verandering het hele album produceert – werkt hij rustig maar gestaag aan Nooit Meer Terug.

Dit derde album is bij voorbaat al een van de meest besproken Nederlandse hiphopalbums van 2015. Het ligt in het verlengde van zijn twee voorgangers. Opnieuw wisselt Fresku gretig en gedurfd af tussen humor en openhartigheid, tussen komische kwinkslag en serieuze vertelling – waarbij het accent misschien wel meer dan ooit op de ernst ligt. Zelf omschrijft Fresku ‘Nooit Meer Terug’ als een album dat vooral over angst gaat: angst om als artiest niet meer mee te tellen, om teveel projecten tegelijk te willen, om als vader tekort te schieten, om niet mee te komen in de Hilversumse media-wereld. (“Het spel is vies,” rapt hij niet voor niets op de titeltrack) Ondertussen denkt hij alweer zijdelings aan nieuwe projecten, aan de film die hij met Teemong wil maken, aan de workshops die hij moet geven. Maar de hoofdmoot is en blijft muziek, met Nooit Meer Terug als voorlopige kroon op zijn werk.

Wij, Joep en Dorus, hebben mevrouw Jansen-Oud geïnterviewd over haar jeugd in de oorlog. We kwamen er achter dat er veel gelijkenissen zijn tussen de oorlog toen en het Midden-Oosten nu, en hebben geleerd over hoe een kind een oorlog meemaakt. Lees meer

Samen zitten we, Silver en Anna, in de aula van onze school met de vrouw die wij zouden interviewen. Lichtelijk schuchter geven we elkaar een hand en stellen ons voor. We maken kennis met Salwa, een Syrische vrouw die twee jaar geleden uit Egypte is gevlucht, nadat ze daarvoor in Syrië gewoond had. Haar bruine ogen kijken ons verlegen aan en ze geeft ons een knik om met het interview te starten. We pakken onze lijst voor ons en beginnen meteen met de eerste paar vragen. Lees meer

Leven in vrijheid is niet vanzelfsprekend. Om dat te onderstrepen heeft Bevrijdingspop speciaal voor Haarlemse basisscholen een lespakket ontwikkeld: We vieren de vrijheid!

Lees meer

Vrijheid, wat is dat en wat betekent dit voor jou? Leg jouw gedachten over vrijheid vast in een pakkende oneliner en win een van de prijzen die we na 2 mei 2016 verdelen. Lees meer

Maaike is vrijwilliger in de koepel in Haarlem en geeft Nederlandse les aan vluchtelingen. Lees meer

Hij oogt rustig en stelt zich direct voor; “Hoi ik ben Marcel en eh… shit, vijftig jaar, oh en zeg maar ‘je’ hoor.” Hij vertelt ons dat hij een zoontje heeft, nu al zo’n 25 jaar in Haarlem woont en opgegroeid is in Deventer. “Ik heb leuk werk, ik ben ‘Global Accountmanager’ en reis veel voor mijn werk.” Wij zijn echter vooral geïnteresseerd in wat hij hiervóór heeft gedaan. Hij vertelt ons dat hij geen verzetsstrijder was, omdat hij niet betrokken is geweest bij de Tweede Wereldoorlog, maar van een latere generatie is. “Toen ik negentien jaar was, moest ik verplicht in dienst, maar heel erg vond ik dat eigenlijk niet”, vertelt hij. “Ik werd toen uitgezonden op een vredesmissie naar de Sinaï Woestijn vanwege de onrust tussen Israël en Egypte.” Lees meer

Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben vele dappere Nederlanders gestreden voor de vrijheid van ons land. Wij vinden vrijheid nu bijna gewoon. Het is echter niet zo dat iedereen binnen onze grenzen is opgegroeid met deze vrijheid. Er zijn vele vluchtelingen onze vrijheid komen opzoeken, omdat ze in gevaar waren. Wij spraken met de 22 jaar oude Jana, die gevlucht is uit Syrië en ons haar verhaal vertelde. Lees meer

Jade en Koen interviewen Munif, een 21 jarige geneeskundestudent uit Damascus. Lees meer

Hannah en Ella spraken met de twintigjarige Zarmina, afkomstig uit Pakistan. Ze verblijft nu drie maanden in de Koepel, zonder haar familie en vrienden. Door iets wat ze niet kon vertellen moest Zarmina alleen vluchten naar Nederland en  liet ze daarmee haar dierbaren achter. Ondanks haar omstandigheden was ze heel kalm en vriendelijk, en was ze bereid een kijkje te geven in haar leven. Lees meer

Wij hebben gesproken met Frans. Frans is nu 83 en komt uit Amsterdam. Hij woont nu in Castricum en heeft in Amsterdam de oorlog voor een heel groot deel meegemaakt. Frans was een erg spraakzame en een gezellige man die met veel trots maar ook verdriet zijn verhaal vertelde. Hij begon uit zichzelf te vertellen, het waren vaak hele verhalen, zonder dat we daar echt iets over vroegen. Het was een gezellig en fijn gesprek. Lees meer

Na een korte inleiding van het bestuur van Bevrijdingspop kregen wij een 12-jarig meisje toegewezen om te interviewen. Dit bleek al de favoriet bij het bestuur te zijn en was dat dan ook snel van ons. We doken meteen in het interview wat al snel meer een gezellig gesprek was dan een puntsgewijze vraag en antwoord-situatie
gezien de leeftijd van Shaza. Kregen we antwoorden die veel minder media beinvloed waren, en merkte we dat de blik op zo een groot onderwerp uit de ogen van een kind ook heel interresant kon zijn . Lees meer

Vrijheid, voor ons, als 17- en 18-jarigen een vanzelfsprekendheid. Een gewoonte waar wij mee opgroeien, omdat er niemand is die iets verbiedt. Ja, onze ouders verbieden ons af en toe om laat thuis te komen en dan kan je je zeker onvrij voelen, maar dat is op een heel ander niveau dan dat Jawa zich onvrij voelde. Jawa is twintig jaar, komt uit Syrië en kan zich niet herinneren dat ze zich ooit vrij gevoeld heeft in haar land. Dat is ook dat reden dat zij samen met haar vader en zusje (haar moeder ging al eerder) eerst naar Turkije en later naar ons Nederland is gevlucht. Een land met een cultuurverschil zo groot als de krater van een vulkaan, waar hele andere normen, waarden en gewoontes gelden. Lees meer

Over 24 dagen is Bevrijdingspop. We tellen af naar het festival en verheugen ons op onze favoriete artiesten, veel gezelligheid met vrienden en een topdag. 71 jaar geleden zag de wereld er op dit moment heel anders uit. Want op 11 april 1945 werd in Nederland hoopvol uitgekeken en afgeteld naar het einde van de Tweede Wereldoorlog.  Lees meer

Neymar, Messi, Ronaldo en Robben. Allemaal voorbeelden van hedendaagse topvoetballers die ooit op straat en op trapveldjes begonnen zijn en daar hun trucs hebben geperfectioneerd. Op het Kinderfestival laat Guido van Moorselaar je kennismaken met de stoere sport Freestyle Voetbal. Hij verzorgt demo’s en leert je enkele basistrucs.

Lees meer

[button link=”https://www.bevrijdingspop.nl/programma/blokkenschema/” color=”red”]Terug naar het blokkenschema[/button]

Sue the Night, Suus de Groot, is de energieke frontvrouw van de 6-koppige band die sinds september 2014 als een lopend vuurtje harten van muziekliefhebbers in Nederland verovert.

Sinds de release van het in eigen beheer uitgebrachte debuutalbum MOSAIC in januari 2015 is Sue the Night in een stroomversnelling geraakt. De release wordt gevierd in een uitverkocht Patronaat en is hiermee de aftrap voor een succesvol festivalseizoen (o.a. Best Kept Secret, De Beschaving, Zwarte Cross) en 2 goed lopende clubtours. Door diverse media worden de eerste 3 singles ‘Top of Mind’, ‘The Whale’ & ‘Fool’s Gold’ goed opgepikt. De band is graag geziene gast bij Radio 3FM; deze kent Sue the Night de titel ‘Serious Talent’, een ‘Megahit’ en 2 nominaties voor een 3FM Award toe. Daarnaast mag Sue een aantal keer te gast zijn bij DWDD.

In het najaar van 2015 werd MOSAIC ook uitgebracht in België, i.s.m. Gentle Promotion & Peter Verstraelen Bookings. Hierop volgden verschillende shows in België en begin 2016 zet de band ook haar eerste stappen in Denemarken.

Op het album MOSAIC staan songs die onder je huid kruipen; een bekende sound, terugpakkend op de classics van vroeger, maar toch eigen en vernieuwend. Vergelijkingen met Arcade Fire, Fleetwood Mac en Blondie worden gemaakt. In de studio werkte ze samen met partner-in-crime Linda van Leeuwen (Bombay) en producers Pascal Deweze (Sukilove, Broken Glass Heroes) en Thijs van der Klugt (Baskerville) en hebben diverse gastmuzikanten van o.a. Bombay, Binkbeats en Blaudzun hun muzikale bijdrage geleverd aan het debuutalbum.

Ook live heeft de band een mooie reputatie opgebouwd; de songs worden door het sextet maximaal uitgepakt. Inmiddels is de podium opstelling zelfs uitgebreid tot een set-up met o.a. 2 drummers. In deze formatie kan Sue, met haar krachtige stem en dromerige gitaarpartijen, haar songs “dragen als een mantel” (uit recensie Noorderslag ’15/3VOOR12).

Intussen blijft Sue ’s nachts doorschrijven waardoor er in november van ditzelfde jaar nieuwe songs worden opgenomen. Met hetzelfde productieteam, maar nu ook de live-band om haar heen ontstaat er een gegroeid geluid. Hiervan horen we 2 maart 2016 de eerste single genaamd ‘The World Below’. Het nog ongetitelde 2e album wordt verwacht begin 2017.

Over een kleine twee maanden vinden de 14 Bevrijdingsfestivals weer plaats. Hoog tijd om weer eens een rondje langs de velden te maken. Zonder helikopter, helaas. Wat zijn de festivals die vallen onder het Nationaal Comitë 4 en 5 mei allemaal van plan komende Hemelvaartsdag?

Ondertussen in…

Almere

Kenny B., Di-rect, Van Velzen en Ronnie Flex zijn te bewonderen op het Bevrijdingsfestival Flevoland. Ambassadeur van de Vrijheid in Almere is onze ‘eigen’ Nielson!

kaartje-festivals-almere

Website Bevrijdingsfestival

Amsterdam

In Amsterdam hebben ze een primeur: hun eigen Stadsambassadeur van de Vrijheid! Niemand minder dan Def P is hiervoor benaderd door het Nationaal Comité 4 en 5 mei.

Ook leuk om te melden: De Vrijheidsmaaltijd gaat haar vijfde editie tegemoet. Door heel de stad worden maaltijden georganiseerd waarbij invulling wordt gegevens aan het thema ‘op de grens’.

kaartje-festivals-amsterdam

Website Bevrijdingsfestival

Assen

Het Bevrijdingsfestivalfestival in Drenthe wordt geopend door Kovacs, als Ambassadeur van de Vrijheid. Maar ook The Cosmic Carnival, Dudettes en DJ Asino zie je hier op 5 mei. Over die laatste gaat het verhaal dat hij is opgegroeid tussen wilde reuzenpanda’s in het centrum van Amsterdam. Asino claimt zelf geboren te zijn op een planeet waarvan de naam onmogelijk is uit te spreken.

kaartje-festivals-assen copy

Website Bevrijdingsfestival

Den Bosch

Mostafa Hilali, beroepsmilitair en oprichter Nietmijnislam opent op 29 maart de Vrijheidscolleges 2016 in TivoliVredenburg. Minister Lodewijk Asscher leidt deze in.

kaartje-festivals-den-bosch

Website Bevrijdingsfestival

Den Haag

Fotomodel en actievoerster Ancilla Tilia en schrijfster Jessica Durlacher geven in april twee Vrijheidscolleges in Den Haag. Op 5 mei komen Sunnery James en Ryan Marciano per helikopter naar het Malieveld.

kaartje-festivals-den-haag

Website Bevrijdingsfestival

Groningen

In Groningen vindt dit jaar de nationale start van de Bevrijdingsfestivals plaats. Kovac is deze dag aanwezig in Groningen, net als Ali B.

Op 4 mei organiseren verschillende organisaties in Groningen bijzondere activiteiten. Het Bevrijdingsfestival sluit zich hierbij aan met een gratis muzikaal en literair programma in het Stadspark.

kaartje-festivals-groningen

Website Bevrijdingsfestival

Haarlem

Nielson komt naar Haarlem. Lil’Kleine en Ronnie Flex komen naar Haarlem. Het Kennemer Jeugdorkest komt naar Haarlem. Maar ook Sue the Night. Jij toch ook? Op 1/1, 2/2, 3/3 en 4/4 zijn er speciale Vrijheidsevenementen, zoals de Bevrijdingsduik en de Bevrijdingsloop.

kaartje-festivals-haarlem

Website Bevrijdingsfestival

Leeuwarden

In Friesland hebben ze een nieuwe website. Mooi! En het dynamische duo Sunnery James en Ryan Marciano in de helikopter. Zou Doutzen meevliegen, op familiebezoek?

kaartje-festivals-leeuwarden

Website Bevrijdingsfestival

Roermond

In Limburg melden ze de komst van The Common Linnets, naast ‘Limburgs’trots’ Kovac.

Voor de jongeren is er dit jaar de Cross Culture Stage, met onder anderen Kraantje Pappie en Extince. Ook is de Sena Talent Stage weer te vinden op het bevrijdingsfestival Limburg. Dit podium biedt zes zeer talentvolle Limburgse acts de kans om hun kunsten te tonen aan een groot publiek.

kaartje-festivals-roermond

Website Bevrijdingsfestival

Rotterdam

Naast de Ambassadeurs van de Vrijheid Sunnery James & Ryan Marciano is in Zuid-Holland onder meer bevestigd: Rocksensatie DeWolff, balkangroep Projekt Rakija en een Rotterdamse samenwerking van Half Way Station en rapper Unorthadox.

kaartje-festivals-rotterdam

Website Bevrijdingsfestival

Utrecht

Juliette and the Licks is de eerste act die voor het festival bekend is gemaakt. De Amerikaanse rockband met Juliette Lewis als energieke frontvrouw stopte in 2009, maar is nu terug en te zien in Utrecht.

Voor mensen of organisaties die zich op een creatieve manier inzetten voor een verdraagzame samenleving, is er de Tolerantieprijs. Ambassadeur van de vrijheid in Utrecht is opnieuw Nielson.

kaartje-festivals-utrecht

Website Bevrijdingsfestival

Vlissingen

Het Bevrijdingsfestival Zeeland wordt afgesloten door Sunnery James & Ryan Marciano. Op mainstage is Kenny B. de afsluiter, terwijl hier eerder op de dag de Handsome Poets al spelen. Het Bevrijdingsfestival Zeeland heeft nu ook een Instagrampagina. https://www.instagram.com/bfzld2016/

kaartje-festivals-vlissingen

Website Bevrijdingsfestival

Wageningen

Nog meer Sunnery James & Ryan Marciano beleven we in Wageningen dit jaar. Het hoofdpodium van het festival is vanwege veiligheid, ruimtelijke en financiële redenen verplaatst, van de Markt naar het terrein Duivendaal.

kaartje-festivals-wageningen

Website Bevrijdingsfestival

Zwolle

Van Velzen treedt dit jaar op in Zwolle, met drie Keniaanse zangeressen. Ambassadeur van de Vrijheid Nielson is van de partij. En de organisatie heeft internationale act Manu Chao vast weten te leggen. Dit wordt een feestje! Op het podium van het Wereldpaviljoen toont lokaal talent zich aan het publiek.

kaartje-festivals-zwolle

Facebookpagina Bevrijdingsfestival

 

Voor meer informatie over het Nationaal Comité 4 en 5 mei, ga hier naartoe.

Bevrijdingspop kreeg het droevige bericht dat Mike Duijndam is overleden.

Mike was zes jaar lang stagemanager van ons hoofdpodium. Afgelopen editie moesten wij hem al missen omdat hij door zijn ziekte niet aanwezig kon zijn. Naast een geweldige stagemanager, was Mike een prachtig mens. Niets was onmogelijk, een probleem werd via hem een oplossing. Altijd vrolijk. Altijd enthousiast. We zullen zijn lach gaan missen.

We wensen zijn familie en vrienden veel sterkte en kracht.

Namens alle medewerkers van Bevrijdingspop

“Vanaf donderdag 17 september heeft Haarlem er een flink aantal nieuwe bewoners bij. Ze zijn gehuisvest in de voormalige gevangenis De Koepel en de omliggende gebouwen. Zodra dit bekend werd is er door een groep vrijwilligers een facebook pagina geopend: Hotel De Koepel. De nieuwe bewoners zijn zoveel mogelijk door groepjes vrijwilligers verwelkomd met spandoeken, kushandjes en ‘welkom, welkom’ roepend in diverse talen. Ogenblikkelijk is een naburig debatcentrum begonnen met het inzamelen van ‘welkomstpakketten’ en kleding.

De bewoners van de wijk waar De Koepel ligt waren niet echt blij, ze waren bezorgd en boos omdat het hun overviel. Door de komst van de nieuwe bewoners, maar vooral ook door de grote toeloop van vrijwilligers was er opeens heel veel autoverkeer in hun altijd zo stille buurtje en voor de ingang van Hotel De Koepel ontstond een soort hangplek. Samen sigaretjes roken, praten, een balletje trappen en ….. Nederlandse les. Direct de eerste zondag in de open lucht, met een schoolbord aan de gang. Het was mooi weer, dus dat kwam goed uit. Omdat het hier wel Nederland is en de regen en kou niet lang uitblijven heeft de Doopsgezinde kerk in het Centrum van de stad ogenblikkelijk de deuren geopend. Daar zijn nu vijf keer in de week voor groepen van 50 – 70 mensen taallessen, op verschillende niveaus.

Burgemeester Bernt Schneiders heeft gezorgd dat de klachten van de bewoners goed geïnventariseerd werden en waar mogelijk zijn maatregelen genomen: verkeersregelaars, voor auto’s’ het moeilijker maken door de buurt te rijden enz. Wat natuurlijk blijft is het feit dat de toch al schaarse sociale woningen over nog meer mensen verdeeld moeten worden. Als jij al jaren op de wachtlijst staat, dan wil je nu wel eens aan de beurt zijn en niet nog eens jaren moeten wachten. Hier zal de overheid moeten ingrijpen!

In het begin was er erg ook veel kritiek van de vrijwilligers, van de nieuwe bewoners, van de buurt, op de organisatie binnen de koepel. Er kwam weinig informatie naar buiten, wel veel geruchten: er zouden veel zwangere vrouwen zijn. Dat bleken er twee te zijn die naar een ander centrum zijn overgebracht waar ze beter opgevangen kunnen worden. Er zou geen medische hulp zijn, maar het bleek dat die er overdag wel degelijk is en ’s avonds op afroep. Vrijwilligers mochten niet naar binnen. Er werden beloften gedaan (er zou bijvoorbeeld direct Wifi komen), maar die werden niet nagekomen. Maar na een dikke week ging het beter. Het Rode Kruis opende een Welkomst Winkel, het COA was bereid om met een paar vrijwilligers om de tafel te gaan zitten. Ze konden de keuken zelf zien, praten met de arts ter plekke, zien hoe de mensen gehuisvest zijn. De bewoners hebben een eigen kamer, een voormalige cel. Die kan niet afgesloten worden, want als ‘cel’ kon de deur alleen van buiten open gemaakt worden. De sloten zijn er daarom uitgehaald en er komt een nieuw systeem.

Met het offerfeest (een week na aankomst van de bewoners) hebben de moskeeën gezorgd dat iedereen die dat wilde mee kon naar een van de moskeeën. Via de facebook pagina (inmiddels bijna 3000 leden) worden heel veel initiatieven opgezet: nieuwe bewoners worden door mensen meegenomen met de trein naar Zandvoort, lekkere strandwandeling, warme chocolademelk en weer naar huis. Of ze gaan samen koken en eten, een wandeling in de stad, fietslessen. Eind deze week is er een café in Haarlem een ontmoeting tussen Haarlemmers die twee of drie mensen conversatie les willen gaan geven, zondag is er in een van de kerken een speciale dienst voor, door en met nieuwe bewoners. Een andere kerk zorgt ervoor dat er Engelse vertaling is. Allemaal spontaan.

We zijn er nog lang niet, maar het gaat wel goed in Haarlem.”

Willemien Ruygrok

Fotografie: Herman Heijn

Lux & Marcusson | Plein van de vrijheid

Terwijl het publiek nog staat te klappen voor Phaff & The Cowgirls, installeren Lux & Marcusson hun DJ-apparatuur om de rockbandjes af te wisselen met melodische house. De twee jonge studenten van de Music Academy in Haarlem ontmoetten elkaar vier jaar geleden bij de audities van hun studie en ze hebben grote ambities om de housewereld op z´n kop te zetten.

Goed op elkaar ingespeeld duo

Tijdens de set op het Plein van de Vrijheid komen bekende nummers voorbij die gemixt worden met diepe bastonen en fijne melodietjes. Het duo is goed op elkaar ingespeeld, soms zelfs iets te goed, waardoor er in het begin weinig contact met het publiek is. Maar in de loop van het optreden komen zowel de DJ’s als het publiek steeds meer op gang.

Het plein gaat los

Naast de jongeren die lekker mee staan te deinen op de vrolijke beats, trekt de muziek ook het oudere publiek naar het podium toe. Uiteindelijk gaat het gevulde Plein van de Vrijheid helemaal los op de deuntjes van Lux & Marcusson. Het moge duidelijk zijn: we gaan snel meer van dit duo horen.

Door: Tessa Ranzijn en Brecht Visser

Je Suis Energy: Silent Disco | Plein van de Vrijheid

Dit jaar Je Suis Energy: Silent Disco, als afsluiter op het Plein van de Vrijheid. Het recept hiervoor is vrij eenvoudig. Neem een goede plek, omgeven door leuke mensen, geef iedereen een koptelefoon en gaan met die banaan. Het resultaat? Uit je plaat op je favoriete nummer met een lach op het gezicht en een biertje in de hand.

Dik feest waar je energie van krijgt

Je Suis Energy staat voor een dik feest waar je vooral veel energie van krijgt en waarbij interactie niet mag ontbreken. Tijdens de Silent Disco kun je kiezen tussen twee dj’s die op het podium tegen elkaar battlen. Dit alles in het thema: Ridders, bevrijd je prinses! Omgeven door een decor van prinsessen, een koning en een gigantische draak die rook uitblaast.

Ook al is het een silent schouwspel van dansende mensen, het Plein van de Vrijheid sluit absoluut niet stilletjes af.

Door: Isabelle Mulder en Quilfort Frederiks

Yorick van Norden | Plein van de Vrijheid

Het is er klein maar fijn daar op het Plein van de Vrijheid. Op het podium staat Yorick van Norden. Met The Hype won hij in 2006 de Rob Acda Award en werd met deze band in 2011 door 3FM tot Serious Talent gekroond. Nu is hij terug, als soloartiest en met een nieuwe band. En dat klinkt heel lekker.

Kletsen, biertje, danspasje

Het gaat er op het podium melodieus aan toe. De band is goed op elkaar ingespeeld en de meerstemmige zangkoortjes passen goed in het muzikale beeld. Het publiek staat er op zijn gemakje bij; beetje kletsen, biertje erbij en hier een daar een danspasje. Al met al een heerlijk optreden en een mooie afsluiter voor dit podium. Op naar de Silent Disco!

Door: Marianne Platen

 

Mister & Mississippi | Jupiler Podium

Terwijl het veld vol staat met een (overwegend vrouwelijk) publiek, lijkt het net alsof je in je eentje aan het wegdromen bent als je met je ogen dicht naar de eerste klanken van Mister & Missisippi luistert.

De liefde is overal voelbaar

De samenzang van zangeres Maxime en drummer Samgar creëert een sfeer die balanceert tussen melancholie en euforie, waarin het fijn gedijt. Elk nummer kent een sterke opbouw met een volwaardige invulling, waardoor menigeen met open mond achterblijft.
De laatste single We Only Part To Meet Again laat duidelijk bellen rinkelen onder de stelletjes die zich onder het publiek verzameld hebben. De liefde is dan ook overal voelbaar.
Ook al is het tijdstip enigszins discutabel, is Mister & Missisippi er zeker toe in staat het veld van voor tot achter tot op het bot te ontroeren.
Door: Mare van Oosterhout, Vanessa van Zalm, Eva Warner

The Pignose Willy’s | Plein van de Vrijheid

Een enthousiaste aankondiging, een nieuw paar schoenen en een rokerige bluesstem, dit zijn de ingrediënten van het optreden van The Pignose Willy’s op Bevrijdingspop 2015.

Het glas heffen op alle verzetsstrijders

Het is iets rustiger bij dit podium wat zorgt voor een relaxte sfeer en genoeg ruimte om te dansen. Aan het begin van het optreden spotten we al wat voorzichtige danspasjes, hetgeen alleen maar toeneemt tijdens de act. Nadat Joost Varkenvisser het glas heft op alle verzetsstrijders uit de Tweede Wereldoorlog en het publiek persoonlijk toespreekt zit de sfeer er echt goed in. Een fijn zonnetje, een flinke gitaarinzet en een biertje in de hand maakt dit tot een geslaagd optreden, waarbij de eigen heupjes ook flink los zijn gegaan.

Door: Merlijn Knol Ilse Ipenburg

Verbonden door vrijheid | Houtpodium

‘Geen muziek, geen bier, wat doe ik hier!?’ is het eerste wat we vanmiddag horen als we het terrein op lopen. Wat we hier doen is natuurlijk het vieren van alweer 70 jaar vrijheid. Het duidelijkst komt dit naar voren tijdens het 5 voor 5 momentje dat heel Nederland met elkaar verbindt.

Vrijheid wordt uitbundig gevierd

Op twee manieren wordt de nadruk op de vrijheid gelegd: allereerst vertelt een veteraan zijn verhaal om de link met het verleden te leggen en een voormalig vluchteling legt de nadruk op hoe vrijheid ook vandaag de dag nog geen vanzelfsprekendheid is. Na deze belangrijke boodschap hebben Barend en Wijnand, de presentatoren van het Houtpodium, ook nog een grote verrassing: Trijntje Oosterhuis die haar nu al songfestival hit ten gehore komt brengen! De muziek galmt uit de boxen op alle podia, het bier vliegt de tap uit, kortom: de vrijheid wordt uitbundig gevierd op het mooiste festival van Nederland!

Door: Marlijn Knol en Ilse Ipenburg

Orgaanklap | Plein van de Vrijheid

Vandaag staat het Haarlemse park De Hout in het teken van vrijheid. Iets wat Orgaanklap maar al te graag letterlijk neemt. Maak herrie, trek je kleding uit, plak je tepels af met ductape en geniet van al het muziekgeweld wat deze Nederpunkband je met veel liefde toespeelt.

Zijn er echte mannen geboren?

We citeren Oorgaanklap: “In Gevaarlem kun je bij ons een man worden nadat je volledig uit je slip bent gesprongen voor Blaudzun”.  Of er tijdens deze show echte mannen zijn  geboren, trekken we nog even in twijfel. Zeker zijn we van de raggende gitaarriffs, een schreeuwende zanger en vier echte mannen op het podium. Rood besmeurd met verf en enkel in een allesonthullende onderbroek.

Krankzinnige punkmuziek

Orgaanklap werkt aanstekelijk op het publiek van het Plein van de Vrijheid. Er vliegt bier door de lucht en menig hoofd dreund mee op de krankzinnige punkmuziek. Complimenten voor de basist, die ondanks de chaos nog aardig strakke baslijnen weet weg te spelen.

BPOP2015_web_20150505_184738_Marcus van Dam

Door: Quilfort Frederiks en Isabelle Mulder

Schizoid Lloid | Jupiler Podium

Het Plein van de Vrijheid wordt overgenomen door de band die alle vrijheden van muziekstijlen tot zich hebben genomen. Met een bizarre mix van electronica en kneiterharde gitaren onder leiding van strakke drum en harde bassen. De koortjes van Schizoid Lloyd doen soms wat vreemd aan, maar doen het goed in het geheel.

Liefhebbers komen zeker aan hun trekken

Het optreden is zeker niet voor mensen die onbekend zijn met het genre. Maar de liefhebbers komen behoorlijk aan hun trekken. Deze staan er dan ook. Na de eerste 2 melodieuze nummers trekken ze van leer met een hoger tempo en ontstaat er zelfs een kleine pitt. Al met al is het publiek erg enthousiast. Zij heeft gekregen waarvoor ze is gekomen.

Door: Ronald Overbeek en Brigit Lanfermeijer

 

Walta | Plein voor de Vrijheid

Na een onzekere, onstuimige start van het festival heeft het publiek wel zin in een feestje. Na het 5 voor 5 moment, dat wordt afgesloten met de woorden: ‘Vrijheid draait ook om genieten samen met je vrienden!’ komt dj Walta op (echte naam Patrick Walta, Heemskerk 17 april 1991). Zodra hij aan de knoppen zit en de eerste tonen van zijn progressive/electrohouse ten gehore brengt, gaan voorzichtig de eerste handen in de lucht. Vanaf het podium worden er een paar grote plastic strandballen het publiek in gerold, dat geeft meteen een zomerse vibe!

Op zijn tiende ontdekt Walta de muziek

Walta mixt house met herkenbaar spul als ‘Smack my bitch up’ van de Prodigy en het publiek smult. Niet voor niks is de dj in 2012 als winnaar uit de bus gekomen op het James Zabiela DJ Skill competition in Manchester. Al op 10-jarige leeftijd ontdekt Walta zijn talent voor muziek en op zijn 17e staat hij voor het eerst achter de draaitafels. Dat leidt al snel tot boekingen op verschillende festivals, zoals het Meerbeatz festival Hoofddorp (editie 2014).

Focus op de knoppen

Enig minpuntje is dat Walta weinig contact met het publiek maakt. Jammer, want dan had hij kunnen zien hoe dat aan het genieten is van zijn sterke opbouw en goede sound. Maar dat hij zijn focus op de knoppen richt, is misschien maar goed ook. Want naast hem wordt intussen druk opgebouwd en gesoundcheckt. Maar deze laatste act van de Music Academy inHolland blijft fier overeind staan, tot het einde toe.

 

John Coffey | Jupiler-podium

De band is er helemaal klaar voor, het publiek staat vol spanning te wachten. Na het cancelen van deWolff is de hoop nu echt  op John Coffey gericht. De mannen staan voor het podium gezellig wat te kletsen met fans.
Dan komt Mr. Weirdbeard op met David en Alfred om te vertellen dat ’t echt niet gaat gebeuren. De teleurstelling is duidelijk voel- en hoorbaar bij het publiek.
Alfred perst er nog een zangmelodie uit, die door het publiek wordt opgepakt. Maar dan gaan ze toch echt weg, door naar Roermond. Ga ze zeker bekijken ergens in het land, het zal een show zijn die je bij blijft.
Door: Ronald Overbeek en Brigit Lanfermeijer

Op 4 mei om 20.00 uur wordt overal in Haarlem stilgestaan bij de Nederlandse oorlogsslachtoffers en het einde van de Tweede Wereldoorlog, 70 jaar geleden. Op verschillende plaatsen in en rond onze stad nemen mensen twee minuten stilte in acht.

Bij het monument op de Dreef, net buiten het Bevrijdingspop-terrein, is de officiële herdenking met burgemeester Bernt Schneiders. Hier legt het bestuur van Bevrijdingspop ook een krans.

Burgemeester Bernt Schneiders

Burgemeester Bernt Schneiders

Kranslegging door bestuursleden van Stichting Bevrijdingspop

Kranslegging door bestuursleden van Stichting Bevrijdingspop

Fotografie: Ronald Overbeek

Op de Jan Gijzenbrug, waar aan het eind van de oorlog acht verzetsstrijders zijn gefusilleerd,  vindt een herdenking plaats in samenwerking met de scouting.

20150504_180011977_iOS

Bijeenkomst in Haarlem-Noord

Fotografie: Tiemen Soeteman

Danny Komduur organiseert de jaarlijkse herdenkingsbijeenkomst op de Jan Gijzenkade

Op de erebegraafplaats, waar onder anderen Hanny Schaft begraven ligt, vindt in de bijzondere, serene omgeving van de Kennemerduinen een bijeenkomst plaats, in aanwezigheid van enkele oud-verzetsstrijders.

image1(4) image1(3) image1(2) Herdenking op de Erebegraafplaats

Fotografie: Hester Weenink

Isaac Bullock

Naar het tijdschema

Isaac Bullock

Isaac Bullock zorgt op 5 mei voor een te gek optreden op het RabobankPodium tijdens het Bevrijdingspop Kinderfestival! Muziek was werkelijk alles wat deze singer/songwriter van zijn jeugd meenam naar Nederland toen hij in 2000 uit Oeganda vluchtte. Hij weet dus als geen ander dat je je vrijheid moet vieren! Ben jij erbij?

Percussie_1

Naar het tijdschema

Zwaanswijk Percussion

Zwaanswijk Percussion is een initiatief van slagwerker Pepijn Zwaanswijk. Zwaanswijk Percussion combineert de meest toonaangevende instrumenten en ritmes van Brazilië in een dynamische en aanstekelijke workshop. Trommel je mee?

Naar het tijdschema

Yorick van Norden

Als frontman van de beatlesque 3FM Serious Talent (2011) band The Hype maakte hij naam met de radiohit ‘Do You Know?’

Nu is hij terug met solo album ‘Happy Hunting Ground’ bij het befaamde Excelsior label en een nieuwe band die bestaat uit muzikanten zoals Maarten Kooijman (Johan, Anne Soldaat), Diets Dijkstra (Johan), Kees Schaper (Tim Knol, Tangarine, The Miseries) en Arjen de Bock (Bewilder, Wooden Saints). Een betere dwarsdoorsnede van de Nederlandse indie popscene kun je haast niet krijgen!